Twee weken geleden bereikten de Brusselse onderhandelaars na 613 dagen eindelijk een akkoord. Na bijna twee jaar stilstand kreeg MR-voorzitter Georges-Louis Bouchez in drie dagen een regeerakkoord rond. Met MR, PS, Les Engagés, Groen, Anders, Vooruit en cd&v hebben ze nu iets meer dan drie jaar om Brussel vorm te geven. Voor de nieuwe minister-president, Boris Dilliès (MR), liggen er grote uitdagingen te wachten.
Bloedrode begroting
Het regeerakkoord telt amper 24 pagina’s, maar de Brusselse regering krijgt al meteen te maken met losse eindjes. De grootste zorgen liggen bij de begroting, die eind 2025 een tekort van 1,25 miljard euro liet optekenen. De schuldgraad steeg de voorbije jaren tot boven de 200 procent, en dat met maar een begroting van 8 miljard euro. De regering belooft tegen 2029 een evenwicht te bereiken, maar het blijft onduidelijk hoe ze dat concreet wil realiseren.
De sanering moet voor 80 procent komen uit structurele besparingen en voor 20 procent uit nieuwe inkomsten bestaan. De regering wil in de eerste plaats bij zichzelf besparen, via rationaliseringen en efficiëntieoefeningen binnen de overheid. Tegelijk maakt ze ruimte voor lastenverlagingen, om Brussel aantrekkelijker te maken als gewest. De onroerende voorheffing gaat omlaag, de personenbelasting wordt met 1 procent verlaagd en het plafond voor de registratierechten wordt opgetrokken. Maar als het begrotingsevenwicht in 2029 effectief gehaald moet worden, zal de komende jaren elke euro twee keer moeten worden omgedraaid.
Veiligheid
Met het aanhoudende geweld tussen drugsbendes in het Hoofdstedelijk Gewest is veiligheid uitgegroeid tot een absolute topprioriteit. Nadat de federale regering al besliste om de politiezones te fuseren, kondigt ook de Brusselse regering extra investeringen aan.
Naast een federale drugscommissaris komt er ook een Brusselse drugscommissaris, die een eengemaakte strategie moet uittekenen en de versnippering tussen verschillende beleidsniveaus moet wegwerken. Daarnaast wordt een geïntegreerd gewestplan uitgerold dat inzet op preventie, handhaving, opsporing en behandeling. Voor de beveiliging van de perimeter rond de stations, in het bijzonder Brussel-Noord en Brussel-Zuid, wordt er 10 miljoen euro vrijgemaakt.
Tweetalig gewest
Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is officieel tweetalig, en ook deze regering zegt die tweetaligheid te willen versterken. Ze kondigt een masterplan aan dat het gebruik van beide landstalen binnen de openbare diensten aanzienlijk moet verbeteren. Ook de ziekenhuizen worden aangesproken. Zij zullen een eigen taalbeleid uitwerken, want bijna dagelijks duiken er getuigenissen op van Nederlandstaligen die in een Brussels ziekenhuis niet in hun taal geholpen worden.
Tegelijk wringt het schoentje ook binnen de regering zelf. De minister-president en verschillende Franstalige ministers spreken amper of geen Nederlands. Ook daar zal werk van gemaakt moeten worden. Boris Dilliès, de nieuwe minister-president, kreeg daarvoor al forse kritiek.

