Key takeaways
- Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft geoordeeld dat België de mensenrechten van vier asielzoekers heeft geschonden door hen geen onderdak te bieden.
- België riskeert financiële sancties omdat het gerechtelijke bevelen tot het verstrekken van opvang en bijstand aan die kwetsbare personen heeft genegeerd.
- De uitspraak onderstreept de dringende noodzaak voor België om zijn wettelijke verplichtingen na te komen en een humane behandeling van alle asielzoekers te waarborgen.
Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft geoordeeld dat België vier asielzoekers aan vernederende behandeling heeft blootgesteld door hen geen onderdak te bieden, ondanks wettelijke verplichtingen.
Harde leefomstandigheden
Deze personen, afkomstig uit Angola, Guinee, China en Kameroen, kwamen in 2022 naar België op zoek naar internationale bescherming. Zij beweren dat zij maandenlang gedwongen waren op straat in Brussel te leven, waar zij de strenge wintermoeilijkheden moesten doorstaan zonder toegang tot basisbehoeften of sanitaire voorzieningen.
Hoewel de Arbeidsrechtbank van Brussel definitieve bevelen had uitgevaardigd waarin de Belgische staat werd opgedragen hen onderdak en materiële bijstand te verlenen, werden die uitspraken niet volledig uitgevoerd. De rechtbank oordeelde dat de Belgische autoriteiten verantwoordelijk waren voor de erbarmelijke leefsituatie van de verzoekers en bekritiseerde de onredelijke vertraging bij de uitvoering van de rechterlijke beslissingen.
Geldboetes
Bovendien zijn de dagelijkse dwangsommen die aan België zijn opgelegd wegens het niet naleven van de gerechtelijke bevelen nog steeds niet betaald.
Het Hof concludeerde unaniem dat België artikel 3 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, dat vernederende behandeling verbiedt, en artikel 6, dat het recht op een eerlijk proces garandeert, heeft geschonden. Als gevolg daarvan is België veroordeeld tot het betalen van een schadevergoeding variërend van 5.070 tot 12.350 euro aan de verzoekers.
Politieke reacties
Anneleen Van Bossuyt (N-VA), minister van Asiel en Migratie, verdedigde het gebrek aan betrokkenheid van haar partij bij de situatie, aangezien zij in 2022 in de oppositie zat. Zij wees op de hervormingen die sindsdien zijn doorgevoerd om te zorgen voor voldoende opvangplaatsen.
Recente kritiek van het Grondwettelijk Hof en de Raad van State zet echter vraagtekens bij het besluit van de minister om de bijstand voor personen die bescherming genieten in andere EU-landen stop te zetten. Zij stellen dat die maatregel kwetsbare personen blootstelt aan het risico van dakloosheid en armoede.
Bovendien hebben bijna 500 medewerkers van Fedasil, de instantie die verantwoordelijk is voor de opvang van asielzoekers, de acties van de minister publiekelijk veroordeeld en haar beschuldigd van het schenden van de rechtsstaat en de menselijke waardigheid. (fc)
Volg Business AM ook op Google Nieuws
Wil je toegang tot alle artikelen, geniet tijdelijk van onze promo en abonneer je hier!

