Met branded content van TUI.be
Elk jaar kiezen ongeveer 400.000 Belgen voor een vakantie op het Griekse vasteland of op een van de Griekse eilanden. Dat is niet onlogisch. Zon, zee, historische steden en betaalbare gastronomie: Griekenland heeft het allemaal. Toerisme is voor Griekenland niet louter een lucratieve sector aan de rand van de economie, maar kan worden beschouwd als een van de motoren achter het herstel van het land. Dat blijkt uit de eerstekwartaalcijfers van de Bank of Greece. In maart 2026 stegen de Griekse reisontvangsten met 55,6 procent tegenover een jaar eerder. Over de volledige periode januari-maart ging het zelfs om een stijging met 64,3 procent. Ook het aantal inkomende reizigers nam sterk toe: plus 38,1 procent in maart en plus 38,3 procent in het gehele eerste kwartaal.
Cruciale sector voor de Griekse economie
Wanneer je voor je volgende vakantie Griekenland kiest, denk je wellicht aan zonovergoten eilanden en niet aan handelsbalansen en begrotingstekorten. Maar voor de Griekse schatkist is dat wat echt van tel is. Buitenlandse consumenten komen naar Griekenland om er diensten en producten te kopen: hotelovernachtingen, restaurantbezoeken, ferry’s, taxi’s, musea, excursies en lokale producten. Op hun uitgaven betalen ze btw en tegelijkertijd zorgen ze voor werkgelegenheid.
Voor een land dat na de eurocrisis zwaar moest besparen en zijn oude economische instrumenten grotendeels verloor, is dat belangrijk. De euro maakte devaluaties onmogelijk en zette meer druk op begrotingsdiscipline en loonmatiging. Daardoor werden Zuid-Europese landen sterker richting exportgedreven groei geduwd. Net als in Spanje en Portugal werd toerisme in Griekenland een van de meest zichtbare manieren om buitenlandse inkomsten aan te trekken. Toerisme is voor Griekenland dus een groeimotor, maar tegelijkertijd zorgt het ook voor afhankelijkheid. Europese integratie heeft daartoe bijgedragen. Vrij verkeer, Schengen, goedkopere vluchten en de liberalisering van de Europese luchtvaartmarkt maakten het eenvoudiger om binnen Europa te reizen. Voor reizigers betekende dat lagere drempels. Voor Griekenland betekende het meer bezoekers, meer inkomsten en meer kansen voor hotels, restaurants, luchthavens en lokale ondernemers.
Herstel met risico’s
De sterke start van 2026 past in een breder herstelverhaal. Griekenland had het jarenlang moeilijk door de gevolgen van de eurocrisis, maar profiteert nu van een combinatie van hervormingen, Europese middelen, investeringen en toeristische vraag. Dat maakt de toeristische sector politiek en economisch belangrijk. Maar het succes heeft ook een keerzijde. Toerisme is arbeidsintensief en vaak seizoensgebonden. Veel jobs bevinden zich in horeca, schoonmaak, transport en tijdelijke dienstverlening. Dat creëert werk, maar niet meteen de meest stabiele of hoogproductieve loopbanen. Veel productiviteitswinst zit er niet in en dus blijft men ter plaatse trappelen.
Bovendien kan een economie die sterk leunt op toeristische stromen kwetsbaar worden voor schokken waar ze zelf weinig controle over heeft. De coronacrisis was daar al een voorbeeld van, maar ook geopolitieke spanningen, hogere energieprijzen, bosbranden, hittegolven of veranderende reispatronen zijn een gevaar voor de Griekse schatkist. Lokaal neemt de druk eveneens toe. Populaire eilanden en steden krijgen te maken met hogere vastgoedprijzen, waterverbruik, afvaldruk en spanningen tussen bezoekers en bewoners. De economische opbrengst is dus reëel, maar er is meer dan alleen een goednieuwsshow.
Griekse strategie voor de toeristische sector
Griekenland probeert die kwetsbaarheid te verkleinen. Niet door toerisme af te bouwen, maar vooral door het minder eenzijdig te maken. De overheid wil meer soorten reizigers aantrekken, het seizoen verlengen en de druk beter spreiden. In de toeristische strategie richting 2030 legt men ook de nadruk op hogere uitgaven per reiziger. Dat moet ervoor zorgen dat niet alleen Santorini, Mykonos of Athene profiteren, maar dat ook minder bekende regio’s delen in de groei. Daarnaast komen er maatregelen tegen overtoerisme, zoals bezoekerslimieten op drukke plaatsen, beter beheer van toeristenstromen en investeringsprikkels voor duurzamer toerisme. Griekenland zet via het Europese herstelplan in op digitalisering, innovatie, energie-efficiëntie en de groene transitie. Toch blijft dat een werk van lange adem. De Bank of Greece wijst nog altijd op lage productiviteit, een traag veranderend productiemodel en klimaatdruk als structurele uitdagingen voor de Griekse economie.

