Komt ‘ecocide’ in het internationaal strafrecht? ‘Daders milieumisdaden moeten voor Internationaal Strafhof verschijnen’

Verantwoordelijken van grote bosbranden in onder meer het Amazone-gebied kunnen in de toekomst mogelijk voor het Internationaal Strafhof worden gedaagd. – Edmar Barros/AP

Een panel advocaten werkt aan een regelgeving die van ecocide, een concept dat de vernietiging van ecosystemen omschrijft, een afzonderlijk onderdeel van de internationale wetgeving zou maken. Daders zouden zich daarbij mogelijk voor het Internationaal Strafhof in Den Haag moeten verantwoorden. Het initiatief heeft al steun gekregen van verscheidene Europese landen, waaronder België, gekregen.

Ook een aantal eilandstaten die gevaar lopen door de stijgende zeespiegel te zullen verdwijnen, zoals Vanuatu en de Malediven, sturen op de introductie van ecocide in de internationale strafwetgeving aan.

Oorlogsmisdaden

Het panel dat de nieuwe wetgeving voorbereidt, wordt voorgezeten door de Britse rechtendocent Philippe Sands en Florence Mumba, een voormalig rechter bij het Internationaal Strafhof (ICC). Bedoeling is het opstellen van een juridische definitie van ecocide, die een aanvulling zou vormen op andere internationale delicten, zoals misdaden tegen de menselijkheid, oorlogsmisdaden en genocide. De juristen zouden hun werk tegen begin volgend jaar willen afronden.

Het project is, op verzoek van Zweedse parlementariërs, opgestart door de Stop Ecocide Foundation. Het startschot voor het werk werd eerder deze maand gegeven naar aanleiding van de 75ste verjaardag van de opening van de Processen van Nürnberg, waar een groep topfiguren van Nazi-Duitsland wegens oorlogsmisdaden werden vervolgd.

Eerder had het Internationaal Strafhof al beloofd prioriteit te geven aan misdrijven die resulteren in vernietiging van het milieu, exploitatie van natuurlijke hulpbronnen en illegale landinnames.

In een beleidsnota vier jaar geleden benadrukte de instelling haar rechtsmacht niet formeel uit te breiden, maar bestaande concepten – zoals misdaden tegen de menselijkheid, in een bredere context zou toepassen en beoordelen. Tot dusver heeft dit echter nog niet tot formele onderzoeken of beschuldigingen geleid.

‘De tijd is rijp om de kracht van het internationaal strafrecht te benutten om ook het wereldwijde leefmilieu te beschermen,’ aldus professor Sands. ‘Ik hoop dat het panel in staat zal blijken om een definitie te smeden die praktisch, effectief en duurzaam werkt.’ Hij voegt eraan toe tevens te hopen dat het concept de steun zou krijgen om een wijziging in het statuut van het Internationaal Strafhof te kunnen realiseren.

Uitdaging

Jojo Mehta, voorzitter van de Stop Ecocide Foundation, wijst op het belang van het Internationaal Strafhof. ‘Landen die de instelling hebben geratificeerd, zullen ecocide ook in hun nationale wetgeving moeten opnemen,’ aldus Mehta. ‘Hierdoor zouden er vele opties worden gecreëerd om daders van milieumisdaden over de hele wereld te vervolgen.’

‘Het wordt voor het panel wel een grote uitdaging om een optimale definitie van ecocide uit te werken,’ zegt Mehta nog. ‘Ecocide is immers veel meer dan het omhakken van één boom op een dorpsplein. Er moet sprake zijn van een massale, systematische of wijdverbreide vernietiging van ecosystemen.’

‘Voorbeelden zijn een illegale ontbossing van het Amazone-gebied, illegale visvangst of olielozingen. De ernst van de feiten moet immers op hetzelfde niveau staan als de andere wreedheden die door het Internationale Gerechtshof worden onderzocht.’