Het Europees Openbaar Ministerie: een druppel op een hete plaat?

De Roemeense Laura Codruta Kovesi is de eerste openbaar aanklager van de EU. (AP Photo/Vadim Ghirda, File)

Na jaren gepalaver werd deze week eindelijk het “Europees Openbaar Ministerie” (EOM) ingehuldigd. Deze EU-instelling heeft als taak het bestrijden van strafbare feiten die de financiële belangen van de Unie schaden, oftewel het tegengaan van fraude met EU-geld. 

Een vijftal lidstaten besloot evenwel om buiten deze vorm van EU-samenwerking te blijven: Denemarken, Zweden, Ierland, Polen en Hongarije. Daar valt wel iets voor te zeggen, aangezien zoiets gevoeligs als justitie aan een supranationaal niveau toevertrouwen en waar de democratische controle beperkt blijft niet evident is. Aan de andere kant zijn de taken van de nieuwe instelling gelimiteerd tot het aanpakken van een bijzonder groot pijnpunt op EU-niveau: fraude en misbruik met Europese fondsen. Tot dusver moeten nationale judiciële instanties bij grensoverschrijdende zaken tijdrovende rechtshulpprocedures doorlopen, wat nu voor het ‘EOM’ wordt vereenvoudigd.

De nieuwe instelling kreeg onmiddellijk al een belangrijke zaak toegewezen door het Tsjechische openbaar ministerie, dat vroeg om onderzoek te doen naar mogelijk misbruik van EU-gelden door niemand minder dan de Tsjechische Premier, Andrej Babiš, wiens partij nota bene lid is van dezelfde groep in het Europees Parlement als die van Open VLD, de Duitse liberale FDP en de Franse President Macron.

Het valt te bezien wat hiervan zal komen, want andere pogingen om fraude met EU-gelden tegen te gaan faalden tot dusver spectaculair. 

Het voormalige Oostblok

Zeker in het voormalige Oostblok zijn er talloze berichten over misbruik met EU-fondsen, waarbij de New York Times bijvoorbeeld berichtte hoe de Hongaarse Premier Orban het Europese manna gebruikt om zijn machtsbasis uit te breiden. Volgens de krant ‘gebruikt hij Europese subsidies om een patronagesysteem uit te bouwen waarbij zijn vrienden en familie worden verrijkt, zijn politieke belangen worden beschermd en zijn rivalen worden gestraft’. Zeker de schoonzoon van Orban blijft maar in het nieuws komen met dergelijke verhalen. Hij zou zo maar even 600.000 euro hebben ontvangen van de EU voor zijn landbouwonderneming. Volgens het Hongaarse Europarlementslid Katalin Cseh ‘is het bewezen door EU-onderzoek dat hij op frauduleuze wijze fondsen verwierf’. 

Gelijkaardige verhalen zijn schering en inslag, zeker in die lidstaten waar volgens experts bij de transitie uit de communistische dictatuur veel bij het oude bleef, met name Roemenië en Bulgarije. In dat laatste land leed de regering van Boyko Borissov trouwens een zware verkiezingsnederlaag, na maandenlange protesten tegen corruptie en een systeem waarbij het openbaar ministerie zou worden misbruikt om politieke rivalen te bestrijden.

Het “rechtsstaatmechanisme”

Verleden jaar kwamen de Europese leiders overeen om een zogenaamd “rechtsstaatmechanisme” in het leven te roepen, wat bedoeld is om inbreuken op de rechtsstaat door nationale regeringen te bestrijden, waarbij er als sanctie ook EU-geld kan worden onthouden.

De vraag is of dit realistisch is. Europese leiders die elkaar de les gaan lezen en dergelijke verregaande maatregelen nemen, is iets wat bijzonder gevoelig ligt. Het gaat volledig in tegen de geplogenheden van internationale diplomatie. Hongarije en Polen, die zich met hand en tand tegen het mechanisme hebben verzet, slaagden er uiteindelijk in de activering van het mechanisme al zeker uit te stellen tot na de Hongaarse verkiezingen van 2022. Daarbij spant de Europese Commissie zich ook in om te wachten met de activering tot na een gerechtelijke uitspraak door het Hoogste EU-Hof, iets wat juridisch niet zo evident is. 

Niettemin zijn er nog meer EU-transfers op komst

Ondanks het feit dat de West-Europese regeringen zich bewust zijn van het probleem van misbruik met EU-gelden, kwamen ze verleden jaar niettemin overeen om bovenop de Europese meerjarenbegroting van 1100 miljard euro nog maar eens een Europees ‘herstelfonds‘ van 800 miljard euro in het leven te roepen – met nog wat extra miljarden in het kader van een andere nieuw EU-miljardenfonds van 100 miljard euro, ‘SURE‘, dat specifiek werkloosheid moet gaan bestrijden. 

Dit alles leidt er toe dat bijvoorbeeld Bulgarije, samen met Kroatië en Griekenland bij de grootste ontvangers per capita van het nieuwe herstelfonds, de komende jaren zo maar even het equivalent van 35% van het Bulgaarse bbp aan EU-steun zal ontvangen – inclusief geld uit de meerjarenbegroting van de EU. 

De fraude met EU-fondsen is in elk geval veel groter dan de officiële cijfers van de EU aangeven, aangezien het de lidstaten zijn die doorgeven hoe groot het probleem is. Bovendien situeert het probleem zich niet enkel in Oost-Europa. Volgens een studie van de Italiaanse Centrale Bank zorgen EU-fondsen voor een ondersteuning van de georganiseerde misdaad in het land. En volgens de Italiaanse gerechtelijke autoriteiten zou de maffia al helemaal voorbereid zijn om de fondsen van het nieuwe Europese herstelfonds af te romen. 

Dat fonds werd net in alle nationale parlementen van de EU goedgekeurd, dus nu kan de EU de miljarden gaan lenen op internationale markten, iets waar de lidstaten dus borg voor staan. Enkel in Finland verliep de goedkeuring moeizaam, ook al omdat daar een twee derde meerderheid voor nodig is. 

Overal in de EU gingen regeringspartijen al bij al vlot mee in de goedkeuring van dit nieuwe fonds, dat de komende jaren miljarden en miljarden zal gaan overhevelen naar overheden met bijzonder groot probleem van corruptie en wanbeheer, zonder dat er een mechanisme bestaat dat al bewezen heeft daar iets aan te doen. 

Deze week introduceerden de Verenigde Staten sancties tegen een aantal machtige Bulgaren, alsook tegen meer dan 60 Bulgaarse juridische entiteiten, in de strijd tegen de georganiseerde misdaad.  Politico beschreef de maatregel als “genant” voor de EU, aangezien veel van de corruptieschandalen waarbij oligarchen zijn betrokken met Europese fondsen gebeuren. Net op het moment dat dit gebeurt, kondigde de Europese Commissie trots aan dat ze miljarden gaat lenen om dus naar lidstaten als Bulgarije over te hevelen.

Ijdele hoop?

Misschien doet het Europees Openbaar Ministerie hier uiteindelijk wel iets aan, maar politiek is er alvast veel weerstand. De nieuwe instelling vroeg een budget van 56 miljoen euro voor 2021, en kreeg maar 44,9 miljoen euro. 

In Slovenië nam de Minister van Justitie dan weer ontslag omdat de regering moeilijk deed over de nominatie van magistraten voor het EOM, iets wat ook in Bulgarije heel wat voeten in de aarde heeft, aangezien 7 van de 10 kandidaten die door de Bulgaarse regering werden voorgedragen door het EOM werden afgewezen als ‘niet geschikt’. Als gevolg, is er bij de start te weinig Bulgaars personeel.

Het is dus maar de vraag of het Europees Openbaar Ministerie geen druppel op een hete plaat is, als gevolg van gebrekkige samenwerking door die EU-lidstaten waar veel van de corruptie met Europese fondsen plaatsvindt. 


De auteur Pieter Cleppe is hoofdredacteur van BrusselsReport, een nieuwe webstek die zich richt op nieuws en analyse met betrekking tot EU-politiek.

Twitter: @pietercleppe