Jan Jambon (N-VA), minister van Financiën, vroeg onlangs aan de Nationale Bank van België (NBB) om advies over de spaarboekjes. Volgens hem zijn de spaarrentes het voorbije jaar te fors gedaald, maar de NBB merkt nu op dat er geen abnormale afwijking in de tarieven. “Meer zelfs, de renteverschillen met de buurlanden zijn zelfs verkleind”, klinkt het.
Key takeaways
- In een advies aan Jan Jambon laat de NBB weten dat de spaarrente te fors is gezakt.
- In tegenstelling tot in veel andere landen is de spaarrente in ons land niet enkel afhankelijk van de evolutie van de kortetermijnrente. Dat komt omdat Belgische banken de kortlopende deposito’s omzetten in langlopende leningen.
- Hoewel de spaarders in Frankrijk, Luxemburg en Nederland nog een hogere rente krijgen, is het verschil wel aan het krimpen.
In het nieuws: Hoewel de Europese Centrale Bank (ECB) halverwege 2025 de renteverlagingen staakte, hebben verschillende banken alsnog verder het mes gezet in de spaartarieven. Jambon vroeg daarom aan de NBB om de spaarmarkt te analyseren. Die heeft nu een advies klaar.
- De toezichthouder stelt niet meteen problemen vast. Er wordt onder meer opgemerkt dat we ons door de manier waarop de rente op een Belgisch (gereglementeerd) spaarboekjes is samengesteld niet mogen blindstaren op de evolutie van de marktrente.
- “Er bestaan verschillende spaarstelsels in het eurogebied, gaande van een model waarin de rentetarieven op kredieten en deposito’s schommelen op basis van veranderingen in de marktrente, tot een model waarin het rendement op de kredietportefeuille slechts met vertraging reageert op veranderingen in de marktrente doordat de rente op een groot aantal leningen voor een lange periode vastligt”, klinkt het.
- In België wordt met het laatstgenoemde model gewerkt: de banken gebruiken de spaardeposito’s om projecten van andere klanten, zoals de aankoop van een woning, te financieren. Net omdat dat geld voor een langere periode wordt uitgeleend, baseren de banken zich niet uitsluitend op de kortetermijnrente om de spaarvergoedingen te bepalen. Dat leidt ertoe dat de spaartarieven veel geleidelijker veranderen in ons land.
- Volgens de NBB is er op dat vlak geen probleem. “Er zijn geen duidelijke tekenen waargenomen dat het huidige vergoedingsgedrag voor spaardeposito’s sterk verschilt van dat in het verleden. Hierbij veronderstellen we dat de strategie voor het afdekken van het renterisico van leningen met een vaste rente grotendeels ongewijzigd blijft”, merkt de toezichthouder op.
Belgische spaarrente laag in vergelijking met buurlanden
Zoom in: De NBB maakt in haar advies ook de vergelijking met de spaarmarkt in de buurlanden. Duitsland vormt een uitzondering
- De ECB-statistieken tonen aaan dat de gemiddelde spaarrente (voor deposito’s met een opzegtermijn tot en met drie maanden) eind oktober 2025 1,72 procent bedroeg in Luxemburg, 1,55 procent in Frankrijk en 1,24 procent in Nederland. In elk van die landen ontvangen de spaarders meer dan in België (0,73%). In Duitsland ligt de rente zes basispunten lager.
- De afgelopen twee jaar zijn de renteverschillen kleiner geworden. Zo is het verschil tussen de vergoeding voor spaardeposito’s in België en die in Frankrijk gedaald van 1,8 procent eind oktober 2023 tot 0,8 procent eind oktober 2025, terwijl het verschil ten opzichte van Nederland in dezelfde periode is gedaald van 0,9 tot 0,5 procent. De kloof met Duitsland is de afgelopen jaren nauwelijks veranderd.
- “Verschillen tussen landen worden reeds vele jaren waargenomen en lijken grotendeels verschillende structurele kenmerken te weerspiegelen wat betreft de variabiliteit van rentetarieven aan de actief- en passiefzijde van de balans”, aldus de NBB.
Afschaffing getrouwheidspremie
Ook dit: Tegelijk merkt de NBB op dat sommige banken aanzienlijk hogere tarieven aanbieden op hun spaarboekjes dan andere spelers.
- “Ondanks de verschillen vertonen de meeste Belgische spaarders een relatief geringe mobiliteit. Vooraleer andere maatregelen te overwegen, is het dus wenselijk dat hun mobiliteit wordt gestimuleerd”, luidt het advies.
- De afschaffing van de getrouwheidspremie, een vergoeding die de spaarders pas na twaalf maanden ontvangen, kan volgens de NBB meer mobiliseren. Ze verwijst daarbij naar haar advies uit 2024. Al verwacht de toezichthouder dat zo’n ingreep zal resulteren in lagere totaalvergoedingen dan vandaag.
Wil je op de hoogte blijven van alles wat er zich afspeelt in de financiële wereld? Via deze link kan je je inschrijven op de dagelijkse nieuwsbrief.
Wil je toegang krijgen tot alle stukken op BusinessAM en dat voor minder dan 50 euro per jaar? Sluit dan hier een abonnement af!


