Key takeaways
- Volgens de Europese geharmoniseerde consumptieprijsindex bedroeg de inflatie in België in april 4,2 procent, een fikse stijging van 2 procentpunten tegenover de 2,2 procent inflatie in maart.
- Ook de gezondheidsindex en nationale consumptieprijsindex nemen fiks toe. Stijgende energieprijzen zijn de grootste factor.
- Die stijgende energiekosten hebben ook een grote impact op de concurrentiekracht van Belgische bedrijven, die steeds minder exporteren.
Eurostat bracht woensdag cijfers uit over de geharmoniseerde consumptieprijsindex (HCIP) om de inflatie te meten doorheen de eurozone. In België bedroeg die inflatie 4,2 procent. Vorige maand doorbrak de inflatie al de symbolische kaap van 2 procent. Toen bedroeg de inflatie tegenover het jaar voordien 2,2 procent.
Geharmoniseerde consumptieprijsindex
De geharmoniseerde consumptieprijsindex is de Europese maatstaf om de inflatie in de eurozone op een gelijke manier te beoordelen. Het vormt de basis van het monetaire beleid van de Europese Centrale Bank (ECB). Het is louter gebaseerd op de reële prijs van een vaste korf aan gemeenschappelijke producten die een gemiddeld gezin zou kopen en houdt rekening met btw, maar bijvoorbeeld ook met soldenperiodes.
De inflatie bedraagt volgens berekeningen van Eurostat doorheen de eurozone gemiddeld 3,2 procent. België zit daar een volledig procentpunt over met 4,2 procent. Enkel Litouwen (4,9 procent), Luxemburg (5,2 procent), Kroatië (5,4 procent) en Bulgarije (6,0 procent) kennen binnen de eurozone een hogere inflatie. De Nederlandse inflatie strandt op 2,5 procent, 0,1 procentpunt lager dan de maand ervoor.
De inflatie volgens de geharmoniseerde consumptieprijsindex met constante belastingvoet (HICP-CT) bedraagt in België 4,2 procent in april tegenover 2,2 procent in maart.
Nationale consumptieprijsindex en gezondheidsindex
Statbel berekende dan weer onlangs de Belgische nationale consumptieprijsindex, die naast een korf aan consumptiegoederen een fictieve huur (huur die een huiseigenaar maandelijks aan zichzelf zou betalen) meeneemt. Die index steeg tussen maart en april van 101,84 naar 103,34. Dit wijst op een inflatie van 4,01 procent. In maart was dat nog 1,65 procent.
Ook de gezondheidsindex, een maatstaf gebaseerd op de consumptieprijsindex, maar dan zonder ongezonde consumptiemiddelen zoals alcohol en tabak, nam toe met 1,14 procentpunt. Van 101,63 naar 102,77. Afgeleid daarvan bedroeg in april de inflatie 3,38 procent vergeleken met het jaar ervoor. In maart was dat maar 1,38 procent. Het gezondheidsindexcijfer wordt onder meer toegepast voor de indexering van de huurprijzen.
Het Federaal Planbureau van België verwacht voor heel 2026 een gemiddelde inflatie van ongeveer 3,2 procent. Ze verwachten een gemiddelde groei in gezondheidsindex van eveneens 3,2 procent. Dat betekent dat het Planbureau verwacht dat de inflatiedruk de tweede helft van het jaar zal verlichten.
Impact energieprijzen
De hoogste impact op de inflatie komt door vervoer en huisvesting. Vanwege de sterk duurder wordende benzineprijzen zijn rijden en verplaatsen, maar ook energiekosten gerelateerd aan wonen, dus het sterkste duurder geworden. Ook aardgas, motorbrandstoffen, elektriciteit, hotelkamers, vliegtuigtickets en vlees trekken hard mee aan de inflatie.
De kerninflatie, die geen rekening houdt met de prijsevolutie van de energieproducten en de onbewerkte voedingsmiddelen, stijgt met 0,6 procent van 2,4 procent in maart naar 3,0 procent in april. Opvallend minder dus dan de HCIP.
Concurrentievermogen onder druk
Alle kostenmonitorende indexen nemen dus behoorlijk toe. Daardoor komt het Belgisch concurrentievermogen onder druk te staan, volgens de Belgian Competitiveness Overview van de FOD Economie. Vooral door de stijgende energie- en loonkosten waar bedrijven mee te kampen hebben.
Het exportverschil met andere landen wordt groter. De Belgische export kromp met 4 procent het afgelopen jaar. Tegelijkertijd blijft de afhankelijkheid van de Belgische industrie van invoer uit landen buiten de Europese Unie in de meeste industriële sectoren toenemen. Vooral door handel in kritieke mineralen met China en de Verenigde Staten. Dat verhoogt ook de risico’s in verband met externe schokken en geopolitieke spanningen.
Volg Business AM ook op Google Nieuws
Wil je toegang tot alle artikelen, geniet tijdelijk van onze promo en abonneer je hier!

