Van kleine rimpeling tot doodvonnis: coronaklap verschilt enorm per sector

Een horecazaak die gesloten blijft omwille van de coronaregels – Isopix

Zoals het coronavirus bij sommige patiënten niet meer is dan een briesje en voor andere de hel, is ook de economische impact van de pandemie erg onevenredig verdeeld.

Door de coronacrisis krimpt de economische activiteit in België mogelijk met een slordige 10 procent, een van de diepste recessies ooit. Maar dat kan je ook omgekeerd bekijken: 90 procent van de economie blijft in deze historische crisis gewoon draaien.

‘De economische pijn is zeer onevenredig verdeeld over de verschillende sectoren’, schreef Koen De Leus, de hoofdeconoom bij BNP Paribas Fortis begin deze maand. ‘Anders dan bij vorige recessies blijft de industrie relatief gespaard. De grootste slachtoffers vinden we terug in de dienstensectoren, en dan vooral deze met een hoog ‘face-to-face’ gehalte. Sectoren zoals horeca, evenementen, non-food retail, textiel en meubelindustrie hebben het zwaar te verduren.’

‘Gesloten voor onbepaalde tijd’

De jongste enquêteresultaten van de Economic Risk Management Group, een crisiscel binnen de Nationale Bank, bevestigen de grote verschillen. De bedrijven worden op regelmatige tijdstippen gevraagd hoe groot ze hun omzetverlies in die week inschatten, tegenover een normale situatie zonder coronacrisis.

De antwoorden voor deze maand dateren van 20 oktober, dus nog voor de recentste verstrengingen van de coronaregels. Wat blijkt? De kunst- en entertainmentsector sprak van een geschat omzetverlies met 74 procent. De werkelijke klap zal na het aanscherpen van de regels nog erger zijn.

Al maanden op rij kijken cultuurhuizen en entertainmentbedrijven tegen omzetverliezen tussen 63 en 92 procent minder business aan. Illustratief voor de ontreddering: het Brugse muziekcentrum Cactus kondigde donderdag zijn sluiting voor onbepaalde tijd aan.

Ook de horeca is de wanhoop nabij. Behalve in de wat betere maanden augustus en september liggen de omzetverliezen steevast tussen 65 en 95 procent.

Winkels: voeding top, niet-voeding flop

Bij de voedingswinkels daarentegen is de impact van de crisis heel beperkt. De omzet haalde zowel in april als in oktober normale niveaus en op sommige momenten daartussen was er zelfs sprake van hogere verkoopcijfers. De Nationale Bank wijst erop dat een verplichte sluiting van de horeca een positief neveneffect heeft op de verkopen in de voedingszaken.

De non-foodwinkels, zoals modewinkels of elektrozaken, hebben het veel zwaarder, onder meer door verplichte sluitingen en de concurrentie van e-commerce. ‘Een verplichte sluiting van de horeca heeft bij dit type winkels een negatief effect, aangezien een winkelbezoek en horecabezoek vaak gecombineerd worden’, zeggen de onderzoekers.

Cash

Uit de enquêtes blijkt verder dat brede delen van de economie de schade al enkele maanden op rij beperken tot circa 10 procent of minder. Het gaat om sectoren als ICT, zakelijk advies of de banksector.

‘De impact van deze crisis is niet voor alle bedrijven dezelfde’, zegt ook Piet Vandendriessche, de CEO van consultancygroep Deloitte België. ‘Wellicht zijn er bedrijven die zelfs beter uit deze crisis zullen komen. Dan heb ik het niet alleen over Big Tech als Facebook of Amazon, maar ook over een hele laag bedrijven net onder dat niveau. Elke crisis heeft winnaars en verliezers. De markt van fusies en overnames blijft ook draaien. Er is veel cash in de markt.’

Overheid als Superman

De nieuwe lockdown leidt tot een stroom aan nieuwe steunaanvragen bij de overheid, die als een Superman de ene sector na de andere zal moeten redden met maatregelen als tijdelijke werkloosheid, soepele kredieten en uitstel van betalingen.

De afgelopen maanden bleek dat er ook op dat vlak grote sectorverschillen bestaan. Terwijl de ene sector een goed geoliede lobbymachine inzette om de belangen te behartigen, bleken andere economische activiteiten – met het nachtleven en zijn erg diverse samenstelling op kop – geen collectieve stem te hebben.

Vandendriessche: ‘Neem de entertainmentsector. Daar heb je enkele grote spelers, maar daar hangen een heleboel kleine spelers aan vast. Niet elke subsector is even goed georganiseerd om de juiste overheidssteun te bekomen. Daardoor dreigt diepe kennis verloren te gaan. Als een electricien klank en licht de entertainmentsector verlaat, keert hij misschien nooit meer terug.’

De inzet is enorm. Bijna de helft van de ondernemingen (45 procent) zegt een tweede lockdown van meerdere weken alleen te kunnen overleven met financiële steun, zo bleek uit de rondvraag van Nationale Bank. In de horeca- en entertainmentsector loopt dat zelfs op tot bijna 80 procent. Dat betekent dat die sectoren voor hun overleven bijna volledig afhangen van Vadertje Staat.