Centrale banken verplaatsen hun goud: Londen wordt steeds belangrijker


Key takeaways

  • Centrale banken geven nu voorrang aan strategische plaatsing van activa boven eenvoudige repatriëring.
  • Londen blijft het belangrijkste knooppunt voor het maximaliseren van de liquiditeit en mobilisatie van goud.
  • Diversificatie over meerdere rechtsgebieden vermindert bewaarrisico’s en geopolitieke instabiliteit.

Een recente analyse van de World Gold Council onderzoekt hoe centrale banken hun strategie voor de opslag van goudreserves aanpassen. Een opvallend voorbeeld is De Nederlandsche Bank (DNB). Tussen maart en augustus 2026 verplaatste de Nederlandse centrale bank ongeveer 86 ton goud van New York en Ottawa naar Londen. Die operatie was geen eenvoudige fysieke overdracht. DNB verkocht ongeveer 59 ton goud in New York en kocht daarvoor internationaal verhandelbaar goud in Londen. Daarnaast werd meer dan 27 ton fysiek verplaatst via de DNB-kluis in Zeist. Door de operatie werd Londen de belangrijkste opslagplaats voor Nederlands goud, met een aandeel van 32,1 procent. Dat is meer dan de 30,8 procent die in Nederland wordt bewaard.

Ontwikkeling van de locatie van activa

De verschuiving past binnen een bredere evolutie van eenvoudige repatriëring naar een meer strategische spreiding van goudreserves. Duitsland verplaatste in 2000 ongeveer 930 ton goud van Londen naar Frankfurt. Na de wereldwijde financiële crisis volgde tussen 2011 en 2019 een nieuwe golf van verplaatsingen. Daarbij speelden nationale controle en vertrouwen van het publiek een belangrijke rol.

Venezuela bracht in 2011 en 2012 ongeveer 160 ton goud terug naar het land. Duitsland verplaatste later 674 ton van New York en Parijs naar Frankfurt. Nederland bracht in 2014 122,5 ton van New York naar Amsterdam. Oostenrijk verplaatste tussen 2015 en 2018 ongeveer 90 ton vanuit Londen. Andere landen, waaronder Hongarije en Polen, brachten eveneens goud naar binnenlandse opslagplaatsen. Sommige centrale banken bleven tegelijk een deel van hun reserves in het buitenland bewaren om toegang tot internationale markten te behouden.

Evenwicht tussen liquiditeit en risico

De huidige fase is complexer. Geopolitieke onzekerheid en zorgen over buitenlandse financiële infrastructuur spelen een grotere rol. Centrale banken kijken daarom niet alleen naar de vraag waar goud veilig ligt. Ook de fysieke toegankelijkheid en de liquiditeit van de reserves zijn belangrijk.

DNB verplaatste in 2014 goud van New York naar Amsterdam om het aandeel van de binnenlandse reserves te vergroten. De operatie van 2026 had een ander doel. Door goud naar Londen te verplaatsen, wil DNB de reserves sneller inzetbaar maken tijdens een ernstige crisis. Frankrijk koos in 2025 en 2026 eveneens voor een andere geografische spreiding. Het verkocht 129 ton goud in New York en verwierf daarvoor vervangend goud in Europa.

De enquête van de World Gold Council onder centrale banken bevestigt de trend naar een bredere spreiding van opslaglocaties. De Bank of England blijft met 57 procent de populairste opslagplaats onder de respondenten. Daarnaast geeft 49 procent aan minstens een deel van zijn goud binnenlands te bewaren.

De diversificatie naar buitenlandse opslagplaatsen neemt eveneens toe. In de voorbije twaalf maanden gaf 10 procent van de centrale banken aan hun buitenlandse opslaglocaties te hebben gediversifieerd. Voor de komende twaalf maanden verwacht 9 procent dat verder te doen. Dat is een duidelijke stijging tegenover de 2 procent uit de vorige enquête.

Mobiliteit boven verkoop

De verplaatsing van goud naar belangrijke handelscentra zoals Londen betekent niet automatisch dat centrale banken van plan zijn hun reserves te verkopen. Een hogere liquiditeit geeft hen vooral meer mogelijkheden wanneer zich een ernstige crisis voordoet.

DNB heeft expliciet aangegeven dat het niet verwacht het goud daadwerkelijk te moeten inzetten. De centrale bank wil de reserves vooral sneller beschikbaar kunnen maken wanneer dat nodig is. De enquête van 2026 ondersteunt dat beeld. Slechts 1 procent van de respondenten verwacht dat zijn eigen goudreserves in de komende twaalf maanden zullen dalen. Tegelijk verwacht een recordaantal van 45 procent dat de eigen goudvoorraad zal toenemen.

Strategische benadering van reserves

Goudopslag is daardoor steeds meer een actief onderdeel van het beheer van internationale reserves. Centrale banken zoeken naar een combinatie van veiligheid, toegankelijkheid en liquiditeit. Nieuwe handelscentra spelen daarbij eveneens een rol. Singapore plant opslagdiensten voor buitenlandse centrale banken en staatsentiteiten, terwijl Hongkong zijn infrastructuur voor goudopslag, clearing en afwikkeling uitbreidt.

De trend wijst dus niet op een algemene terugkeer naar binnenlandse opslag. Centrale banken lijken hun goudreserves eerder strategischer over verschillende locaties en rechtsgebieden te spreiden. Zo willen ze ervoor zorgen dat het goud niet alleen veilig wordt bewaard, maar ook beschikbaar en verhandelbaar blijft wanneer de financiële markten onder zware druk komen te staan.(zvm)

Wil je meer financieel nieuws ontvangen? Schrijf je dan in op onze dagelijkse Money Insider-nieuwsbrief

Volg Business AM ook op Google Nieuws

Wil je toegang tot alle artikelen, geniet tijdelijk van onze promo en abonneer je hier!

Voeg businessam.be toe als preferred source op Google
Meer

Ontvang de Business AM nieuwsbrieven

De wereld verandert snel en voor je het weet, hol je achter de feiten aan. Wees mee met verandering, wees mee met Business AM. Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en houd de vinger aan de pols.