Key takeaways
- De EU streeft naar een exportplafond van 15 procent voor Chinese hybride auto’s om de-industrialisatie van de binnenlandse markt te voorkomen.
- Toenemende handelstekorten en door de staat gestuurde subsidies zorgen voor een grote economische ongelijkheid tussen de twee grootmachten.
- Brussel streeft naar een ‘de-risking’-strategie om toeleveringsketens te diversifiëren zonder de banden volledig te verbreken.
De Europese Unie probeert momenteel haar handelsbetrekkingen met China te stabiliseren om een escalerend handelsconflict te voorkomen. Centraal in deze inspanningen staat een verzoek aan Peking om de export van hybride voertuigen vrijwillig te beperken. Brussel stelt daarbij een marktaandeel van maximaal 15 procent voor Chinese hybride voertuigen binnen de EU voor. De onderhandelingen staan onder leiding van EU-commissaris voor Handel Maros Sefcovic en moeten tegen oktober tot een oplossing leiden.
Deze strategische zet komt voort uit de vrees voor verdere deïndustrialisatie in Europa en een verzadiging van de Europese markt door Chinese import. Vooral de batterij- en chemische sectoren staan daarbij centraal.
Toenemende economische asymmetrie
Economisch gezien wordt de relatie gekenmerkt door een duidelijke asymmetrie. China blijft een cruciale handelspartner en is de op één na grootste handelspartner van de EU voor goederen. Tegelijkertijd is het handelstekort sterk toegenomen.
Volgens de meest recente cijfers van de Europese Commissie bedroeg het tekort op de goederenhandel in 2025 ongeveer 359,9 miljard euro. Het tekort is daarmee in tien jaar tijd meer dan verdubbeld in waarde. In volume nam het verschil tussen import en export in die periode wel meer dan vijf keer toe.
De EU behoudt daarnaast een overschot op de dienstenhandel met China. Dat voordeel neemt echter af. Ook de Europese investeringen in China blijven onder druk staan.
Complex strategisch partnerschap
Het handelsbeleid van de EU tegenover China is veelzijdig. China wordt tegelijkertijd gezien als samenwerkingspartner, economische concurrent en systemische rivaal. Brussel heeft ernstige bezorgdheid geuit over het door de staat gestuurde industriebeleid van China.
Volgens de Europese Commissie leidt dat beleid tot overcapaciteit en verstoringen op de wereldmarkt. Het IMF heeft eveneens gewezen op de gevolgen van China’s industriële beleid voor handelspartners. Europese functionarissen stellen dat subsidies kunnen leiden tot oneerlijke concurrentie. China wijst dergelijke kritiek af en beschouwt die als protectionisme.
Daarnaast maakt de EU zich zorgen over de exportcontroles van China op technologie en grondstoffen. Ook Europese bedrijven ervaren volgens Brussel problemen met markttoegang en een gebrek aan een gelijk speelveld in China.
Strategie van risicobeperking
Om deze risico’s te beperken, kiest de Europese Unie voor een strategie van ‘risicobeperking’ in plaats van een volledige economische breuk met China. De aanpak richt zich op het diversifiëren van toeleveringsketens en het verminderen van kritieke afhankelijkheden.
De EU blijft tegelijk diplomatieke kanalen op hoog niveau gebruiken om de handelsrelatie te beheren. Ook de Wereldhandelsorganisatie speelt een belangrijke rol bij het aanpakken van handelsgeschillen en structurele onevenwichtigheden.
Brussel wil daarmee een wederkeriger handelsklimaat creëren waarin markttoegang evenwichtiger is en de mondiale handelsregels worden nageleefd. De Europese Commissie kiest daarbij voor risicobeperking in plaats van een volledige economische ontkoppeling van China.(zvm)
Volg Business AM ook op Google Nieuws
Wil je toegang tot alle artikelen, geniet tijdelijk van onze promo en abonneer je hier!

