Brieven van Hitlers vader geven inkijk in het leven van de dictator

Alois Hitler, de vader van Adolf.

Zo vader, zo zoon. De vader van Adolf Hitler was – net als zijn zoon – een autodidact, zelfvoldaan en ook hij overschatte zichzelf, schrijft de Oostenrijkse historicus Roman Sandgruber in een nieuw boek.

Op het eerste gezicht bevat de bundel van 31 vergeelde brieven die de afgelopen eeuw op een Oostenrijkse zolder lagen te verkommeren niet veel meer dan wat dorpsroddels. Maar pas als we naar de afzender kijken, wordt de historische waarde ervan duidelijk: Alois Hitler, de vader van de nazi-dictator.

De brieven, voor het eerst gepubliceerd in het Duitstalige boek Hitlers Vader: Hoe de Zoon een Dictator Werd, werpen nieuw licht op het vroege gezinsleven van de man die later een centrale rol zou spelen in de opkomst van het fascisme in Duitsland, de Tweede Wereldoorlog en de Holocaust.

Alois Hitler

Het boek is gebaseerd op de 31 brieven die Alois Hitler schreef aan Josef Radlegger nadat hij diens boerderij in Hafeld in Oostenrijk had gekocht. Hoewel Alois Hitler geen ervaring met landbouw had, wilde hij ‘altijd een geleerde herenboer zijn die beter was dan anderen’, schrijft Sandgruber in zijn boek. 

Alois, die in 1837 in het toenmalige keizerrijk Oostenrijk werd geboren, kreeg bijna geen formele scholing, maar klom toch op in de rangen van de douane. Zijn eerste huwelijk, met een vrouw die 14 jaar ouder was dan hij, bleef kinderloos. Zijn tweede vrouw, 18 jaar jonger, stierf op vroegtijdige leeftijd. Zijn derde vrouw, Klara, een verre nicht, was al zwanger toen ze trouwden en het echtpaar verloor vier van hun zes kinderen voordat ze op 47-jarige leeftijd aan kanker overleed.

‘Bijna slaafse imitatie’

Adolf werd geboren op 20 april 1889 in Braunau am Inn, een klein stadje 60 km ten noorden van Salzburg. Volgens auteur Roman Sandgruber wijzen de recent ontdekte brieven erop dat de latere nazi-leider de minst aantrekkelijke eigenschappen van zijn vader heeft overgenomen: een autoritaire persoonlijkheid, arrogantie, koppigheid en minachting voor de kerk, de wetenschap en de adel.

‘Er is een bijna slaafse imitatie van de vader door de zoon, van de opvallend gelijkende handtekeningen tot de gedeelde minachting van schoolse kennis en het zelfvertrouwen van een autodidact’, schrijft Sandgruber.

In de brieven schetst Alois ook een complexer en vleiend beeld van de moeder van Adolf. ‘Ze was niet ongeschoold en was geen onderdrukte echtgenote die alleen maar werd uitgebuit’, schrijft de historicus in zijn boek. ‘Mijn vrouw houdt ervan om bezig te zijn’, schreef Alois in 1894, ‘en heeft de nodige vreugde maar ook begrip voor [een] goede huishouding.’

Lees ook: