Key takeaways
- De inflatie blijft naar verwachting relatief hoog met 3,4 procent in 2026.
- De overschrijding van de spilindex in 2026 zorgt voor een stijging van sociale uitkeringen en ambtenarenlonen.
- Om inflatie te verslaan, zoeken veel mensen naar beleggingen zoals vastgoed, ondanks de bijkomende risico’s.
Het Federaal Planbureau voorspelde dinsdag dat de inflatie in België in 2026 gemiddeld 3,4 procent zal bedragen, na een periode van aanzienlijke volatiliteit waarin de inflatie eind 2022 een piek bereikte van 12,27 procent en tegen september 2025 daalde tot ongeveer 2 procent.
Verder vooruitkijkend suggereerde de prognose een percentage van 2,9 procent voor 2027, terwijl eerdere cijfers uitkwamen op 3,14 procent in 2024 en 2,47 procent in 2025. Parallel hieraan zal de gezondheidsindex naar verwachting met gemiddeld 3,2 procent stijgen in 2026 en met 3,1 procent in 2027.
Internationale prijsevoluties
Naast de Belgische inflatievooruitzichten spelen ook internationale prijsevoluties een rol in de bredere inflatiedynamiek. Zo wijzen recente gegevens van de Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties op een stijging van de wereldwijde voedselprijzen, onder meer door hogere prijzen voor granen, vlees en plantaardige oliën. Dergelijke ontwikkelingen kunnen de prijsdruk op basisproducten voor consumenten verder ondersteunen.
Die bredere prijsevoluties werken door in de binnenlandse inflatiedynamiek en hebben uiteindelijk ook gevolgen voor lonen en uitkeringen via het indexeringssysteem.
Salarissen en sociale uitkeringen
De economische trends hebben via het pivotindexsysteem een directe invloed op de sociale uitkeringen en de salarissen bij de overheid. Uitgaande van een referentiejaar 2025 zal de index naar verwachting in juni 2026 worden overschreden, wat aanpassingen in september 2026 tot gevolg heeft.
Door de “centenindex”-regels zal een stijging van 2 procent alleen van toepassing zijn op specifieke schijven: tot 2.000 euro bruto per maand voor sociale uitkeringen en tot 4.000 euro voor ambtenaren. Naar verwachting zullen de volgende indexdrempels worden bereikt in december 2026 en oktober 2027.
Strijd om koopkracht
Voor de gemiddelde burger wijzen de prognoses op een aanhoudende uitholling van de koopkracht. Om te voorkomen dat het vermogen in reële termen slinkt, moet het vermogen groeien in een tempo dat gelijk is aan of hoger ligt dan de inflatie.
Traditionele spaarmethoden schieten echter vaak tekort. Hoewel het aanhouden van een liquide noodfonds op een spaarrekening essentieel is voor onvoorziene kosten, kunnen de huidige toprentepercentages – die rond de 2 procent liggen – een inflatiepercentage van 3,4 procent niet compenseren. Ook termijndeposito’s, waarbij geld voor een vaste periode wordt vastgezet, bieden doorgaans geen rendement dat hoog genoeg is om dit waardeverlies tegen te gaan.
Beleggingsalternatieven
Om een hoger rendement te behalen, kunnen particulieren overwegen om te beleggen, hoewel dit meer onzekerheid en risico met zich meebrengt. Hoewel langetermijnbeleggingen potentieel beter kunnen presteren dan standaard spaarproducten, is hun toekomstige rendement nooit gegarandeerd.
Een concrete optie is beleggen in vastgoed, zoals het kopen van woningen aan de kust. Dergelijke activa kunnen een combinatie van huurinkomsten en waardestijging op lange termijn opleveren, vooral in toeristische gebieden waar veel vraag is. Toch brengt die weg aanzienlijke risico’s met zich mee. Potentiële beleggers moeten rekening houden met de mogelijkheid van leegstand, schommelingen in de marktvraag en de hoge kosten van renovaties, met name voor panden met een slechte energielabel. Bovendien is onroerend goed een illiquide activa, wat betekent dat het aanzienlijke tijd kan kosten om te verkopen, en het beheer van het onroerend goed vereist aanzienlijke administratieve inspanningen of extra kosten voor een professionele beheerder.
Volg Business AM ook op Google Nieuws
Wil je toegang tot alle artikelen, geniet tijdelijk van onze promo en abonneer je hier!

