Key takeaways
- Geopolitieke druk vanuit de Verenigde Staten en China vormt een bedreiging voor de Europese halfgeleiderindustrie.
- China vormt een direct risico door de export van delfstoffen en de instabiliteit in Taiwan.
- De Amerikaanse dominantie op het gebied van software zorgt voor ernstige structurele kwetsbaarheden voor het Europese chipontwerp.
Een recente gezamenlijke analyse van het Institut Montaigne en het EUISS waarschuwt dat de Europese halfgeleiderindustrie steeds meer onder druk komt te staan door geopolitieke spanningen tussen de Verenigde Staten en China. Het onderzoek, dat deel uitmaakt van een door de EU gesteund initiatief dat bekendstaat als het “Chips Diplomacy Support Initiative”, suggereert dat de bezorgdheid van de EU over de Amerikaanse invloed is toegenomen tot een niveau dat bijna gelijk is aan de vrees rond de dominantie van China.
Dreiging vanuit China
Volgens het rapport vormt China de meest directe bedreiging. China zou de export kunnen beperken van zeldzame aardmetalen en andere kritieke grondstoffen die nodig zijn voor de productie van chipapparatuur. Bovendien blijft de onstabiele situatie in de Straat van Taiwan een cruciaal risico, aangezien elk conflict de wereldwijde levering van geavanceerde halfgeleiders zou kunnen lamleggen.
Structurele risico’s vanuit de Verenigde Staten
De risico’s vanuit de Verenigde Staten zijn volgens het rapport vooral structureel. Het Europese chipontwerp is sterk afhankelijk van in de VS geproduceerde software en gereedschappen. De studie wijst onder meer op de mogelijke gevolgen van de MATCH Act. Die wet zou Washington de mogelijkheid geven om exportbeperkingen op te leggen aan bondgenoten die hun China-beleid niet afstemmen op de Amerikaanse strategie. Dat creëert een precaire situatie voor ASML, het belangrijkste technologiebedrijf van Nederland, dat al een centraal spanningspunt is geweest in trans-Atlantische handelsgeschillen.
Interne Europese kwetsbaarheden
Naast externe risico’s kampt Europa ook met eigen structurele zwaktes. Het rapport noemt het gebrek aan particulier durfkapitaal in Europa, dure energie en een krimpende industriële basis voor chipverbruik als fundamentele zwakke punten. De EU boekt wel enige vooruitgang, zoals de investering van Infineon in Dresden. Maar dergelijke projecten tonen aan hoeveel financiering nodig is om alleen al een concurrentievoordeel te behouden.
Ontwikkeling van EU-strategie
Als reactie hierop evolueert de EU-strategie. De voorgestelde “Chips Act 2.0” is afgestapt van de onrealistische doelstelling om tegen 2030 20 procent van de wereldmarkt te veroveren, en richt zich in plaats daarvan op stimulansen aan de vraagzijde. Medeauteur Joris Teer stelt voor dat Europa, in plaats van te streven naar volledige zelfvoorziening, zijn bestaande concurrentievoordelen moet versterken, waarbij hij specifiek de sterke punten van ASML noemt.
Gevangen tussen Washington en Peking
Het rapport schetst uiteindelijk een Europa dat afhankelijk blijft van Taiwan voor geavanceerde chipproductie, van de Verenigde Staten voor essentiële ontwerptools en van China voor kritieke grondstoffen. Een eventuele Chinese exportbeperking kan volgens de auteurs nog gedeeltelijk worden opgevangen met strategische voorraden. Een verminderde toegang tot Amerikaanse technologie zou daarentegen een langetermijnstrategie vereisen, iets waar de EU volgens het rapport in het verleden moeite mee had. (lv)
Volg Business AM ook op Google Nieuws
Wil je toegang tot alle artikelen, geniet tijdelijk van onze promo en abonneer je hier!

