Financiële instellingen moeten de staatsschulden van de landen uit het Zuid-Amerikaanse Amazone-gebied kwijtschelden, in ruil voor toezeggingen van deze naties om het leefmilieu van het regenwoud te beschermen.
Die oproep komt van de Coordinadora de las Organizaciones Indígenas de la Cuenca Amazónica (Coica), een organisatie van inheemse groepen die in negen verschillende landen in de Amazone leven.
Natuurbehoud voorop
De Amazone is het grootste regenwoud van de wereld en de ecologische gezondheid van het gebied wordt als essentieel beschouwd om de meest catastrofale gevolgen van klimaatverandering te voorkomen.
“Als tegenprestatie voor het kwijtschelden van de bestaande schulden van de landen in het gebied, zouden de regeringen moeten garanderen een einde te maken aan de industriële ontginning van de Amazone en te werken aan de bescherming van een aantal prioritaire regio’s en inheemse territoria”, benadrukt Coica in het rapport.
Door de schuldverplichtingen van de overheden in het Amazonegebied te koppelen aan internationale klimaatdoelstellingen, plaatst het initiatief het natuurbehoud voorop bij de heronderhandeling van schulden.
Coica streeft ernaar om tegen het midden van dit decennium 80 procent van de Amazone te behouden. Dat is een doelstelling die volgens de organisatie nog steeds mogelijk is, ondanks de toenemende ontbossing die de voorbije periode moet worden vastgesteld.
Hoewel het Amazonewoud een dunbevolkt gebied is, heeft de regio een aanzienlijke economische waarde. In Ecuador en Colombia wordt het regenwoud geconfronteerd met oliewinning, terwijl er in Brazilië, Peru en Bolivia sprake is van informele goudwinning.
“De landen in de regio willen de opgebouwde staatsschulden met middelen die in inheemse gebieden van de Amazone worden gevonden – zoals olie of mijnbouw – terugbetalen”, beklemtoont Tuntiak Katan, vice-coördinator van Coica. In het Amazonegebied gaan vooral Brazilië, Ecuador en Colombia gebukt onder aanzienlijke staatsschulden.
De auteurs van het rapport, dat werd opgesteld in samenwerking met het Amazonian Network of Georeferenced Socio-environmental Information (RAISG), beklemtonen dat de realisatie van het voorstel in staat kan zijn om in de regio een vicieuze cirkel te doorbreken.
Kantelpunt
Vele landen uit het Amazonegebied hebben immers steeds meer middelen nodig om hun schulden te dekken. Dat probleem zet hen ertoe aan om de verdere ontginning van het regenwoud te stimuleren. Hierdoor komen de natuurlijke hulpbronnen meer onder druk te staan, wat op zijn beurt de klimaatrisico’s verder opvoeren.
Het rapport beklemtoont dat een aantal regio’s in het regenwoud een kantelpunt hebben bereikt. “De vernietiging van het leefmilieu in sommige gebieden van de Amazone is inmiddels zo ver geëvolueerd dat delen van het regenwoud zich misschien nooit meer zullen kunnen herstellen”, beklemtonen de onderzoekers.
“Het omslagpunt is geen toekomstscenario, maar eerder een fase die in sommige delen van de regio al aanwezig is”, stippen de onderzoekers aan. “In Brazilië en Bolivia is 90 procent van alle gecombineerde ontbossing en degradatie van het Amazonegebied geconcentreerd.”
“Daardoor vindt in beide landen nu al savannisering plaats”, waarschuwt het rapport. Verder wordt opgemerkt dat slechts twee van de negen landen uit de regio – Suriname en Frans-Guyana – nog ten minste de helft van hun regenwoud intact hebben kunnen houden.
(ns)