Gaat de zon onder voor het ooit zo rijke Chinese voetbal?

CHINE NOUVELLE/SIPA/Isopix

Ex-Rode Duivels Fellaini en Dembélé kregen tot voor kort 10 miljoen euro per jaar bij hun club in China. Hallucinante bedragen voor een competitie die nauwelijks bekeken wordt door het algemene voetbalpubliek. In 2019 lanceerde de Chinese FA een regel waardoor die lonen een pak lager zouden moeten liggen. Nu blijkt dat enkele clubs deze regels niet al te strikt volgen.

Voetbal in China heeft sinds 2019 een enorme transformatie gekend. Hoewel wereldbekende spelers als Witsel, Carrasco en Oscar de competitie verlieten, roept de Chinese competitie toch op om de clubs te blijven steunen, zowel aan de sponsoren als aan de fans. De competitie is in enkele jaren heel wat aantrekkelijkheid verloren. Miljoenendeals werden geschrapt, clubs verloren overheidssteun en toen de huidige kampioen Jiangsu FC liet weten dat ze de stekker er uit trokken, viel het kaartenhuis in elkaar.

Financiële strijd

Toen de Chinese overheid in 2015 een plan de wereld instuurde om tegen 2050 een voetbalgrootmacht te worden, ontstond er een hele discussie in voetballand. De rijkste ploegen investeerden miljarden in infrastructuur en spelers (zoals Guangzhou FC) en boekten ook heel wat goede resultaten in de afgelopen jaren. Logischerwijze waren er ook heel wat ploegen die de financiële middelen niet hadden en dus onderaan het klassement kampeerden.

Het valt best goed te vergelijken met hoe het er aan toegaat in het westerse voetballandschap. Daar zijn de rijkste clubs (Manchester City, PSG en Bayern München) ook tientallen keren meer welvarend als andere clubs in hun competitie, waardoor ze jaar na jaar bijna elke prijs pakken die er te pakken valt. Het enige verschil is dat die Europese clubs veel meer verdienen aan tv-rechten, merchandising en tickets. De Chinese clubs verdienen op dat vlak veel minder, en draaien over het algemeen dus ook veel meer verlies. In extreme gevallen gaat het over uitgave die 10 keer zo groot is als de inkomsten.

Buitenlandse supersterren

Sinds de hervormingen in 2015 is er dus heel wat aanzien voor spelers uit de Europese competitie. Niet enkel zijn het spelers die sportief betere prestaties leveren, ze zorgen ook voor extra aandacht bij het algemene publiek. Een speler als Carrasco of Oscar, die in de voetbalwereld toch redelijk bekend zijn, zorgde er dus voor dat er veel meer tickets verkocht werden. Met de keerzijde dat deze spelers ook veel beter betaald worden als de Chinese voetballers die voor veel minder publiciteit zorgen. Oscar verdiende bij Shanghai Port FC een twintig miljoen euro per jaar terwijl zijn Chinese ploegmakker het moest doen met 500.000 per maand.

Die supersterren waren dus de grootste inkomstenbron voor de clubs maar kostte ook wel tot 70 procent van de jaarlijkse uitgave van de club. Hoewel de meeste clubs nu wel het geld hebben om te investeren in eigen jeugdacademies, gaat het meeste geld nog steeds naar buitenlandse spelers.

Omdat bijna alle clubs rekenen op de financiële steun van hun investeerders, hing hun succes ook samen met de financiële situatie van de investeerder. Het noodlot sloeg dus toe voor Chinese kampioen Jiangsu FC, want hoewel ze de competitie hadden gewonnen, hadden ze geen middelen om de club te blijven financieren en moesten ze noodgedwongen stoppen. Niemand had interesse in een club die volledig in het rood stond en toen de beste spelers vertrokken naar rivaliserende clubs, ging het licht uit.

Nationale regulatie

In 2019 probeerde de Chinese voetbalfederatie een stokje te steken voor het financiële steekspel. De befaamde ‘four caps’ moesten een einde betekenen aan de eindeloze uitgaven, financiële injecties en transfers. Buitenlandse spelers zouden maximum 3 miljoen euro per jaar mogen verdienen en binnenlandse spelers nog 641.000 duizend euro. De ‘wage gap’ tussen binnen- en buitenlandse spelers wordt dus veel kleiner gemaakt.

In theorie zou dit dus een goed begin zijn om de competitie eerlijker maken, als de clubs de regels zouden volgen dan toch. Toch houden veel nieuwe clubs zich niet aan de regels, zonder concrete consequenties. Het zal zeker zijn tijd nodig hebben om echte resultaten te zien van de nieuwe regels maar het is toch weer duidelijk dat de onduidelijkheid over de regels al snel misbruikt worden door de rijkste ploegen.

(jvdh)