Ben jij mee met verandering?
Denk jij vooruit, aan de toekomst van morgen.
Business AM is jouw leidraad doorheen verandering.
Hol niet achter de feiten aan en kies voor één van onze abonnementsformules.
door Marc Horckmans gepubliceerd op om • April 2023 5 min lezen
Pijpleidingen zijn voor het transport van waterstof – alvast op korte en middelgrote afstand – beter geschikt dan schepen. Dat blijkt uit een rapport van het onderzoeksbureau Rystad Energy. Opgemerkt wordt daarbij dat momenteel wereldwijd al aan ruim negentig projecten voor de aanleg van pijpleidingen voor het transport van waterstof wordt gewerkt. Deze leidingen strekken zich uit over een totale lengte van 30.300 kilometer en zullen tegen midden volgend decennium operationeel zijn.
Er wordt aan toegevoegd dat er momenteel al 4.300 kilometer pijpleidingen voor het transport van waterstof operationeel zijn. Daarvan situeert zich meer dan 90 procent in Europa en Noord-Amerika.
Waarom is dit belangrijk?
Waterstof wordt gezien als een interessant product om de ecologische voetafdruk van diverse economische sectoren te verkleinen. Het product kan een grote concentratie aan energie in een relatief klein volume verzamelen. Momenteel worden pijpleidingen al gebruikt om onder meer industriële knooppunten - zoals petrochemische fabrieken - met waterstof te bevoorraden. Naarmate de vraag van afnemers echter toeneemt, zullen langere leidingen met grotere diameters en een hogere druk moeten worden ingezet om het transport van het product te garanderen.
Europa loopt voorop: Wereldwijd loopt Europa voorop bij de productie en invoer van duurzame waterstof. De aandacht gaat nu naar de aanleg van de nodige infrastructuur om waterstof naar de afnemers te brengen.
Volgens Rystad Energy behoren Spanje, Frankrijk en Duitsland tot de voorlopers in de aanleg van grensoverschrijdende pijpleidingen, terwijl ook het Verenigd Koninkrijk zich met zijn uitgebreide gasnet in een sterke positie zou bevinden om van aardgas op waterstof over te schakelen.
“De gestage toename van pijpleidingprojecten voor het transport van waterstof is een vroeg teken dat de energietransitie op gang komt”, voert Lein Mann Bergsmark, analist bij Rystad Energy, aan. “Europa bevindt zich met zijn uitgebreide gasnet in een goede positie om die sprong te maken.”
De aanpassing van de infrastructuur voor het transport van aardgas aan waterstof is volgens Bergsmark perfect mogelijk en bovendien ook kostenefficiënt.
“De grootste belemmering is niet van financiële aard, maar heeft daarentegen te maken met de fysieke eigenschappen van waterstof, die aanzienlijk van olie en gas verschillen”, betoogt de analist.
Hergebruik bestaande leidingen: Naast de aanleg van nieuwe pijpleidingen zal volgens Rystad ook van bestaande leidingen voor het transport van aardgas gebruik kunnen worden gemaakt.
Het Europese Hydrogen Backbone (EHB) – een initiatief van meer dan dertig beheerders van systemen voor het transport van gas – voorziet alvast dat de lidstaten van de Europese Unie tegen eind dit decennium over een netwerk van 28.000 kilometer voor het transport van waterstof zouden kunnen beschikken.
Daarvan is echter nu al 83 procent gerealiseerd. Tegen eind volgend decennium zou het netwerk tot een totale lengte van 53.000 kilometer moeten zijn uitgebreid.
Er wordt echter aan toegevoegd dat de aanleg van nieuwe leidingen voor het transport van waterstof daarbij zal worden aangevuld met bestaande netwerken voor het transport van gassen.
Volgens het European Hydrogen Backbone zou 60 procent van de huidige leidingen kunnen worden hergebruikt.
“Nieuwe pijpleidingen zullen nodig zijn, maar kunnen te maken krijgen met een reeks hindernissen op het gebied van onder meer verkeer, bouwprojecten en milieubescherming”, merkt Rystad op.
“Dat kan vooral problemen opleveren wanneer de pijpleidingen grote afstanden dienen te overbruggen en daarbij door woongebieden lopen.”
Een aantrekkelijk alternatief: Rystad merkt nog op dat het gebruik van bestaande aardgasnetten voor het transport van waterstof volgens een aantal studies vier keer kostenefficiënter is dan de aanleg van nieuwe pijpleidingen.
“Bij pijpleidingen wegen vooral de kapitaaluitgaven voor de aanleg van de infrastructuur door”, luidt het. “Bij de operationele kosten bestaat er tussen het transport en aardgas weinig verschil.”
Er moet volgens Rystad daarentegen vooral naar mogelijke technische knelpunten worden gekeken. Waterstof zou immers de wanden van sommige types van stalen pijpleidingen kunnen aantasten, wat tot lekkages zou kunnen leiden.
De leidingen moeten dus worden behandeld – onder meer met coatings – om dergelijke knelpunten aan te pakken. Mogelijk zou daarbij ook de stalen infrastructuur door thermoplastische leidingen kunnen worden vervangen.
Er wordt anderzijds echter opgemerkt dat de stalen pijpleidingen in Duitsland en in sommige andere delen van Europa voor het transport van waterstof ook technisch perfect geschikt zijn. Niet het hele bestaande netwerk van pijpleidingen zou dus moeten worden behandeld om waterstof te kunnen transporteren.
De wereld verandert snel en voor je het weet, hol je achter de feiten aan. Wees mee met verandering, wees mee met Business AM. Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en houd de vinger aan de pols.