Al tientallen jaren koestert Renault het concept van de ‘voiture à vivre’, een auto die in de eerste plaats ontworpen is voor het comfort en de flexibiliteit van de passagiers. Met de R-Space Lab herinterpreteert de Franse constructeur die filosofie in het elektrische tijdperk. De concept car kiest voor de architectuur van een moderne monovolume, een formaat dat ooit het handelsmerk van het merk was met modellen zoals de Espace en de Scénic.
Met een lengte van ongeveer 4,5 m en een hoogte van 1,5 m heeft het concept compacte proporties die tegelijk geoptimaliseerd zijn voor de binnenruimte. Zijn vloeiende silhouet valt op door een erg korte motorkap, een ver naar voren geplaatste voorruit en een gebogen daklijn die eindigt in een bijna verticale achterruit. Grote wielen en uitgesproken wielkasten geven dit typisch familiale profiel een dynamisch accent.
Het design is ook geïnspireerd op recente concept cars van het merk, zoals de Emblème, met scherp getekende oppervlakken en een futuristische lichtsignatuur. Maar in tegenstelling tot sommige puur stilistische prototypes gebruikt de R-Space Lab ook elementen die dicht bij serieproductie staan, vooraan en achteraan.
Leefruimte
Hoewel het exterieur de aandacht trekt, vormt vooral het interieur het hart van het project. Renault bedacht een licht en modulair interieur dat zich kan aanpassen aan tal van dagelijkse situaties.
Het dashboard wordt gedomineerd door een groot panoramisch openR-scherm dat over de volledige breedte loopt. Dat versterkt het hightechkarakter en maakt tegelijk meer ruimte vrij. Het stuur heeft een yoke-vorm en werkt met steer-by-wire, dus zonder mechanische verbinding met de wielen.
De binnenarchitectuur zet sterk in op moduleerbaarheid. Achterin staan drie individuele zetels met identieke breedte die kunnen schuiven en kantelen, wat heel wat configuraties biedt. De neerklapbare rugleuningen en opklapbare zittingen maken het bijvoorbeeld mogelijk om genoeg ruimte vrij te maken voor een fiets of andere grote voorwerpen.
De voorste passagierszetel kan bovendien tot aan de tweede zitrij naar achteren schuiven om het contact met passagiers of kinderen achterin te vergemakkelijken. Het multifunctionele handschoenkastje kan zelfs veranderen in een beensteun, zodat er een echte ontspanningsruimte ontstaat.
Technologisch uithangbord
Zoals zijn naam al doet vermoeden, fungeert de R-Space Lab ook als laboratorium voor verschillende veiligheids- en rijhulpsystemen. Een daarvan is een geïntegreerde alcoholtester in de auto, bedoeld om jonge bestuurders bewust te maken en de verkeersveiligheid te verbeteren.
Het concept beschikt ook over een ingebouwde kunstmatige intelligentie die kan optreden als digitale copiloot. Die AI-assistent kan rijadvies geven, bepaalde functies van de auto uitleggen of gepersonaliseerde aanbevelingen doen aan de bestuurder.
Nieuw platform
Onder zijn koetswerk introduceert de R-Space Lab het toekomstige platform RGEV Medium 2.0, dat vooral ontwikkeld is voor elektrische voertuigen. Deze architectuur kan een grote batterij huisvesten, goed voor een rijbereik dat in sommige configuraties tot ongeveer 800 km kan oplopen.
Renault voorziet ook de mogelijkheid van een range extender: een kleine verbrandingsmotor die als generator dient om de batterij op te laden. In alle gevallen gebeurt de aandrijving door een elektrische motor van een nieuwe generatie die zo’n 266 pk ontwikkelt, goed voor een stijging van ongeveer 25% tegenover de huidige motoren van het merk.
Voor 2028
Renault presenteert de R-Space Lab officieel als een verkenning van de auto’s van de jaren 2030. Toch zullen verschillende technische elementen veel vroeger op de markt verschijnen, namelijk met de introductie van het nieuwe elektrische platform rond 2028.
Dit concept kan dus een voorbode zijn van de volgende generatie grote gezinsmodellen van het merk, en misschien zelfs van een terugkeer naar een meer authentieke interpretatie van de monovolume, in een markt die vandaag sterk gedomineerd wordt door SUV’s.

