Voedselprijzen stegen afgelopen 15 jaar sneller dan in buurlanden

Tussen 2005 en 2020 was de voedselinflatie in ons land gemiddeld hoger dan in onze buurlanden. Dat bleek vrijdag uit een trendanalyse door het Prijzenobservatorium. Vooral brood, granen, alcohol en tabak droegen bij tot die relatief hoge gecumuleerde inflatie in België.

Sinds 2017 en tot voor kort was de cumulatieve voedselprijsinflatie in België lager dan in de buurlanden. Maar over de gehele periode is de algemene index van levensmiddelen in België jaarlijks gemiddeld met 2,5 procent gestegen. In Duitsland en Nederland bedroeg de gemiddelde groei 2,2 procent per jaar, in Frankrijk 1,8 procent. Als we het jaar 2020 vergelijken met het jaar 2005, bedroeg de voedselinflatiegroei 45,2 procent in België, 38,5 procent in Duitsland, 38,7 procent in Nederland en 33,1 procent in Frankrijk.

Prijsverloop

Het prijsverloop verschilt vooral in drie periodes: twee periodes met stijging van het prijsverschil ten nadele van België (september 2006 – juni 2009 en juli 2015 – december 2016), en een afname van het inflatieverschil tussen januari 2019 en juni 2020.

Verschillende productgroepen verklaren die stijging. Voor de periode september 2006 – juni 2009 was dat de groep brood en granen, voor de periode juli 2015 – december 2016 de groepen alcoholhoudende dranken en tabak. De groepen groenten en vlees lagen aan de basis van het afnemende inflatieverschil tussen januari 2019 en juni 2020.

Ook andere factoren speelden een rol in de inflatieverschillen: wijzigingen in de belastingtarieven, maar ook factoren die verband houden met de structuur van de voedselconsumptie, en dus invloed hadden op de weging van de verschillende producten bij de berekening van de indexcijfers.

Lees ook:

Meer
Markten
Mijn Volglijst
Markten
BEL20