De Raad van State vernietigt de verstrengde Vlaamse eigendomsvoorwaarden voor huurders van sociale woningen. Daardoor kunnen mensen die een deel van een onroerend goed bezitten alsnog in aanmerking komen voor een sociale woning.
Key takeaways
- Kandidaat-huurders voor een sociale woning mogen nu toch gedeeltelijk eigenaar zijn van een woning of grond.
- Het Vlaamse huurdersplatform vocht de verstrengde eigendomsvoorwaarden uit 2019 aan voor de Raad van State en haalde nu zijn gelijk.
Context: De Vlaamse regering heeft vijf jaar geleden, onder impuls van de toenmalige minister van Armoedebestrijding Liesbeth Homans (N-VA), de eigendomsvoorwaarden voor huurders van sociale woning verstrengd.
- Kandidaat-huurders mogen volgens de strengere regels niet gedeeltelijk in het bezit zijn van ander vastgoed of grond.
- Sociale huurders moeten elk deel eigendom, ook als is dit slechts een klein deel dat ze bijvoorbeeld als één van vele erfgenamen verwerven, binnen het jaar opnieuw verkopen of wegschenken. Als ze daar niet in slagen, moeten ze de sociale woning verlaten.
Strengere eigendomsregels sociale woningen op de schop
In het nieuws: De Raad van State draait de bovenstaande regeling nu terug.
- Het Vlaams Huurdersplatform uitte vijf jaar geleden al zijn ongenoegen over de wetswijziging. De organisatie stelde dat de maatregel het gelijkheidsbeginsel schendt.
- “We stelden vast dat sociale huurders met een stukje gedeelde eigendom wel nog steeds woonbehoeftig kunnen zijn. Het is niet omdat je bijvoorbeeld één achtste van een woning erft, dat je plots geen woonbehoefte meer hebt”, klonk het. “Daarenboven is het niet zo evident, en kost het vaak heel wat centen, om van dat stukje eigendom af te raken, binnen de termijn van een jaar. Deze mensen uitsluiten van de sociale huur voelde dus heel onrechtvaardig.”
- Het platform kreeg naar eigen zeggen geen gehoor bij de toenmalige beleidsmakers en trok daarom naar de Raad van State.
- Die bevestigt nu dat gedeeltelijke eigendom van een woning of grond niet voldoende is om aan de woningbehoeften te voldoen. Als je eigendom met iemand anders moet delen, kan je niet op eigen houtje beslissen wat je ermee gaat doen. Daarenboven is het niet zeker of dat deeleigendom veel waard is en het dus genoeg opbrengt om op de privémarkt te huren, vindt de Raad.
Wat betekent dat nu voor de gedupeerden?
Vooruitblik: Het Vlaams huurdersplatform onderzoekt nu in hoeverre de gedupeerden de aansprakelijkheid van de Vlaamse Regering kunnen inroepen, en voor de rechtbank een vergoeding kunnen eisen voor de geleden schade.
- “Door deze fout van de Vlaamse regering hebben heel wat mensen ernstige schade geleden”, zegt woordvoerder Joy Verstichele van het Huurdersplatform. “Er zijn mensen die er hun sociale woning door verloren hebben, anderen werden onterecht van de wachtlijst geschrapt of raakten er niet op. En dan zijn er nog de mensen die onroerend goed te snel te goedkoop van de hand moesten doen om binnen de termijn van een jaar te vallen of het zelfs noodgedwongen moesten wegschenken. Wie zoiets meemaakte en dat kan aantonen, kan een afspraak maken bij de Huurdersbond, zodat we kunnen onderzoeken of we een vergoeding voor de geleden schade kunnen eisen.”
Ook dit: Melissa Depraetere (Vooruit), de nieuwe Vlaamse minister van wonen, reageert alvast tevreden op de uitspraak van de Raad van State.
- “Sociale woningen moeten terechtkomen bij wie ze echt nodig heeft. Daar moeten we streng op zijn. Wie al een woning heeft, valt daar niet onder. Dat is evident”, zegt ze tegenover HLN.be. “Maar met een vierde van een versleten dak ben je niets. Mensen op straat zetten omdat ze een habbekrats hebben geërfd, is absurd en asociaal. Dit is een duidelijk signaal dat er dringend gesleuteld moet worden aan zulke absurde pestmaatregelen. Zodat betaalbaar wonen wordt gegarandeerd voor iedereen.”
Vergeet niet: Kandidaat-huurders voor een sociale woning mogen sinds dit jaar niet te veel spaargeld hebben, want anders komen ze ook niet in aanmerking.
- Een alleenstaande zonder personen ten laste mag niet meer dan 29.515 euro op de bankrekeningen hebben staan, om in aanmerking te komen. Dat bedrag komt overeen met de maximumgrens voor het jaarinkomen.
- Voor een koppel met twee kinderen ligt de grens op 44.270 euro.