Beyond the App: Agentic AI en de Composable Interface

De afgelopen veertig jaar waren applicaties een van de belangrijkste onderdelen van ons werk. We logden in op een computer, laptop of mobiel apparaat, openden een applicatie, voerden taken uit en sloten de applicaties weer af. Onze omgang met digitale technologie werd bepaald door het ‘canvas’ van de grafische gebruikersinterface (GUI), en dat heeft ons ver gebracht. Met de opkomst van agentic AI zullen we getuige zijn van een nieuw, krachtig en flexibel paradigma: de composable interface.

Dit zal echter niet een eenvoudige verandering zijn. Het is een fundamentele herstructurering van de interactie tussen mens en computer, gedreven door de samenhang van vier fundamentele pijlers:

● Inzicht in de vaardigheden en kennis van de gebruiker
● Inzicht in de context van de omgeving
● Het redeneervermogen van multimodale AI
● De verbindende rol van de API-economie

Voor organisaties en voor frontline-medewerkers betekent deze verschuiving dat technologie niet langer een losse tool is, maar een continu aanwezige en intelligente laag die zich aanpast aan de gebruiker en de voorliggende taak. Ons dagelijks werk wordt steeds meer gevormd door AI agents. Die veranderen fundamenteel hoe we dingen gedaan krijgen, waardoor er nieuwe manieren van werken ontstaan.

Applicaties verdwijnen niet. Op de langere termijn zullen we echter werken met een door AI georkestreerde verzameling aan functionaliteiten die zich zal manifesteren als een dynamische interface – in realtime samengesteld voor de verbonden frontline-medewerkers en hun werkomgeving.

De omgeving als context: de basis van inzicht

Om deze gepersonaliseerde en verbonden werkvloer mogelijk te maken, hebben AI agents een continue en rijke stroom van data nodig. Hier komt het concept van een ‘fabric of sensing’ in beeld, de basis van echte ambient computing. Stel je een wereld voor waarin een netwerk van sensoren, camera’s, RFID-tags, GPS, temperatuur- en bewegingssensoren, barcodescanners en andere datapunten op de werkvloer samenwerken om een real-time digitale tweeling van de omgeving te creëren.

Deze continu beschikbare data bieden diepgaande contextuele inzichten, waardoor AI agents de wereld zeer gedetailleerd kunnen begrijpen. Denk aan details zoals beweging, locatie, apparaatstatus, temperatuur, takenlijsten, de locatie van collega’s, assets en voorraden. Het kan zelfs de status van de gebruiker meenemen, waardoor AI niet alleen reageert op opdrachten, maar ook behoeften voorspelt en proactief ondersteuning en inzichten biedt.

Deze investeringen in data maken van AI een actieve samenwerkingspartner in plaats van een passieve tool: van alleen begrijpen wat er gebeurt, naar inzicht in waar, wanneer en waarom iets gebeurt – en vooral in wat er daarna komt.

De composable interface: de juiste interface op het juiste moment

Een logisch gevolg van deze ontwikkeling is dat ook de gebruikersinterface verandert. Die wordt niet langer ontworpen als één vaste omgeving waarin elke medewerker dezelfde knoppen, schermen en processen ziet. In plaats daarvan stelt AI de interface samen op basis van wat iemand op dat moment doet, waar die persoon zich bevindt en welke informatie nodig is om de taak goed uit te voeren.

Voor een retailmedewerker kan dat betekenen dat dezelfde mobiele interface op de winkelvloer direct relevante klantinformatie, loyaliteitsdata en productadvies toont tijdens een gesprek met een klant. Zodra die medewerker naar het magazijn gaat, verandert de interface mee: voorraadniveaus, picklocaties, scanfuncties en invulinstructies komen naar voren, terwijl klantgerichte informatie naar de achtergrond verdwijnt.

De waarde zit dus niet in een nieuw scherm, maar in de verschuiving van vaste applicaties naar taakgerichte ervaringen. De interface wordt samengesteld uit losse functionaliteiten en past zich aan de situatie aan: schappen bijvullen, een klant helpen, voorraad controleren of een collega ondersteunen.

Daarmee wordt de interface minder een statisch canvas en meer een werkpartner. Niet de medewerker zoekt naar de juiste functie in de juiste applicatie; de technologie brengt de juiste functionaliteit naar voren op het moment dat die nodig is.

Een nieuw werkparadigma: orkestratie en augmentatie

De manier waarop we in de toekomst werken wordt gekenmerkt door nieuwe vormen van samenwerking tussen mensen en hun digitale assistenten. Zowel persoonlijke als enterprise AI agents werken samen om de capaciteiten van medewerkers te verbeteren.

Een taak die op een mobiel apparaat begint, kan naadloos worden voortgezet op een scherm in een voertuig, bijvoorbeeld wanneer een medewerker op een heftruck stapt. AI zorgt daarbij voor een consistente en veilige ervaring over verschillende apparaten heen.

In dit model draagt de gebruiker als het ware zijn ‘digitale brein’ met zich mee, terwijl de omgeving de schermen levert. AI projecteert of schakelt automatisch naar de meest geschikte interface, of dat nu een wearable, desktop, kiosk of audio-instructie via een oortje is. Daardoor worden medewerkers minder afhankelijk van schermen en kunnen zij zich beter richten op hun fysieke omgeving, ondersteund door een handsfree, intelligente assistent.

Het draait hierbij niet alleen om efficiëntie, maar ook om het versterken van menselijke capaciteiten. In de zorg besteden verpleegkundigen bijvoorbeeld veel tijd aan administratieve taken. In de toekomst kan een verpleegkundige, met een mobiel apparaat dat geschikt is voor gebruik in de zorg en ondersteund door een AI-gedreven omgeving, eenvoudig zeggen: “De patiënt in deze kamer lijkt comfortabel.”

De AI, gevoed door sensordata, vult deze observatie automatisch aan met vitale waarden, controleert medicatieschema’s en registreert de interactie voor controle en goedkeuring. De informatie blijft beschikbaar op het mobiele apparaat van de zorgverlener. Zo blijft de zorgprofessional de ‘human-in-the-loop’, terwijl handmatige administratie tot een minimum wordt beperkt en de focus verschuift naar patiëntenzorg.

Natuurlijk brengt deze visie ook uitdagingen met zich mee. Een continu actieve sensorlaag roept vragen op over databeveiliging en privacy. Dat vraagt om sterke governance, cybersecurity en transparant beleid. Het erkennen van deze uitdagingen is geen obstakel, maar een voorwaarde voor succesvolle adoptie.

Van applicaties naar functionaliteiten

Deze fundamentele verschuiving vraagt om een nieuwe manier van denken, vooral in softwareontwikkeling. Jarenlang hebben softwareleveranciers en IT-afdelingen applicaties ontwikkeld en aangeboden. In de nieuwe realiteit ligt de waarde in het ontwikkelen van losse, modulaire functionaliteiten die AI agents kunnen inzetten.

Dit verandert de traditionele software ontwikkelcyclus. De focus verschuift van het bouwen van applicaties naar het ontwikkelen van modulaire, API-first functionaliteiten, zoals een voorraadcheck, een opvraag van patiëntendata, apparaatdiagnose, die door AI worden gecombineerd tot één ervaring. De klant van de ontwikkelaar is niet langer alleen de mens, maar ook de agentic AI die voor de gebruiker werkt.

Deze transitie is onvermijdelijk. De vraag voor technologieleiders is niet langer: “Welke applicaties moeten we bouwen?”, maar: “Welke unieke functionaliteiten moeten we ontwikkelen om relevant te blijven in een AI-first, composable wereld?” Het antwoord op die vraag bepaalt wie in dit nieuwe tijdperk succesvol is en wie achterloopt.

James Morley-Smith, Senior Director, Global Head of Customer Experience Design

Wil je meer technieuws ontvangen? Schrijf je in op onze wekelijkse Tech Insider-nieuwsbrief

Volg Business AM ook op Google Nieuws

Wil je toegang tot alle artikelen, geniet tijdelijk van onze promo en abonneer je hier!

Voeg businessam.be toe als preferred source op Google
Meer

Ontvang de Business AM nieuwsbrieven

De wereld verandert snel en voor je het weet, hol je achter de feiten aan. Wees mee met verandering, wees mee met Business AM. Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en houd de vinger aan de pols.