‘De Vlaamse regering moet werken aan een gevoelige, empathische inschatting van de samenleving’

CD&V-voorzitter Joachim Coens is bezig aan een helse taak: pas de sleutels van de partij in handen gekregen, maar meteen ook koninklijk informateur. Federaal wil hij vooral concrete, technische oplossingen: ‘Maatregelen nemen om de begroting niet verder te laten ontsporen is absoluut cruciaal. Op termijn moeten we naar een evenwicht.’ Maar over de Vlaamse regering maakt hij zich wel zorgen: ‘Je moet een project hebben dat enthousiasmeert. Het gaat niet over de tekst van dat regeerakkoord, het gaat over de methodiek en de aanpak. Dat lijkt me toch iets waar de ganse ploeg en de leiding in het bijzonder, moet aan werken.’

‘2019 was een boeiend jaar. Uiteraard in de haven van Zeebrugge, waar we vooral bezig waren met de voorbereidingen van de Brexit die in april zou starten, maar die dan uitgesteld is. Voor de haven was het dus een belangrijk jaar. Plus toen, op het einde van het jaar, wat mijzelf betreft, de overgang door mijn kandidaatstelling voor de voorzittersverkiezingen, uiteraard ook die verkiezingen zelf. En anderzijds, politiek: een heel jaar in lopende zaken. Plus toch wel bijzondere verkiezingen ook in mei.’

Misschien eerst even naar de partij dan? Had u ooit gedacht begin dit jaar, 2019: ‘Ik ga voorzitter worden, ik ga daar eindigen op het hoofdkwartier’?

‘Begin 2019 zeker niet. En eindelijk ook niet in de eerste jaarhelft. Maar na de verkiezingen ben ik toch beginnen denken: ‘Goed, misschien kan ik daar toch een bijdrage leveren’. Niet alleen aan de partij, maar ook als signaal naar de antipolitiek toe. Naar de mensen die zeggen: ‘Die politiek, waar zijn ze mee bezig?’ Je probeert daar toch wat over na te denken en dan is er een vacature en zeg je: ‘We zullen ons kandidaat stellen’.’

U hebt een lange Facebookpost geschreven op een gegeven moment, en zo is die bal aan het rollen gegaan. Wat was het punt waarop je voelde: ‘Ik kan dit hier halen’?

‘Meedoen was al belangrijk. Een steen verleggen en het debat voeden. Maar het halen? Als je meedoet, geloof je altijd in je kansen, denk ik. Het is natuurlijk ook in functie van wie er allemaal aan meedoet. Waren de uittredende ministers zelf kandidaat geweest, Koen Geens of Hilde Crevits, dan denk ik dat het een heel andere setting was geweest. Maar nu waren we redelijk met gelijken en dat is ook zo gebleken. Ik had een aantal van die mensen gezien vooraf, om te zien hoe we samen dingen konden doen. Het was wel een leuke, eigenlijk heel boeiende campagne. Vooral omdat er bij heel veel bij die leden en militanten toch het gevoel was van: ‘Nu kunnen we eens dialogeren en praten over een aantal thema’s’.’

‘Als we meer procent willen halen, dan moeten dat doen met een gezamenlijk project’

Wat was dan hét moment van 2019 voor u?

‘Goh, het moment was natuurlijk dan helemaal op het einde. Ik was nog maar net voorzitter en ik dacht: ‘Nu ga ik eraan beginnen’. En net dan krijgen we…’

Toen belde het paleis.

‘Toen belde het paleis. Enfin, dat het paleis zou bellen in het kader van de teruggave van de opdracht van Paul Magnette (PS), dat was duidelijk. Maar dat ze mij samen met George-Louis (Bouchez, de MR-voorzitter, red.) aan zet zouden brengen, dat had ik helemaal niet verwacht. Goed, we hebben erover nagedacht en we zijn eraan bezig.’

Echt een rollercoaster toch wel?

‘Ja, omdat je natuurlijk… Eén, die haven verlaten, dat is nog een overgang die je moet regelen. Twee: je hebt ook de partij die je wilt beginnen, een partij die al een tijdje zonder feitelijke voorzitter is. Want Wouter (Beke, red.) was al een tijd weg. Dat moet je invullen en dan moet je plots een andere opdracht doen. Maar het is natuurlijk wel een boeiende opdracht om ondertussen ook direct iedereen te leren kennen.’

Maar misschien eerst nog even over de partij en daarna over het land? CD&V staat wel voor een gigantische uitdaging. U stelde dat u voor de verkiezingen in 2024, mikt op 24 procent: ’24 in 24’. Dat is wel ambitieus?

‘Ja, je moet ambitie hebben in het leven natuurlijk. Als ik zou zeggen: ‘We gaan van vijftien procent nog naar beneden’, dan moet je er niet aan beginnen. Maar het is inderdaad zo dat die partij voor een gigantische uitdaging staat. Maar wij niet alleen. Er zijn ook andere partijen, ook in andere landen. En dat is wat merkwaardig is: als je de mensen bevraagt waar ze staan op het spectrum, stel je vast dat er zich weinig extreem situeren, of zichzelf extreem situeren. Maar velen zitten in een oplossingsgericht, positief verhaal. We willen dat en dat, een beetje meer naar links, een beetje meer naar rechts. Maar toch op sommige thema’s hoofdzakelijk in het midden. En dat je de partijen die daarvoor willen gaan…’

Dat die afvallen?

‘Dat die gaan verdwijnen. Misschien maken ze daar ook gewoon te weinig een issue van. Van te zeggen: ‘Hoe gaan we die samenleving organiseren?’ Als je dat wilt doen, moet je aan oplossingen werken. Hoe doe je het in je vereniging? Hoe doe je het thuis? Hoe doe je het in je school of in je jeugdbeweging, als het over jongeren gaat? Je hebt verschillende invalshoeken, je zet je samen, je wilt een project maken, op kamp gaan, een activiteit organiseren. Ja, je probeert overeen te komen en dan ga je ervoor. Dat is de manier van leven. Als de politiek niet meer in staat is om de samenleving te organiseren op die manier, dan vrees ik dat de samenleving echt wel uit elkaar valt.’

‘Dus mensen moeten beseffen dat als ze extreme keuzes maken of keuzes die niet oplossingsgericht zijn, laat het ons zo zeggen, dat het ook gevolgen zal hebben voor de samenleving die ze waarschijnlijk niet willen. Ik denk dat we daar meer moeten op inzetten en dan niet alleen de CD&V, maar ook een aantal anderen die dat mee kunnen bewerkstelligen. Als we meer procent willen halen, dat we het moeten doen met een gezamenlijk project.’

Hoor ik u dan pleiten voor een herverkaveling van het landschap?

‘Wel, ik denk dat het landschap beweegt, ook in Wallonië en andere landen. En dat er, wat mij betreft, de bundeling van positieve, oplossingsgerichte mensen die ervoor willen gaan, dat daar toch eens over gepraat moet worden.’

Dat is wel straf. Want CVP, CD&V is een enorme traditiepartij. Dat u nu toch op een punt staat en zegt: ‘Misschien dat we het alleen toch niet kunnen redden’. Of is dat misschien te negatief verwoordt?

‘Hoe je het verwoordt, dat is mij om het even. Het gaat niet over per se partijen met elkaar, maar vooral mensen. Je hoeft daarom niet de partijen te groeperen, maar je kunt wel aan gezamenlijke dingen werken. En welke partij het ook is, als we de problemen van het land willen oplossen, zullen we de krachten moeten bundelen. En zullen we met z’n allen een taal moeten gebruiken die als we dan samenwerken ook positief is. Als ik die verkiezingen analyseer… Waarom hebben de mensen zich negatief ten opzichte van de regering uitgelaten? Want dat is het toch. Het is niet alleen CD&V, het zijn ook andere partijen. Wat deden die? Uiteindelijk was het een vallend, kibbelend einde van het verhaal.’

‘Ondanks dat de mensen dan kiezen voor het alternatief, willen ze eigenlijk niet dat er gekibbeld wordt. Ze willen gewoon dat de problemen, en dan heb ik het niet over de wereldproblemen, maar dat zijn de problemen van hun huis, hun tuin en hun omgeving, hun werk, hun veiligheid, hun gezondheid… daarvan willen ze dat de politiek die oplost.’

‘Jan Jambon komt van het federale, hij moet misschien nog wat wennen aan dat Vlaamse niveau’

Die Vlaamse regering is ondertussen gevormd. Dat is op dit moment niet echt een positief, stabiel verhaal. Je voelt dat er interne spanningen zijn, de verhalen van besparingen die moeilijk gevallen zijn. Moet dat niet rechtgetrokken worden?

‘Het regeerakkoord is één zaak. De manier waarop je de boel enthousiasmeert, er spirit insteekt ook, zelfs al moet er bespaard worden, dat je daar die keuzes juist legt, met een gevoelige, empathische inschatting van de samenleving, daar moet inderdaad nog een beetje aan gewerkt worden.’

‘Ik denk dat dat dringend nodig is, want anders krijgen we een verhaal. En ik pleit niet voor een kibbelkabinet. Ik wil niet dat we moeten zeggen: het is die of die partij. Het is een collectieve verantwoordelijkheid. De collectieve verantwoordelijkheid van die drie partijen die op zich de ambitie hebben om het samen te doen. Maar ze moeten proberen een samenleving mee te krijgen. Dat is de essentie. Uiteindelijk, op een gegeven moment vorm je een meerderheid, of dat nu Vlaams is, in een dorp of een stad. Vanaf dat moment werk je voor gans die samenleving. Dat is het project. En dan kun je zeggen: ’Ik ben een beetje meer voor die of voor die’, maar je moet een project hebben dat enthousiasmeert. Het gaat niet over de tekst van dat regeerakkoord, het gaat over de methodiek en de aanpak. Dat lijkt me toch iets waar de ganse ploeg en de leiding in het bijzonder, moeten aan werken.’

Dat is een duidelijke boodschap voor Jan Jambon (N-VA) en zijn team?

‘Ik denk dat de minister-president een rol heeft, maar alle ministers hebben een rol. Natuurlijk, hij komt van het federale, hij moet misschien nog een beetje wennen aan het Vlaamse niveau, maar het is heel belangrijk.’

Het federale land dan. Dat is ook een uitdaging. Als we even naar 2020 vooruitblikken: hoe schat je dat in? Hoe gaat dat eindigen?

‘Wel, we zitten een jaar in lopende zaken. Dat kan niet blijven duren. Het begrotingstekort groeit of loopt op. Men ziet dat niet, maar het ergste is dat mensen op een zeker moment ook onverschillig worden. Er is een moment geweest van paniek: ‘Het duurt te lang’…’

‘Ik denk dat er ook een structureel element is. Dat is iedere keer opnieuw bij regeringsvorming nu: 100 dagen, 300 dagen, 500 dagen. Ook daar moeten we over nadenken. Maar ik denk dat we vooral moeten kijken: Wat zijn nu de belangrijkste punten vandaag om vooruit te geraken? En wie wil er nog meewerken? Dat is wat moet gebeuren.’

Hoe moeilijk is het dan om daarin een opdracht te krijgen, vraag ik me af? Want het is wel echt een mijnenveld, ook van persoonlijkheden.

‘Ja, mijnenveld is een woord… Kijk, er zijn inderdaad veel assen waarop verschillen zijn en die liggen helemaal door elkaar. Je hebt de institutionele as, de socio-economische as, de ethische as. De ene keer is het de ene combinatie, de andere keer is het de andere combinatie.’ ‘Ik maak soms de vergelijking met Europa. Dat zijn nu 27 landen, allemaal met verschillende meerderheden. Enorm complex. Maar er zijn verkiezingen geweest op hetzelfde moment, in mei van dit jaar, en we hebben wel een Europese Commissie. Hoe komt dat? Is dat omdat men daar wat meer cohesie heeft dan in dit land? Dat kan, maar uiteindelijk zijn socialisten, liberalen of christendemocraten van verschillende landen ook verschillend, dus dat is echt nog iets anders dan het Belgische niveau. Maar het werkt omdat men meer zegt: ‘We moeten naar een Commissie gaan die misschien minder ideologisch is, maar een project heeft. Die werkt met een duidelijk project, en duidelijke uitdagingen.’

‘Als ik het land zie, dan gaat het een beetje in die richting evolueren. De politieke meerderheden om een federale regering te maken, als die niet meer spontaan kunnen ontstaan op een ideologische basis, dan moet je meer naar een technische samenwerking gaan. Ik bedoel dan niet technisch-technisch, maar wel dat je zegt: ‘Goed, we zitten vervat in een systeem waar de meerderheid zus en zo is aan deze of gene kant, maar we werken samen en we definiëren de projecten waarrond we samenwerken.’

‘Er zijn twee dingen belangrijk in het leven: wiskunde en liefde’

Dus een regering puur gebaseerd op ‘wat voeren we samen uit’, maar niet uit liefde?

‘Zo veel ruimte voor liefde is er ook niet altijd. Ik zeg tegen mijn kinderen altijd: Er zijn twee dingen belangrijk in het leven, dat is wiskunde en liefde.’

Wiskunde en liefde?

‘Ja, wiskunde en liefde. Wiskunde is de ratio, het mathematische. Ik ben zelf ingenieur. En daarnaast is de liefde is natuurlijk ook uitermate belangrijk.’

‘Maar als je zegt: Een begroting is wat het is… Iedereen, wij ook, heeft graag leuke dingen voor de mensen. Maar als je weet dat de ruimte is wat ze is, dan heb je niet veel keuze.’

Maar is het deze keer niet meer dan zomaar een regering vormen, technisch of niet?  Een aantal van uw collega-voorzitters zegt dat we richting een systeemcrisis gaan. Lukt het hier allemaal nog wel in dit land, op deze manier?

‘Ja, die vraag is legitiem. Het duurt lang, maar het heeft nog langer geduurd. Dat is het punt. Dat het systematisch lang duurt. Ook in andere landen. En daarmee dat ik denk dat we effectief moeten kijken op welke manier we daaruit komen. Er zijn nog modellen, hè. Johan Vande Lanotte (sp.a) had voorgesteld: ‘Je moet zeggen, zoveel maanden en dan terug verkiezingen’. Nu, ik heb geen angst voor verkiezingen, maar ik denk niet dat het op dit moment veel zou oplossen.’

Het systeem zoals in Israël?

‘Ja, inderdaad. Maar daarvan stel je ook vast in Spanje of in Israël of Italië, dat je er daar ook niet uit geraakt. Dan heb je weer verkiezingen en… Je patineert maar verder. Dus misschien is het model waar je van kan uitgaan niet zo gek. Ofwel heb je een duidelijke stroming een duidelijke keuze bij de vorming van de regering: het is links of het is rechts, of het is weet-ik-veel-wat. Die stroming heeft dan meerderheden in het ganse land. Ofwel zeg je: ‘Het is er nu niet’. In dit landsdeel is het dat, in dat landsdeel is het dat. Laat ons vooral kijken wat we technisch samen kunnen doen.’

Dat is natuurlijk wel de keuze op dit moment. Je kan zeggen: ofwel vorm je een ideologisch meer coherent kabinet, dat is dan eigenlijk paars-groen. Al dan niet aangevuld met CD&V, maar dat is duidelijk meer naar links. Ofwel is het dan meer die technocratische oplossing van paars-geel. En nu hoor ik u eigenlijk zeggen: Het zou beter zijn dat het dat laatste wordt, eigenlijk.

‘Wel, ik denk dat ik in het kader van die informatieopdracht daar nu niet veel over kan zeggen. We zijn de gesprekken aan het voeren en we zullen zien waar we uitkomen.’

Wat wel terugkomt, en dat is misschien voor u interessant, omdat u een nieuwkomer bent: die menselijke relaties, persoonlijke ambities ook. Hoe ervaart u dat nu u er plots midden in bent beland?

‘Ik hou me daar niet te veel mee bezig. Ik probeer bij de informatieopdracht te zien en te horen wat men zegt. Maar dat is ongetwijfeld in alles zo, dat menselijke relaties op een gegeven moment een rol spelen.’

‘George-Louis Bouchez heb ik voor het eerst in mijn leven gezien op de hoek van het paleis’

Maar uw persoonlijke contacten zijn goed?

‘Ja, dat is zeer aangenaam. Er zijn nog wel meer nieuwe voorzitters dan ik alleen. Bij de MR is er een nieuwe partijleider, bij de sp.a is er een nieuwe voorzitter. Dus dat zijn allemaal nieuwe elementen. Zelfs bij de PS is er een nieuwe voorzitter. Dus dat denk ik ook een rol speelt in het hele proces.’

Wat opviel tijdens de voorzitterscampagne binnen CD&V was dat u zichzelf als de outsider zag, als iemand die niet deel was van het establishment. Voelt u dat vandaag ook nog zo aan? Geen deel van de kaste?

‘Je wordt dat snel… Je bent partijvoorzitter geworden, dus op dat moment ben je dat ook wel. Maar ik voel mij uiteraard nog wel wat nieuw in dat geheel. Er waren wel een aantal mensen die ik nog ken van vroeger, maar er zijn ook echt veel nieuwe relaties. George-Louis Bouchez heb ik voor het eerst gezien op de hoek van het paleis. Om dan daarna samen de opdracht te krijgen.’

Dat was letterlijk de eerste keer?

‘We hadden een afspraak dat we moesten gaan naar het paleis. Ik heb hem gebeld en gevraagd: ‘Waar ben je? Dan kunnen we elkaar op de hoek zien en samen naar binnen gaan’.’

Welke taal spreekt u samen?

(Lacht) ‘Wel, ik spreek Frans en Nederlands met hem.’

Ah, spreekt hij dan toch Nederlands?

‘Wel, ik spreek Frans.’

Wat is het belangrijkste dat er in 2020 moet gebeuren in dit land?

‘Een deftige begrotingscontrole, de begroting in evenwicht brengen op termijn. Maatregelen nemen om dat niet verder te ontsporen is absoluut cruciaal. Nu, er zijn nog uitdagingen van het land, maar daar begint het toch mee natuurlijk.’

En wie moet het land gaan leiden?

‘Hoe bedoelt u?’

Welke persoon ziet u als premier?

‘Daar heb ik eigenlijk nog niet over nagedacht. Ik denk dat het belangrijk is dat je weet wat je wilt doen en dan zien wie het wil doen. Met welke partijen en welke meerderheden. En dan zal dat er wel uit voortvloeien, denk ik.’

Maar het is niet uitgesloten dat het premierschap naar uw partij komt?

‘Ik denk dat het echt veel te voorbarig is om daar nu zelfs een uitspraak over te doen.’

We zijn zes maanden na de verkiezingen.

‘Ik bedoel: in de informatieopdracht die ik vandaag heb is dat helemaal niet aan de orde. En dat zou niet mogen meespelen.’

Nog even terug naar die rollercoaster van 2019. Het is natuurlijk wel een totaal ander leven dat u nu in Brussel moet gaan leiden. Was u klaar voor zo’n grote verandering?

‘Dat is een enorm grote stap, daar hebt u gelijk in. Of ik daar klaar voor was of niet, dat weet ik niet. Maar op een gegeven moment stel je je kandidaat en dan kun je verkozen worden. Dan is het zo.’

‘Ik heb die job in de haven enorm graag gedaan. Het voorzitterschap van een partij, dat is echt uit de comfortzone gaan. Of het een verbetering is of niet, dat weet ik niet voor mezelf. Maar op een gegeven moment voel je dat je iets moet doen en wilt doen. En dat doe je dat. Ik ben niet zo voor achteruit kijken. Ik heb al een paar keer in m’n leven geswitcht. Ik was in de privésector actief, ook in het Midden-Oosten voor een bouwfirma, vervolgens heb ik in het parlement gezeten. Toen ben ik een stukje uit de nationale politiek gegaan en dan ben ik naar de haven vertrokken. Nu terug, dus op zich houdt me dat ook wel scherp.’

U hebt dus toch een bepaalde impulsiviteit, zelfs als ingenieur.

‘Nu ja, impulsief… Dit is ook geen dagelijkse switch. Ik denk dat het vooral ook te maken heeft met de drang om uitgedaagd te blijven.’

Iets wat uiteraard ook altijd terugkomt: uw vader, die ook een bekend politicus was, is op z’n 53ste overleden. U wordt dan uitgerekend op dezelfde leeftijd voorzitter van de partij. Is dat ook een cirkel die rond is?

‘Dat is een element, omdat je dan zegt: ‘Ik ga in extra time’. Het is al lang geleden dat hij overleden is, van in 1992. Maar ik heb het wel zo zelf ervaren: je wordt 40, je wordt 45, je wordt 50. En telkens denk je: ‘Ga ik de 53 halen of ga ik erover?’ Dat zit wel in je hoofd. Ik weet niet waarom, maar dat is zo. En dan denk ik: ‘Nu zit ik op die leeftijd, dus nu kan ik eens iets doen wat rationeel niet zo heel verstandig is.’

Voor u is de keuze voor het CD&V-voorzitterschap dan ‘rationeel niet verstandig’?

(lacht) ‘Inderdaad: rationeel absoluut niet verstandig. Ik denk dat veel mensen mij dat ook gezegd hebben. Maar ik zeg het: Dat is het hoofd en het hart. In het leven is dat altijd zo. De ene keer is het dit, de andere keer dat.’

Wat opviel toen u voorzitter werd, was dat uw familie mee in de coulissen stond, zelfs mee naar de televisiestudio’s ging. Is die steun belangrijk voor u?  

‘Wat wel belangrijk is, is de positie van mijn kinderen. Het zijn twee twintigers. De ene is meer in politiek geïnteresseerd dan de andere, maar toch leeft dat bij hen. En die oriëntaties ook.’

Zijn het CD&V’ers?

‘Nee, niet allemaal. De verscheidenheid van het spectrum zit erin. En dat is juist wat mij ook boeit. Om te zien hoe je jonge mensen opnieuw naar de politiek kunt trekken en houden. Niet om allemaal in de politiek te stappen, maar om toch maatschappelijk betrokken te zijn. Dat vind ik wel belangrijk in de samenleving, dat mensen maatschappelijk begaan zijn.’

Nog even de voornemens nog voor 2020. Wat wenst u het land toe?

‘Ik wens het land toch een stabiele regering toe, in elk geval.’

Met CD&V als deel daarvan?

‘Als dat kan bijdragen tot de stabiliteit en een goed bestuur, is dat altijd goed. Maar als anderen het doen en het is ook goed, dan is dat ook belangrijk voor het land.’

En uw partij?

‘Ik denk dat mijn partij wat meer zelfvertrouwen zou mogen hebben in 2020. En een aantal goeie inhoudelijke debatten. Ik denk dat dat echt goed zou zijn voor de partij.’

En dat tot slot voor uzelf?

‘Ik denk dat we in een nieuwe rol ons evenwicht proberen te vinden. Ik hoop vooral heel veel mensen te leren kennen. Van bij wijze van spreken Veurne tot in Lanaken. Daar kijk ik wel naar uit.’

Lees hier de andere Xmas Talk-interviews:

Meer premium artikelen
Meer
Markten
Mijn Volglijst
Markten
BEL20