Key takeaways
- De Hongaarse minister van Buitenlandse Zaken zou vertrouwelijke EU-informatie hebben gedeeld met zijn Russische ambtgenoot.
- Deze vermeende informatie-uitwisseling roept ernstige vragen op over de loyaliteit van Hongarije aan de Europese Unie en haar besluitvormingsprocessen.
- De Washington Post berichtte ook over een vermeend complot om de Hongaarse premier Viktor Orbán te vermoorden, georkestreerd door Rusland.
Volgens een recent onderzoek van de Washington Post zou de Hongaarse minister van Buitenlandse Zaken, Péter Szijjártó, vertrouwelijke informatie uit vergaderingen van de Raad van de EU hebben gedeeld met zijn Russische ambtgenoot, Sergei Lavrov. Volgens een niet bij naam genoemde Europese functionaris die in het rapport wordt geciteerd, zou Szijjártó tijdens pauzes in deze vergaderingen contact opnemen met Lavrov. Daar hield hij hem op de hoogte van de discussies onder EU-leiders.
Gevolgen voor de besluitvorming van de EU
Volgens de bron van de Washington Post zou “Moskou in feite al jaren bij elke EU-bijeenkomst aan tafel zitten.” De Poolse premier Donald Tusk reageerde zondag al op het nieuws. “Dat de mensen van Orbán Moskou tot in detail op de hoogte houden van de vergaderingen van de Raad van de EU, zou voor niemand een verrassing moeten zijn”, schreef Tusk op sociale media. “We hadden daar al lang onze vermoedens over.”
De Hongaarse minister van Buitenlandse Zaken ontkende de beschuldigingen en noemde ze “nepnieuws” dat bedoeld was om de oppositiepartij Tisza een duwtje in de rug te geven in de aanloop naar de parlementsverkiezingen. Szijjártó beschuldigde de Washington Post ervan leugens te verspreiden om een oorlogszuchtige regering in Hongarije te installeren.
Olie op het politieke vuur
Zaterdag meldde de Washington Post ook dat de Russische buitenlandse inlichtingendienst een poging tot moord op Orbán in scène had gezet. Deze operatie, met de codenaam “gamechanger”, moest de kansen van Orbán op het winnen van de komende verkiezingen vergroten.
Volgens de laatste peilingen staat de oppositiepartij Tisza van Péter Magyar op kop met 48 procent van de stemmen, gevolgd door de Fidesz-partij van Viktor Orbán met 39 procent. Op 12 april gaan de Hongaren naar de stembus om een nieuw parlement te kiezen. (fc)
Volg Business AM ook op Google Nieuws
Wil je toegang tot alle artikelen, geniet tijdelijk van onze promo en abonneer je hier!

