Viktor Orbán, de premier van Hongarije, heeft tijdens een toespraak gezegd dat Europeanen zich niet met andere rassen zouden moeten vermengen. Dat was de druppel voor adviseur Zsuzsa Hegedüs, die dinsdag op dramatische wijze haar ontslag indiende. Maar waarom juist nu?
De Hongaarse premier is inmiddels al een bekende figuur in de Europese politiek: Orbán krijgt al geruime tijd kritiek van politieke tegenstanders en het maatschappelijk middenveld omdat hij het vuur van xenofobie, homofobie en antisemitisme aanwakkert. Toch was zijn toespraak in het weekend explicieter dan voordien.
Daarin beweerde hij dat “internationaal links” Europa afbeeldt als een plaats die “bevolkt wordt door mensen van alle rassen”. En juist dat laatste is een punt waar Orbán op hamerde: “”We zijn bereid om met elkaar te mengen, maar we willen geen gemengd ras worden”, klonk het tijdens de speech.
Voor Hegedüs, die de Hongaarse premier al meer dan twintig jaar zou kennen, was de toespraak de druppel. Zij detecteerde voor het eerst sinds ze de man kende een ondertoon die haar verontrustte.
“Goebbels waardig”
Hegedüs liet in haar ontslagbrief – die onmiddelijk aan de media gelekt werd – duidelijk weten wat ze van Orbáns speech vond. Daarin noemt ze dat een “pure nazitoespraak” die “Goebbels waardig” zou zijn. “Dat je in staat bent een openlijk racistische toespraak te houden, zou zelfs in een nachtmerrie niet bij me opkomen”, zei de voormalige adviseur.
En hoewel ze zei al langer geen fan te zijn van de “illiberale wending” van de Hongaarse premier, zou de nieuwste retoriek haar toch “verbaasd” hebben. Orbán zou een grens hebben overschreden die hij voordien nog niet had durven overschrijden.
Maar daar hield de saga niet op. Slechts enkele uren later publiceerde de premier zijn eigen brief, waarin hij beweerde een “nultolerantie” te hanteren tegenover antisemitisme en racisme. “We kennen elkaar al duizend jaar lang”, zei Orbán. “Racisme is in het geval van mensen als ik ab ovo uitgesloten.”
Daarna antwoordde Hegedüs met nog een brief, waarin ze uitlegt hoe haar ouders de Holocaust overleefden. Mensen zouden toen massaal zijn gestorven, juist omdat teveel mensen stil zouden zijn gebleven toen haat voor het eerst opdook.
Groeiend schisma
Dat de retoriek van de Hongaarse premier juist nu lijkt te escaleren, is geen toeval. Het gaat immers niet goed in het Oost-Europese land: de inflatie bedraagt er de voorbije maanden voor het eerst in twintig jaar meer dan 10 procent, hoger dan het Europese gemiddelde.
Tegelijkertijd kwamen mensen in juli op straat, om te protesteren tegen een nieuwe – zeer onpopulaire -belastingwetgeving die volgens critici vooral kleine ondernemingen zal raken. Die wetgeving werd doorgevoerd om de staatskas te spijzen, nadat de Europese Unie snoeide in de EU-fondsen naar het land vanwege corruptie en zorgen over de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht.
Dat representeert een groeiend schisma tussen Hongarije en de rest van de Europese Unie. En dat begint merkbaar te worden. Hongarije was dinsdag bijvoorbeeld het enige Europese land dat het plan om gas te besparen, niet ondersteunde. Orbán noemde dat “alarmerend” en “een andere stap richting een oorlogseconomie”. Intussen blijft het land toenadering zoeken tot Rusland.
(kg)