Restgronden bouwwerven: een vergeten Europese afvalproblematiek

Afgegraven gronden vormen een belangrijke Europese afvalproblematiek. – Caterpillar

De meeste mensen associëren afval met huishoudelijk restproducten die uiteindelijk op stortplaatsen terechtkomen. In volumes vormen afgegraven gronden van bouwwerven in Europa echter de grootste bron van afval. Dat zegt Eurostat, het Europese bureau voor de statistiek. In volumes gaat het over een massa die vijf keer groter is dan het huishoudelijk afval van de Europese gezinnen. Toch blijkt aan deze problematiek weinig aandacht te worden besteed.

Uitgegraven gronden worden volgens de Europese wetgeving als afval bestempeld. Daarom moeten deze gronden naar een stortplaats worden afgevoerd.

Traceerbaarheid

‘Toch blijkt 80 procent van deze gronden geen enkele vervuiling aan te geven,’ benadrukt Emmanuel Cazeneuve, oprichter van Hesus, een Franse startup die zich bezighoudt met het beheer van bouwafval. ‘Als er een goed systeem rond traceerbaarheid zou worden ingevoerd, zouden deze gronden veilig op een andere locatie kunnen worden hergebruikt.’

‘Het is moeilijk om een goed beeld over de sector te verkrijgen,’ merkt Cazeneuve op. ‘Databases zijn onbestaande of cijfers verdrinken in de statistieken van industrieel afval. Geraamd wordt echter dat in Frankrijk jaarlijks 150 miljoen ton gronden worden afgegraven. Dat volume is vijf keer groter dan het Franse huishoudelijke afval. De meeste andere Europese landen hebben verhoudingsgewijs wellicht vergelijkbare cijfers.’

‘Daarnaast moet worden vastgesteld dat er op stortplaatsen nauwelijks controles bestaan,’ aldus Cazeneuve. ‘Dat zet de deur open voor het illegaal storten van onder meer vervuilde gronden van oude industrieterreinen. Hierdoor is het op Europees vlak nauwelijks mogelijk om de vervuiling aan te pakken en de ontwikkeling van een circulaire economie te bevorderen. Bovendien zijn er ongetwijfeld huizen of andere bouwwerken op vervuilde terreinen opgetrokken. Dat kan leiden tot gezondheidsproblemen die vermeden hadden kunnen worden.’

Op Europees niveau begint nu echter wel iets te bewegen. ‘In het actieplan circulaire economie dat in maart vorig jaar werd gepubliceerd, noemde de Europese Commissie bouwafval bij de zeven sectoren – naast onder meer elektronica, verpakkingen, plastic en textiel – die dringend aandacht van de beleidsmakers vereisen,’ aldus de nieuwssite Euractiv.

‘Daarbij wordt gewag gemaakt van een bevordering van het veilige, duurzame en circulaire gebruik van uitgegraven gronden. Later dit jaar wordt een strategie voor een duurzame gebouwde omgeving voorgesteld, maar het is nog niet duidelijk of daarin ook een verplichte traceerbaarheid van uitgegraven gronden zal worden opgenomen.’

Vlaanderen

Een aantal landen hebben terzake al wel initiatieven getoond. Daarbij wordt Vlaanderen als voorbeeld genoemd. ‘In het Vlaamse Gewest moeten alle bewegingen van uitgegraven gronden in een databank worden geregistreerd,’ aldus Cazeneuve. ‘Dit kost 0,05 euro per kubieke meter, maar dat leidt wel tot een besparing van 2 euro per kubieke meter door vermeden kosten voor transporten en stortbelasting.’

‘Voor grote bouwconcens zoals ACS of Vinci kan dat tot aanzienlijke besparingen leiden. In plaats van vrachtwagenladingen gronden naar afgelegen stortplaatsen te moeten verplaatsen, is immers een hergebruik mogelijk op andere bouwplaatsen die zich in de omgeving bevinden.’

Cazeneuve wijst daarna significante milieuvoordelen, aangezien ook een belangrijke besparing op de uitstoot van koolstofdioxide zou kunnen worden gerealiseerd. ‘Het beheer en het transport van uitgegraven gronden vertegenwoordigt tussen 7 procent en 8 procent van de totale emissies die op een bouwwerf kunnen worden opgemeten,’ merkt hij op.