In 2025 zette de Chinese auto-industrie haar wereldwijde opmars kracht bij. De totale productie steeg met 10% ten opzichte van 2024 en bereikte 34,78 miljoen voertuigen. Die groei ging gepaard met een indrukwekkende omzet van naar schatting 11.179 miljard yuan, goed voor zo’n 1,344 miljard euro.
Nu de binnenlandse markt verzadigd raakt, leunt de groei van de Chinese auto-industrie steeds meer op export. In 2025 voerde China 8,32 miljoen voertuigen uit, een stijging van 30% ten opzichte van het jaar ervoor. Opvallend is het aandeel elektrische voertuigen (NEV’s): 3,43 miljoen stuks, een indrukwekkende groei van 70%, en daarmee fors hoger dan in 2024.
Winstgevende industrie
Deze wereldwijde expansie past in een economisch model dat draait op volume, niet op marge. In 2025 behaalde de Chinese auto-industrie een totale winst van 461 miljard yuan, ongeveer 55,4 miljard euro. De gemiddelde winstmarge per voertuig lag op 4,1%, lager dan het Europese gemiddelde van 6,7%, maar ruim voldoende om een agressieve exportstrategie te ondersteunen.
Tot de belangrijkste spelers behoren gevestigde namen als BYD, Geely, Chery en Great Wall Motor, terwijl nieuwkomers als Leapmotor, XPeng, Nio en Xiaomi Auto gestaag aan industrieel gewicht winnen. Dankzij deze brede en solide basis kunnen Chinese fabrikanten de dalende exportprijzen beter opvangen, met een gemiddelde prijs die daalde van 18.000 dollar in 2024 naar 16.000 dollar in 2025.
Europa: een cruciale markt
Tegen deze achtergrond blijft Europa een topprioriteit voor de Chinese auto-industrie. De markt is weliswaar fragiel, maar biedt enorm potentieel, vooral voor modellen met een scherpe prijsstelling. In 2025 werden in de EU 10,82 miljoen nieuwe auto’s geregistreerd, een stijging van 1,8%. Toch ligt dat cijfer nog ver onder het pre-coronaniveau van 15 miljoen.
Toch verloopt het herstel erg ongelijk. Spanje noteert een stevige groei van 12,9%, Duitsland stabiliseert lichtjes met +1,4%, terwijl Frankrijk (-5%), Italië (+2,1%) en België (-7,5%) achterop hinken. In dit klimaat van beperkte volumes winnen Chinese merken vooral terrein ten koste van gevestigde autobouwers.
MG en BYD versnellen
Sommige Chinese merken hebben al flinke mijlpalen bereikt. MG, onderdeel van de SAIC-groep, registreerde in 2025 maar liefst 211.000 voertuigen in Europa. Een stijging van 33,9%. Daarmee komt het marktaandeel op 1,9%, goed voor een plek boven Nissan en net onder Volvo. Ook BYD maakte een indrukwekkende sprong: de fabrikant uit Shenzhen zag zijn Europese verkoop meer dan verdrievoudigen (+233%) tot 129.000 registraties in één jaar tijd.
Naast deze twee koplopers winnen ook andere Chinese merken terrein. Chery heeft via Omoda en Jaecoo al voet aan de grond in Zuid-Europa en staat op het punt de Franse markt te betreden. Leapmotor profiteert van industriële en commerciële steun van Stellantis, terwijl Xpeng gestaag aan naamsbekendheid wint in Europa.
Elektrisch en plug-inhybrides: de hefbomen
In 2025 waren volledig elektrische voertuigen goed voor 17,4% van alle nieuwe registraties in Europa: een stijging van 3,8 procentpunten in één jaar tijd. Duitsland (+43%) en Spanje (+77%) trekken de groei, terwijl Frankrijk een stijging van 12,5% noteert, mede dankzij het succes van sociale leasing.
Plug-inhybrides (PHEV’s) beleven tegelijk een sterke heropleving, met 1,015 miljoen verkochte exemplaren in 2025, een stijging van 33,4%. Dit segment wordt volop benut door Chinese merken, die zo de Europese invoerheffingen, die enkel gelden voor volledig elektrische voertuigen, voorlopig weten te omzeilen. Maar dat voordeel zou wel eens van korte duur kunnen zijn. In landen als Frankrijk, België en Denemarken is de trend omgekeerd: daar daalt de populariteit van plug-ins juist duidelijk.
België, een draaischijf
België speelt een sleutelrol in de strategie van Chinese autobouwers. In 2025 behoorde het tot de tien grootste importeurs van Chinese voertuigen wereldwijd, met 300.103 ingevoerde wagens, goed voor een opvallende zevende plaats op de wereldranglijst.”
België is inmiddels de grootste importeur ter wereld van Chinese elektrische voertuigen, met 284.921 NEV’s, vóór het Verenigd Koninkrijk en Mexico. Die prominente positie dankt het land aan zijn rol als logistiek knooppunt, via de havens van Antwerpen en Zeebrugge, die fungeren als distributiehubs voor heel Europa. Natuurlijk moeten de ruwe cijfers in context worden geplaatst: België blijft vooral belangrijk zolang Chinese fabrikanten nog geen eigen productiefaciliteiten op Europese bodem hebben. Maar dat zal niet lang meer duren.

