Begrotingsdiscipline uitstellen maakt toekomstige inspanningen enkel groter

De jaarlijkse inflatie blijft stijgen in de eurozone, van 7,4 procent in april 2022 tot 8,1 procent in mei, nog hoger dan de verwachte 7,8 procent en het hoogste niveau sinds de invoering van de euro. De prijs van energie steeg met 39,2% – tegen 37,5% in april – en voedingsmiddelen, alcohol en tabak werden 7,5% duurder – tegen 6,3% in April. Zelfs zonder de energie- en voedselprijzen steeg de inflatie van 3,5% tot 3,8%.

De boosdoeners zijn bekend: ongebreidelde monetaire expansie door centrale bankiers, verstoringen van de bevoorradingsketens als gevolg van de coronacrisis, grondstoffenschaarste als gevolg van de oorlog in Oekraïne en de langetermijneffecten van jarenlange experimenten met de Europese energievoorziening. 

Barclays waarschuwt dat de Europese Centrale Bank (ECB) als reactie hierop de rente wellicht sterker zal moeten verhogen dan de markten verwachten, om de terughoudendheid van diezelfde banken te compenseren om de duurdere kosten om te lenen door te rekenen. 

De ECB heeft geen haast

De ECB heeft echter geen haast, want zij houdt de rente nog steeds op een negatief niveau. Zelfs de zogenaamde haviken binnen de ECB, zoals het hoofd van de Nederlandse Centrale Bank, Klaas Knot, hebben zich geschaard achter het plan van ECB-president Christine Lagarde om pas aan het eind van het derde kwartaal van 2022 te stoppen met het negatieve rentebeleid. 

De fundamentele reden daarvoor is natuurlijk de bezorgdheid over de financiële situatie van een aantal landen binnen de eurozone. De 10-jaarsrente van Italië is inmiddels opgelopen tot 3,2%, het hoogste niveau sinds 2018. Ook al hoeven financieel zwakkere overheden in de eurozone niet meteen te vrezen opnieuw in de problemen te komen, omdat ze slechts een klein deel van hun schuldenlast dienen te herfinancieren tegen de hogere rente van vandaag, langdurige inflatie kan daar verandering in brengen, mits in combinatie met hogere rentetarieven. 

De ECB controleert weliswaar de expansie van de geldhoeveelheid, maar ze heeft geen invloed op het vertrouwen dat de euro zijn waarde behoudt. Zeker, in theorie zou de ECB gewoon kunnen blijven weigeren om de rente materieel te verhogen, maar dan zou de waarde van de euro nog meer dalen ten opzichte van de Amerikaanse dollar dan het afgelopen jaar het geval is geweest. Dit is niet alleen het gevolg van het iets serieuzere anti-inflatiebeleid van de Fed, maar ook van het feit dat de Amerikaanse dollar de wereldreservemunt blijft.  Wat degenen ook mogen beweren die geloven dat Rusland binnenkort de hegemonie van de dollar zal uitdagen met een door goud ondersteunde munt, dit is nog heel ver weg

Een zwakkere euro draagt op zijn beurt dus bij tot nog hogere prijzen. Kortom, de ECB zal de rente moeten verhogen, en dat zal op zijn minst op een bepaald ogenblik gevolgen hebben voor het vermogen van de regeringen van de eurozone om meer schulden aan te gaan, waardoor uiteindelijk ook hun bestedingscapaciteit zal worden beperkt. 

Verwaarloosde begrotingsdiscipline

Volgens de Europese regels moeten lidstaten het begrotingstekort en de overheidsschuld beperken tot respectievelijk 3% en 60% van het bbp. Op dit moment overtreden 17 EU-landen de tekortregel en 5 de schuldregel – België, Frankrijk, Italië, Hongarije en Finland.  

Deze regels werden feitelijk nooit naar behoren toegepast. Niet lang al na de invoering van de euro, in 2003, hebben Frankrijk en Duitsland de regels openlijk geschonden. Daarbij spanden zij zich samen in om ervoor te zorgen dat ze daarvoor geen sancties opgelegd zouden krijgen, waardoor het zogenaamde “groei- en stabiliteitspact” in feite helemaal teniet werd gedaan. Helaas werden zij daarbij gesteund door het Verenigd Koninkrijk en diens minister van Financiën, Gordon Brown. Dit was twee jaar nadat een kleinere lidstaat, Ierland, door de Europese Commissie was berispt voor het slechts licht overtreden van diezelfde regels. Eveneens schandalig was hoe Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker in 2016 openlijk verklaarde dat de Europese Commissie Frankrijk speelruimte had gegeven met betrekking tot de begrotingsregels “omdat het Frankrijk is”. 

Vervolgens werden de Europese begrotingsregels in maart 2020 opgeschort, met de pandemie als excuus. Vorige maand besloot de Europe Commissie, die van plan was de regels eind dit jaar weer in te voeren, de schorsing met nog een jaar te verlengen, tot eind 2023, dit keer met als reden de inval van Rusland in Oekraïne.

Europees commissaris voor economie Paolo Gentiloni rechtvaardigt de opschorting als een middel “om de overgang van universele steun naar meer gerichte en voorzichtige steun te vergemakkelijken”. Hij verzocht de EU-lidstaten daarbij gebruik te maken van het geld van het herstelfonds van de EU, dat bekend staat als “Next Generation EU”.

Dit Europese fonds, dat gefinancierd is door gezamenlijke schulduitgifte door alle EU-lidstaten, zou voor die laatsten wel eens een heel verleidelijk middel kunnen worden om pijnlijke hervormingen nog maar wat langer uit te stellen. Waarom impopulaire economische hervormingen doorvoeren – zoals bezuinigingen om belastingverlagingen te financieren, of meer mensen aansporen om een job te gaan zoeken – in een poging om economische groei en dus belastinginkomsten te genereren, terwijl er een andere manier is: de burgers opzadelen met nog meer schulden, gezamenlijk gefinancierd met de andere EU-lidstaten, om zo hoge rentetarieven te voorkomen? 

Het is evident dat het aangaan van schulden met andere, financieel zwakkere landen, een deel van het risico verschuift naar financieel meer verantwoordelijke landen. Voor zover er nog financieel verantwoordelijke landen in de EU of de eurozone zijn, natuurlijk.


De auteur Pieter Cleppe is hoofdredacteur van BrusselsReport, een webstek die zich richt op nieuws en analyse met betrekking tot EU-politiek.

Meer
Markten
Mijn Volglijst
Markten
BEL20