Opnieuw een record in de financiële transfers tussen de deelstaten in absolute cijfers: Vlaanderen hoestte vorig jaar 8,5 miljard euro op voor Wallonië. Tegelijk blijkt uit cijfers van de Nationale Bank (NBB) dat de overheid nog verder verdikt is de jongste jaren: één op drie nieuwe jobs kwam er bij de overheid. In Vlaanderen is 24,45 procent van de werkenden een ambtenaar, in Brussel is dat 26,79 procent en in Wallonië werkt liefst 33,37 procent voor de overheid. Opvallend: in het etterende conflict tussen Tinne Van der Straeten (Groen) en Georges Louis-Bouchez (MR) trekt de liberale premier Alexander De Croo (Open Vld) openlijk partij voor… zijn groene minister. Open Vld-voorzitter Tom Ongena wordt geroosterd bij een tv-optreden gisteren. Zijn partijgenoot Hilde Vautmans (Open Vld), lijsttrekker voor Europa, zit dan weer in het nauw over toxisch leiderschap. De partij behoudt het vertrouwen. Sammy Mahdi (cd&v) legt in De Zondag de lat voor zijn partij en zichzelf op 9 juni: “We moeten minstens de derde partij worden.” Paul Magnette (PS) heeft al coalities in gedachten, “na 9 juni kan het snel gaan”. En Eurosong en de commotie er rond bereikte ook de Wetstraat.
Op 9 juni dreigen de drie grote politieke blokken in dit land, socialisten, liberalen en katholieken, samen een historisch lage score te halen aan Vlaamse kant. De afkalving van dat centrum heeft grote gevolgen voor hoe aan politiek gedaan wordt in de Kamer, zo maakte afscheidnemend kopstuk Koen Geens (cd&v) dit weekend een harde analyse. Zijn these: naarmate partijen kleiner worden, wordt de particratie sterker. De greep van een voorzitter op het geheel is groter: de afhankelijkheid van Kamerleden voor een verkiesbaar plekje op de lijsten, en finaal dus hun inkomen, is veel meer voelbaar. En tegelijk erodeert de tucht binnen de regering: een kleine partij focust daar immers op doelgroepen, niet op het algemeen belang, met vaak opnieuw de voorzitter in een (kwalijke) hoofdrol. Die analyse verklaart meteen ook waarom Vivaldi “zich dood heeft geregeerd”, zoals Geens het concludeerde. Maar ze houdt vooral een waarschuwing in voor de volgende coalities: moeten de partijvoorzitters dan niet ten alle prijze “mee in de regering”, bij de casting van een nieuwe ploeg? Steeds meer betrokkenen pleiten in die zin.
In het nieuws: “De paradox is dat de partijtucht op de Parlementsleden groter wordt, maar de tucht binnen de regering wordt juist kleiner.”
De details: Bij zijn afscheid uit de Kamer maakt voormalig minister Koen Geens op Radio 1 een scherpe analyse: partijen in een krimpscenario versterken net de greep van hoofdkwartieren en voorzitters op het geheel. En die toenemende particratie leidt niet tot beter Parlementair werk of tot betere regeringen, integendeel.
- Koen Geens blijft een speciale figuur in de Wetstraat: een van de weinigen in de Kamer, die na zijn lange periode van ministerschap wel degelijk iets maakte van zijn mandaat als Parlementslid, en er nog een pak belangrijk wetgevend werk doorkreeg.
- Opvallend, voor een man die in 2020 nog op een zucht van het premierschap stond, ware het niet dat de PS toen ineens alle remmen dicht kneep, en een ‘grote coalitie’ met N-VA en Geens als eerste minister verhinderde. Op de Keizerslaan kijken ze nog altijd verschrikt op, wanneer zijn naam valt.
- Na 9 juni verdwijnt Geens definitief uit de Kamer: hij kreeg slechts de plek van lijstduwer voor zijn partij, op de Europese lijst. In Vlaams-Brabant heeft partijvoorzitter Sammy Mahdi de plek van de voormalige vicepremier ingenomen, de 36-jarige partijleider moet nu bewijzen dat hij over de score van 46.000 voorkeurstemmen raakt, die Geens daar in 2019 haalde.
- Geens is te veel jezuïet om zijn eigen lot aan te klagen, maar afgelopen weekend in gesprek met VRT-journalist Michaël Van Droogenbroeck verpakte hij het in een bredere analyse, die op zichzelf merites heeft.
- “Er is te veel tucht naar Parlementsleden toe, zelfs in mijn partij is dat veel meer dan 40 jaar geleden. Ik probeerde daar zelf een beetje boven te staan, maar ook ik hield me toch in”, zo stelde Geens over de afgelopen legislatuur.
- Hij herinnerde eraan dat in de jaren ‘80 nog regeringen vielen in de Kamer, door Kamerleden die vanuit de fractie hun partij terug konden fluiten. ”In mijn partij is dat verschillende keren gebeurd. Maar er is een cultuuromslag gekomen”.
- “Vandaag zijn Kamerleden zo afhankelijk van de partijen en hun plaats op de lijst, omdat die partijen zo klein geworden zijn. En dikwijls hebben Kamerleden geen tweede beroep en is het heel hard om tegen de partij in te gaan”, zo legde Geens een zere wond in de Wetstraat bloot: beroepspolitici hun carrière wordt steeds vaker gemaakt of gekraakt vanuit een partijhoofdkwartier.
- “Daardoor wordt de particratie sterker. Want elke partij wil zich handhaven.” En daarbij omschreef Geens ook wat hij dan de “paradox van de particratie” noemt: meer tucht in de Kamer, waar Parlementsleden herleid worden tot stemmachines, inclusief zwijgakkoorden in het halfrond en ijzeren discipline in de fracties, maar net tegelijk veel minder tucht in de regering zelf.
- Want daar gedraagt een kleine partij zich anders, met profilering op doelgroepen, met gerichte communicatie voor de eigen achterban, met vicepremiers die naar de partij en de voorzitter kijken, niet naar de premier.
- Dat was overigens een fenomeen in Vivaldi, waar zowat elk van de zeven coalitiepartners op een bepaald moment forse profilering zocht op een eigen dada, maar evengoed kenmerkend voor de Vlaamse ploeg van Jan Jambon (N-VA), waar onder meer cd&v bijna de regering deed vallen over het kindergeld en over stikstof.
Waarom dit ertoe doet: Geens omschrijft genadeloos hoe het vandaag mis gaat in de regeringen.
- Het eindrapport dat Geens maakt, is ook scherp voor Vivaldi, waarvan het geen geheim is dat het cd&v-kopstuk geen fan was. “Ik heb die regeringsonderhandelingen van vrij dichtbij meegemaakt, en gaandeweg was ik ervan overtuigd dat de mensen die deze coalitie moesten dragen als partijvoorzitters, niet voor elkaar gemaakt zijn. De aversie tussen Magnette en Bouchez was zo sterk, dat ik toen al dacht: ‘Dit wordt een janboel’”.
- En interessant: hij concludeert dat Vivaldi had moeten doen wat de PS en ook N-VA in 2020 eigenlijk wilden: twee jaar regeren, het communautaire voorbereiden en dan verkiezingen uitschrijven. “Ze hebben corona goed aangepakt, daarna de energiecrisis ook. Maar toen was het vet van de soep, en normaal schrijf je dan verkiezingen uit, nadat de crisis beheerd is. Nu heb je je dood geregeerd.”
- Tegelijk maakt Geens ook hier een analyse die breder gaat dan Vivaldi. Want daarbij is de essentiële vraag: moeten in zo’n sterke particratie als België die voorzitters niet “mee in bad”, in het bestuur, in plaats van aan de zijlijn te blijven en vandaar te staan roepen?
- Dat was één van de grote issues met Vivaldi: partijvoorzitters Magnette, Bouchez, Jean-Marc Nollet (Ecolo), maar ook Conner Rousseau (Vooruit), Egbert Lachaert (Open Vld), Meyrem Almaci (Groen) en Joachim Coens (cd&v), geen van allen stapte in de federale ploeg.
- Het zorgde ervoor dat de huidige generatie vicepremiers in die federale ploeg een andere rol gingen spelen: “Die vertegenwoordigers van de partijen in de regering zitten daar precies om hun partijbelang te verdedigen, terwijl ze bij uitstek het algemeen belang zouden moeten verdedigen”, zo concludeert Geens.
- En hij is helder over de toekomst en hoe dit structureel issue opgelost kan worden voor de volgende ploeg: “Voor mij moeten partijvoorzitters in de regering of in de fractie zitten: ofwel worden ze vicepremier in de regering, als men in een coalitie stapt, ofwel de fractieleider in oppositie.”
Opvallend: Geens staat echter niet alleen met die laatste stelling: de vicepremiers in een volgende ploeg worden meer dan ooit sleutelfiguren. Alleen moet misschien het hele systeem herdacht worden.
- “Ik wil graag in een regering als het kan, als vicepremier. Maar dat combineren met de rol van voorzitter, dat gaat niet in ons systeem.” Het werd ons vorige week toevertrouwd, door een partijvoorzitter die straks een cruciale rol zal gaan spelen in de federale regeringsvorming.
- Want zowat iedereen in de Wetstraat maakt binnenskamers dezelfde analyse die Geens nu formuleert, maar onder meer ook Kristof Calvo (Groen) predikt dit al jaren: de almachtige particratie, en zeker de voorzitter die dan vanaf de zijlijn roept naar de coalitiepartners hoe het moet, maakt goed regeringswerk haast onmogelijk.
- De vraag is alleen hoe de beleidsmaker die dynamiek kunnen doorbreken. Vandaag heeft een partijvoorzitter al zo veel macht verzameld, dat een vicepremierschap niet automatisch bijzonder veel invloed of macht binnen de eigen partij betekent, integendeel. Zowel Bouchez als Magnette wegen manifest veel zwaarder dan een David Clarinval (MR) of Pierre-Yves Dermagne (PS).
- Komt daarbij dat de steeds langere periodes van lopende zaken en aanslepende regeringsvorming de rol van de partijvoorzitters, die op dat moment meer dan eender wie de toon zetten en de koers bepalen, nog meer de verhoudingen in de richting van de partijhoofdkwartieren hebben geduwd.
- De vraag is of dat in praktijk te keren valt. Bij de PS heeft men de analyse wel gemaakt: sterke man Magnette is meer dan ooit klaar om in een regering te stappen. Met tegelijk wel één caveat: niet als vicepremier onder iemand anders.
- En hetzelfde geldt ongetwijfeld voor de N-VA, waar Bart De Wever (N-VA) uitgesproken ‘kandidaat-premier’ is, maar er niet aan denkt om vicepremier te worden onder pakweg Magnette.
- En dan zijn we nog niet eens begonnen over Bouchez, die met zijn model van hyper-président enerzijds en zijn handicap van Nederlandsonkundig te zijn anderzijds, nooit een ‘verbetering’ kan maken in zijn carrière, tenzij op magische wijze richting de Zestien, zo maakte hij al langer insiders duidelijk.
- Met andere woorden: tenzij men de rol van partijvoorzitters, vicepremiers en fractieleiders fundamenteel hertekent, naar Nederlands model bijvoorbeeld, waar fractieleiders tegelijk partijvoorzitters zijn, dreigt een volgende federale ploeg in hetzelfde bedje ziek te worden.
It’s a family affair: Alexander De Croo (Open Vld) verdedigt zijn groene minister, tegen de aanval van een blauwe partijvoorzitter.
- Het was niet bepaald moeilijk afgelopen weekend om de analyse die Geens maakt te stofferen met praktische voorbeelden. Het beschamende geruzie tussen Georges-Louis Bouchez (MR) en Tinne Van der Straeten (Groen) van vorige week, was het beste bewijs: een partijvoorzitter van de meerderheid beschuldigt een minister van een coalitiepartner van ‘manipulatie’ en leugens in een cruciaal energiedossier, en eist een parlementaire onderzoekscommissie, net wanneer de Kamer haar deuren sluit. De betrokken minister reageert door een klacht wegens ‘laster’ in te gaan dienen bij het parket, tegen die partijvoorzitter.
- Vrijdagavond kruisten Van der Straeten en Bouchez de degens op Terzake: een debat waar niemand echt iets aan had, want geen van beiden bewoog een centimeter, terwijl de verbale aanvallen maar heen en weer gingen. Profilering voor de eigen achterban dus.
- Maar opvallend: premier De Croo zelf mengde zich finaal in de discussie, via een reactie aan het persagentschap Belga. “Alles verliep in volledige transparantie en alle documenten werden overhandigd”, zo leek hij de zaak te beslechten in het voordeel van Van der Straeten.
- “Wat mij betreft, is dit een achterhoedegevecht, de verlenging van de kernreactoren is beslist. We zijn erin geslaagd, samen, om dit moeilijke dossier tot een goed einde te brengen. De rest van Europa, Duitsland bijvoorbeeld, is jaloers op die beslissing.”
- Opvallend van De Croo, die met Bouchez toch een beetje een haat-liefde relatie heeft: op 1 mei nog dook de premier op bij de MR op een verkiezingsmeeting, en daar prees hij Bouchez uitvoerig omdat het “dankzij zijn beslissende actie was dat twee reactoren konden verlengd worden”.
Money money money (1): Opnieuw een record in de transfers, 8,5 miljard euro van Vlaanderen en 2,9 miljard van Brussel naar Wallonië.
- De financiële transfers tussen de deelstaten nemen verder toe, maar dat is vooral het gevolg van de inflatie. In absolute cijfers zit Vlaanderen nu aan 8,5 miljard, vorig jaar, of 1.259 euro per Vlaming per jaar. Voor Brussel zijn er soortgelijke grote cijfers: 2,9 miljard of 3.316 euro per Brusselaar per jaar.
- Dat blijkt uit een update van het Rapport Interregionale Financiële Stromen in België, van de onderzoekers Willem Sas en Tom Truyts, van de KULeuven en UCL. Die tonen daarbij ook altijd graag andere financiële transfers in het geheel aan, zoals de “grote transfers tussen arm en rijk binnen een gewest”, of “tussen de provincies”, kwestie van het niet te communautair te maken.
- Tegelijk blijft de factuur enorm, en zit die overal in verspreid: de sociale zekerheid in de uitgaven, die proportioneel hoger liggen in het zuiden, maar ook de mindere bijdrage in de personenbelasting of de btw-inkomsten, andere uitgaven in de kinderbijslag en de pensioenen. Dat de werkzaamheidsgraad significant hoger ligt in het noorden, speelt een enorme rol. Tegelijk liggen de lonen ook gewoon hoger in Vlaanderen en zeker Brussel.
- Door de vergrijzing neemt de bijdrage van Vlaanderen in de komende jaren lichter toe dan het huidige tempo, tegen 2028 zou het op 8,8 miljard komen te liggen. Vooral Brussel zou de komende jaren meer gaan moeten betalen, hun netto bijdrage aan het systeem loop op tot bijna 4,1 miljard tegen 2028.
Money, money, money (2): Liefst één op drie nieuwe jobs kwam van bij de overheid.
- 232.000 jobs erbij op 4 jaar Vivaldi: het is een palmares waar de regeringspartijen, Open Vld op kop, graag mee naar de kiezer gaan. Maar Voka en het VBO, de Vlaamse en Belgische werkgeversorganisatie, temperen nu toch die vreugde.
- Want zij berekenden, op basis van data van de Nationale Bank, dat één op drie van die nieuwe jobs er wel bij de overheid kwam, zo berichtte Het Laatste Nieuws. Of om het duidelijker te maken: liefst 75.800 ambtenaren erbij.
- En die evolutie vinden de werkgevers kwalijk: midden jaren ‘90 waren er nog maar 1 miljoen ambtenaren, nu 1,6 miljoen. De overheid wordt dus steeds ‘vetter’, en dat vertaalt zich in een erg zwaar overheidsbeslag: in 2023 was dat 56,5 procent van het bruto binnenlands product, na Frankrijk het hoogste ter wereld. Tegenover elke 100 euro die de economie in België creëert, staat maar liefst 56,5 euro aan overheidsuitgaven.
- Zeker omdat het overheidstekort verder oploopt, is dat een problematische situatie: de loonkost van de ambtenaren slorpt enorme sommen op.
- Bovendien zijn ook hier grote regionale verschillen. In Vlaanderen is 24,45 procent van de beroepsbevolking ambtenaar, in Brussel ligt dat op 26,76 procent. Maar in Wallonië werkt liefst 1 op 3 voor de staat: 33,37 procent.
Money, money, money (3): Minder ambtenaren door AI?
- Net dit weekend lanceerde Open Vld het plan om het aantal ambtenaren drastisch te verlagen door mensen te vervangen door artificiële intelligentie (AI): tegen 2030 zou men met 10 procent minder federale en Vlaamse ambtenaren kunnen zijn, of 12.000 ambtenaren minder dus.
- Daarop reageerde de socialistische vakbond al woest, in Het Nieuwsblad. “Te gek voor woorden. Dit is zoals een student die denkt dat hij zijn eindwerk kan maken met AI”, zo fulmineerde Chris Reniers van het ACOD. Misschien moet Reniers toch eens spreken met studenten van tegenwoordig?
On the campaign trail (1): De doorlichting van Open Vld bij de Zevende Dag verloopt brutaal voor Tom Ongena.
- Auch. Elke partij mag week na week een ‘doorlichting’ maken op zondag, in de kiescampagne bij de VRT. De doortocht van Open Vld, dat niet met kopman Alexander De Croo (Open Vld), de premier, maar met partijvoorzitter Tom Ongena (Open Vld) kwam, en de bij het grote publiek nog onbekende Maurits Vande Reyde, verliep niet zonder kleerscheuren.
- Om te beginnen moest Ongena het ongenadige lot ondergaan om door de vox populi in Mechelen gewoon niet herkend te worden. Voorbijgangers op straat in Mechelen herkenden hem niet, en zagen er zelfs “Filip Dewinter” in. “Een marionet”, zo noemde men hem zelfs openlijk, terwijl zijn partij Open Vld enkel bagger kreeg. “Bij ons zit Tom Ongena, of is het Bart Somers of Bart Tommelein?”, zo opende Lisbeth Imbo met een uitgestreken glimlach het stukje in de studio.
On the campaign trail (2): Ongena moet de eigen achterban live op tv trotseren.
- “U denkt misschien, ze doen het erom. Maar het is bij de eerste partij dat we zoveel aarzelende partijleden binnen krijgen”, zo legde co-host Lieven Verstraete het uit aan Ongena. Want in de studio had men drie kritische Open Vld’ers, mensen die vroeger op de lijst stonden bij de liberalen en zichzelf wel als “de achterban” zien, tegenover Ongena gezet.
- Het werd opnieuw heftig. De drie leden zijn er nog niet zeker van of ze wel op de eigen Open Vld gaan stemmen. Een jonge twintiger, die al vier jaar lid is van de partij, Filip Kazmierczak, was genadeloos: “We zien dat heel veel liberalen teleurgesteld zijn, en zich in de steek gelaten voelen, door het feit dat het effectieve beleid en het partijprogramma heel ver van elkaar liggen”.
- “Wij hebben de indruk dat heel veel mensen van de partijtop in een bubbel leven. Kiezers lopen weg van de partij, ik hoop dat u dat toch beseft?”, zo legde de Open Vld-militant het bij Ongena, waarna een opsomming volgde van wat de PS allemaal wél had binnengehaald in Vivaldi.
- “Ik weet niet of de PS meer heeft binnen gehaald dan wij. Wij hebben 300.000 zelfstandigenpensioenen verhoogd. We hebben de flexi-jobs uitgebreid, Magnette spreekt daar niet van, want hij gruwt daarvan”, zo verdedigde Ongena zich, opvallend kalm en inhoudelijk.
- Achter de schermen was de Open Vld-top niet te spreken over de VRT. “Een smerige setting” was bij één kopstuk te horen. “Ongezien, het viel de neutrale kijker ook op”, stelde men aan de top. Daar maakt men al langer de analyse “dat we in deze campagne van de meeste media niet veel cadeaus gaan krijgen”.
- “Maar op die manier maken ze van ons ook een underdog. En op straat voel je een heel ander verhaal: veel sympathie voor het leiderschap van Alexander én een campagne die draait rond economie en jobs, onze thema’s”, zo is te horen.
On the campaign trail (3): Hilde Vautmans (Open Vld), de Europese lijsttrekker van Open Vld, ligt plots onder vuur.
- Dat Open Vld van Knack alvast “geen cadeaus” krijgt, is wel duidelijk. Het weekblad publiceerde dit weekend een snoeiharde aanval op de Europese lijsttrekker Hilde Vautmans (Open Vld), die Europees Parlementslid is, en ook schepen in Sint-Truiden.
- Het blad sprak naar eigen zeggen met een tiental medewerkers en voormalige stagiairs. Die getuigen anoniem van een “toxische werksfeer”, waarbij medewerkers vernederd werden door Vautmans, en constant via Whatsapp opdrachten kregen. Er zou ook een heel groot verloop zijn: 18 vaste werknemers op 9 jaar tijd.
- En erger: die Europese Parlementaire medewerkers zouden ook ingeschakeld geweest zijn in de kiescampagne of om taken voor de lokale politiek op te nemen, zoals een lokale horeca-gids te schrijven. Vautmans zou bovendien Europese budgetten gebruikt hebben voor eigen pleziertjes, zoals het huren van tafels op paarden-jumpings.
- Vautmans zelf sprak in een reactie gisteren en vanmorgen van “interne afrekeningen” en een “beschadigingscampagne” op basis van “anonieme bronnen”. “Ik sta recht in mijn schoenen, alles is volgens de regels verlopen. Ik moet mij niet wegsteken, er zijn tegen mij nooit klachten ingediend, er zijn geen harde bewijzen”, zo stelde ze op Radio 1.
- Zeker over het financiële aspect lijkt Vautmans wel een zaak te hebben: het oogt niet fraai, hoe ze haar budgetten besteedt, maar het is wel binnen de Europese regels. “Ik heb twee maal op 9 jaar een tafel genomen op een jumping. Maar het Europees Parlement heeft mij eergisteren nog bevestigd dat het strikt volgens de regels is verlopen.”
- De klachten over toxisch leiderschap zijn lastiger, al circuleert binnen de partij het gerucht dat de redactie van Politico eerst de zaak al onderzocht en het niet de moeite vond om te publiceren. En tegelijk wordt de vergelijking met een Europees Parlementslid van N-VA, Assita Kanko, gemaakt, bij Open Vld: “Daar was wél sprake van officiële klachten en een interne procedure, hier niet.”
- “Ik stel vast dat ik tijdens heel mijn loopbaan nooit één klacht heb ontvangen. Ik val wel wat uit de lucht. Maar als er mensen zijn die zich benadeeld voelen, mijn deur staat open, kom af, scheldt mij desnoods uit, maar zo’n anonieme klachten op vier weken van de verkiezingen? We kunnen het uitpraten, ik zie mijn medewerkers heel, heel graag, ik zie ze meer dan mijn gezin. Als ik mensen heb gekwetst wil ik me publiekelijk excuseren, maar nogmaals, er zijn nooit klachten tegen mij neergelegd”, zo stelde Vautmans.
- Voorzitter Ongena, die ook die zaak gisteren in de VRT-studio’s op zijn bord kreeg, behield het vertrouwen in Vautmans. Dat gebeurde ook vanmorgen op het partijbureau.
On the campaign trail (4): Paul Magnette (PS) heeft voor de coalitievorming “de verschillende scenario’s in zijn hoofd”. “Na 9 juni kan het snel gaan”.
- Dat Paul Magnette met heldere ambities rondloopt voor wat er na de verkiezingen moet gebeuren, weet ondertussen zowat iedereen in de Wetstraat. Hij is er nauwelijks nog discreet over. In een gesprek met lezers van Le Soir dit weekend maakte hij het opnieuw wel héél duidelijk.
- “Na 9 juni kan het snel gaan. Ik heb zelfs al twee of drie coalitie-scenario’s in mijn hoofd uitgewerkt… Welke? Ik laat u uw werk doen”, zo vertrouwde hij het lezerspanel toe.
- Wij doen in deze nieuwsbrief graag even dat werk, gebaseerd op de geruchtenmolen in de Wetstraat:
- Voor Wallonië is het vrij helder dat de PS met Ecolo verder wil, en daarbij graag gewoon een zogenaamde ‘Olijfboomcoalitie’ maakt, met verder Les Engagés er nog bij. Enkel indien het echt mathematisch niet anders kan, kijkt men naar de MR, in Namen.
- In Brussel ligt het anders, daar is de PS vermoedelijk niet aan zet, want niet meer de grootste. Maar ook daar klikken ze zich graag vast aan Ecolo.
- Dat betekent dat ook federaal de voortzetting van een soort Vivaldi, met dus de groenen stevig aan boord, het absolute voorkeursscenario is voor Magnette.
- En hij zegt het dus niet luidop, maar als hij ergens de MR van Georges-Louis Bouchez kan lozen, zal hij dat niet nalaten.
- Tegelijk ook: enkel als het echt niet anders kan, sluit men de N-VA federaal niet uit. “Ik heb helemaal geen zin in een coalitie met hen en ik zal er alles aan doen om dat te vermijden”, zo antwoordt Magnette op de vraag over een mogelijke coalitie met De Wever zeer helder.
- “De N-VA staat aan de andere kant van het spectrum, ik zal nooit instemmen met een confederale visie, noch een discussie starten over de regionalisering van de sociale zekerheid, dat zou het einde van het land betekenen.”
On the campaign trail (5): De officiële opdracht voor cd&v: minstens derde worden.
- Koen Geens (cd&v) maakte in een gesprek met VRT meteen duidelijk wat de doelstelling van zijn partij is: “Ik denk dat we ons resultaat van 2019 zullen verbeteren, maar dan nog zal dat geen schitterend resultaat zijn.” In 2019 haalde cd&v 15,4 procent van de stemmen voor het Vlaams Parlement.
- Belangrijker misschien is wat voorzitter Sammy Mahdi (cd&v) zichzelf nu oplegt. “We moeten minstens de derde partij worden”, zo verklaarde hij in een grote kop in De Zondag. “Wij moeten de ambitie hebben om vanuit het centrum de stilstand te doorbreken. We moeten daarvoor minstens de derde partij van Vlaanderen worden”, zo stelt hij.
- “De voorbije vijftien jaar ging de strijd telkens tussen N-VA en PS. De ene keer was rechts aan de macht, de andere keer links, maar nooit gingen we als land écht vooruit. Als je de stilstand wil doorbreken, moet je vertrekken vanuit een sterk centrum.”
- Het zet cd&v meteen tegenover Vooruit, en mogelijk ook PVDA, die in peilingen haasje-over spelen over die derde plek, na N-VA en Vlaams Belang.
Eurosong (1): Plots wordt Eurosong wel héél politiek.
- De deelname van Israël aan de liedjeswedstrijd was op voorhand erg omstreden, maar het argument was dat het “een niet-politieke wedstrijd is”. Dat bleek in realiteit allerminst: bij het effectieve stemmen werd plots vanuit de Israëlische ambassades opgeroepen om te stemmen, en ook politici sprongen plots op de kar.
- Zo liet Sam Van Rooy (Vlaams Belang) weten dat hij op Israël zou stemmen: “Nog nooit van mijn leven gekeken, laat staan gestemd, maar zonet het maximum van 20 stemmen uitgebracht” op X.
- En ook Assita Kanko (N-VA) gaf openlijk steun aan de Israëlische zangeres Eden Golan. “Voor alle onschuldige mensen die vermoord, ontvoerd en verkracht zijn op het Nova Festival, stem ik voor Eden”, zo stelde ze.
- De Israëlische song kwam even dicht bij de eindoverwinning: de publieksstemmen leverden hen een tweede plek op, maar de jury’s zetten hen lager. Ook in België haalde Israël het maximum van de punten, van het publiek.
- De Israëlische ambassadrice in België, Idit Rosenzweig-Abu, al vaker weinig subtiel in haar uitspraken, triomfeerde in Het Nieuwsblad: “Het is een stem van Europeanen die het beu zijn dat bevoorrechte poortwachters in de media iedereen blokkeren die het niet met hen eens is, en het beu zijn dat gewelddadige betogingen op campussen en op straat Hamas prijzen.”
Eurosong (2): Kurt De Loor (Vooruit) kraait victorie.
- Dat Israël de publieksstemming in België won, had finaal volgens ons beperkte kennersoog maar één reden: de gedwongen exit van Joost Klein, die een massale fanbase heeft bij jongeren, ook in Vlaanderen. De twaalf punten waren anders hoe dan ook naar de Fries gegaan, vanuit België.
- In de Vlaamse politiek was vervolgens één man afgelopen weekend wel bijzonder gelukkig met heel de slechte soap in Malmö: Kurt De Loor, Vlaams Parlementslid van de socialisten.
- Die is in bijberoep ook concertorganisator van Rock Zottegem, dat doorgaat in de thuisgemeente van De Loor. En hij boekte voor deze zomer Klein, die afgelopen weekend omnipresent leek in de media. “Ze hebben van Joost Klein een nog grotere held gemaakt. En hij staat op ons podium straks. Zeer jammer dat hij uit de finale geweerd is, maar ik ben ervan overtuigd dat hij in Zottegem enthousiaster dan ooit onthaald zal worden.”
- Overigens is De Loor zelf ook in een stevige strijd verwikkeld: hij staat derde op de lijst van Vooruit in Oost-Vlaanderen. Die plek zou normaal verkiesbaar moeten zijn, maar nu duikt er met lijstduwer Conner Rousseau (Vooruit) potentieel een kaper op aan de kust: De Loor moet hopen dat Vooruit van drie zetels nu naar minstens vier gaat, om opnieuw naar Brussel te kunnen.
Eurosong (3): De EBU draait door. De Europese vlag werd zelfs verboden.
- Dat de EBU, de organisatie van Eurosong, niet hun beste editie beleefde, is het understatement van het jaar. De hoofdvogel schoten ze misschien wel af met hun “verbod op politieke vlaggen”. Want dat betekende volgens de EBU dat enkel de vlaggen van landen die deelnemen en LGBTQ-vlaggen mogen.
- En zo werd plots aan de deur van het festival ook de blauwe EU-vlag met de twaalf gele sterren verboden: redelijk ongezien op een Europees liedjesfestival.
- Dat leverde dan weer boze reacties van de Europese Commissie zelf op: Ursula von der Leyen, de Commissievoorzitter, noemde het “zeker betreurenswaardig om de vlag te verbieden die in zoveel landen die aan het festival deelnemen naast de nationale vlag wappert op openbare gebouwen”.
- De Griekse Commissaris Margaritis Schinas wees er zelfs op dat “mensen op Maidan in Kiev werden doodgeschoten omdat ze met EU-vlaggen zwaaiden”. “Wie wint er minder dan een maand voor de Europese verkiezingen als we de EU-vlag bij het Eurovisie Songfestival verbieden? Alleen de eurosceptici en de vijanden van Europa.