Industriële productie in EU en eurozone stijgt licht in april


Key takeaways

  • De industriële productie in de Europese Unie groeide in april 2026 licht met 0,1 procent.
  • Consumptiegoederen zorgden voor maandelijkse stijgingen, terwijl de kapitaal- en energiesectoren daalden.
  • Denemarken leidde de jaarlijkse groei met een enorme stijging van 12,2 procent.

Recente gegevens van Eurostat wijzen op een lichte opwaartse trend in de industriële productie voor april 2026. Zowel de Europese Unie als de eurozone kenden een lichte maandelijkse stijging van 0,1 procent, na een sterkere groei in maart, toen de cijfers respectievelijk met 0,8 procent en 0,4 procent stegen. Op jaarbasis gezien kende de EU een productiestijging van 0,9 procent ten opzichte van april 2025, terwijl de eurozone met 0,3 procent steeg.

Grootste groei voor niet-duurzame consumptiegoederen

Als we kijken naar specifieke sectoren binnen de eurozone in april, kenden niet-duurzame consumptiegoederen de grootste maandelijkse groei met 1,7 procent, gevolgd door duurzame consumptiegoederen met 1 procent en intermediaire goederen met 0,8 procent. Daarentegen daalden zowel de productie van kapitaalgoederen als die van energie, met respectievelijk 0,5 procent en 0,4 procent.

In de bredere EU groeiden de intermediaire goederen met 0,7 procent en de niet-duurzame consumptiegoederen met 0,9 procent, terwijl andere categorieën lichte dalingen kenden.

Regionale verschillen

De geografische prestaties varieerden aanzienlijk tussen de lidstaten. Op maandbasis rapporteerden Malta, Zweden en Nederland de grootste stijgingen, terwijl Bulgarije, Griekenland en Polen de sterkste dalingen kenden.

Denemarken koploper

Jaarvergelijkingen laten uiteenlopende trends zien tussen de industriële groepen. Zowel in de EU als in de eurozone lieten kapitaalgoederen een sterke jaarlijkse groei zien van 3,4 procent. De eurozone zag ook stijgingen in energie (1,6 procent) en intermediaire goederen (0,6 procent), hoewel het te kampen had met dalingen in niet-duurzame (-5,1 procent) en duurzame consumptiegoederen (-4 procent). Ook de EU kende dalingen bij niet-duurzame (-3,1 procent) en duurzame (-3,7 procent) consumptiegoederen, ondanks een stijging van 1 procent bij intermediaire goederen en een stijging van 1,5 procent bij energie.

Uit de jaarlijkse nationale gegevens blijkt dat Denemarken koploper is met een stijging van 12,2 procent, gevolgd door Litouwen en Malta. De grootste dalingen op jaarbasis werden daarentegen genoteerd in Luxemburg, gevolgd door Ierland, Bulgarije en Estland.

(at) (fc)

Volg Business AM ook op Google Nieuws

Wil je toegang tot alle artikelen, geniet tijdelijk van onze promo en abonneer je hier!

Voeg businessam.be toe als preferred source op Google
Meer

Ontvang de Business AM nieuwsbrieven

De wereld verandert snel en voor je het weet, hol je achter de feiten aan. Wees mee met verandering, wees mee met Business AM. Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en houd de vinger aan de pols.