De hervorming van de Vlaamse autokeuring treedt binnenkort in werking. Het was Lydia Peeters (Anders), toen Vlaams minister van Mobiliteit, die al in 2023 de eerste krijtlijnen uittekende. Haar opvolgster, Annick De Ridder (N-VA), gaf er de definitieve vorm aan en keurde deze week de nieuwe regels goed. Vanaf 1 september 2026 verdwijnt de verplichte keuring voor tweedehandswagens en -motoren. Ook de jaarlijkse keuring van aanhangwagens wordt afgeschaft, de termijn om gebreken te herstellen wordt verlengd en de controle van verzekeringsattesten verdwijnt.
Vanaf eind 2027 kan elke Vlaming vrij kiezen tussen een erkende garage en een klassiek keuringscentrum. Het doel? Een systeem ontlasten dat als te streng wordt ervaren en de wachttijden verkorten. Op het eerste gezicht zal dat effect groot zijn: volgens de nota van de minister zullen er in 2027 1,4 miljoen keuringen minder plaatsvinden dan in 2024, en 1,7 miljoen minder in 2028. Annick De Ridder noemt deze aanpassingen noodzakelijk en benadrukt dat investeringen in verkeersveiligheid een prioriteit blijven in haar budget. Klopt dat?
Bijna 500 jobs verdwijnen
De daling van het aantal keuringen heeft in werkelijkheid nog andere gevolgen. Vooral op het vlak van werkgelegenheid. Volgens schattingen van het kabinet verdwijnen er tegen 2030 maar liefst 498 jobs in de keuringscentra. De timing is duidelijk: 121 jobs verdwijnen al vanaf september 2026, gevolgd door 323 in 2027 en nog eens 54 technici in 2028. Deze cijfers houden alleen rekening met de pure daling van het aantal keuringen, niet met een eventuele verschuiving van controles naar erkende garages, wat het verlies nog groter kan maken.
Bijna 500 banen bedreigd door hervorming autokeuring, sectorfederatie: "Intriest" https://t.co/9VRjhHYat5 #vrtnws
— VRT NWS (@vrtnws) March 21, 2026
Dirk Snauwaert van sectorfederatie GOCA liet aan de VRT zijn ongenoegen blijken: werknemers die opgeleid zijn volgens de eisen van de overheid, worden nu bedankt voor bewezen diensten. Ook vakbond ACV Puls hekelt de financiële paradox, zo schrijft HLN: de centra werken met een beheersovereenkomst, waardoor de Vlaamse overheid hun verliezen dekt. De kostprijs van de ontslagen loopt op tot meer dan 32 miljoen euro, grotendeels betaald door de belastingbetaler. Ter herinnering: de inkomsten van de centra bedroegen meer dan 222 miljoen euro in 2025 en zouden tegen 2030 met ongeveer 100 miljoen euro kunnen dalen. Minder keuringen betekent minder inkomsten.
Een leeglopende kas
Minder werkgelegenheid is niet het enige gevolg. Ook het Vlaams Fonds voor Verkeersveiligheid wordt geraakt. Dit fonds financiert projecten en materiaal voor veiligere wegen en wordt onder meer gespijsd door verkeersboetes, waaronder die voor bestuurders met een vervallen keuringsbewijs. Minder verplichte keuringen betekent minder vastgestelde overtredingen, dus minder boetes en minder inkomsten. Volgens schattingen loopt het verlies op tot 14 miljoen euro vanaf 2026 en tot 85 miljoen euro cumulatief tegen 2030 volgens het kabinet-De Ridder. GOCA schat het verlies zelfs op 129 miljoen euro.
Maar binnen de regering gelooft men in het principe van communicerende vaten. Om het gat te dichten, rekent de overheid op de ANPR-camera’s die bestuurders zonder verzekering of met een verlopen keuring opsporen. Bovendien zullen de onmiddellijke boetes binnenkort met 10% stijgen. Vanaf 2027 zouden deze camera’s zo jaarlijks tot 33 miljoen euro extra opleveren. Voor ACV Puls is dat onaanvaardbaar. Volgens de vakbond zal de burger twee keer betalen: eerst met minder bescherming op de weg en daarna via hogere fiscale druk.
Verouderend wagenpark
Volgens ACV Puls is dat geen loze kritiek. Voor het eerst ooit is de gemiddelde leeftijd van Belgische auto’s boven de tien jaar gestegen. Eén op de vijf voertuigen is ouder dan vijftien jaar. Oudere wagens vragen logischerwijs meer onderhoud. Maar veel Belgen kunnen die kosten steeds moeilijker dragen. Een recente studie toont dat herstellingen tussen 2021 en 2025 met bijna (of zelfs meer dan) 30% gestegen zijn. De prijzen zijn zo hoog dat steeds meer automobilisten onderhoud uitstellen of het zelf proberen te doen. Of dat een goede zaak is? Waarschijnlijk niet.
Deze hervorming van de autokeuring roept dus heel wat vragen op. Aan de kant van de overheid klinkt het verhaal positief: minder verplichtingen en kortere wachttijden. Maar in de praktijk, met een verouderend wagenpark, lijkt de kans klein dat de verkeersveiligheid erop vooruitgaat. En dat terwijl de regering nog altijd mikt op nul verkeersdoden tegen 2050. De situatie oogt tegelijk paradoxaal en ronduit utopisch. Of niet?

