Key takeaways
- Mario Draghi dringt er bij de Europese Unie op aan om de overgang te maken van een zwakke, informele alliantie naar een meer verenigde entiteit met concrete structuren.
- ‘Pragmatisch federalisme’ stelt coalities voor van bereidwillige lidstaten die hun soevereiniteit bundelen op belangrijke gebieden zoals defensie, financiën en externe projectie.
- Draghi is van mening dat Europa verder moet gaan dan idealen en debatten over soevereiniteit om tastbare capaciteiten te verwerven door middel van concrete projecten en acties.
Mario Draghi haalt aan dat het vermogen van Europa om zijn belangen te behartigen afhangt van concrete structuren en niet van louter retoriek. Hij stelt dat de Europese Unie haar imago van zwakte moet afschudden en moet evolueren van een informele alliantie die gekenmerkt wordt door veto’s en ad-hocsamenwerkingen naar een meer verenigde entiteit.
Veranderende wereldorde
Draghi wijst op het einde van de naoorlogse orde, die steunde op groeiende handel, voorspelbare regels en Amerikaanse veiligheidsgaranties. Hij waarschuwt voor de groeiende trend om onderlinge afhankelijkheid als wapen in te zetten, waarbij handel en financiën worden gebruikt als dwangmiddelen en veiligheidsverplichtingen transactioneel worden.
Pragmatisch federalisme
Om deze uitdagingen aan te pakken, stelt Draghi “pragmatisch federalisme” voor, een model dat een plotselinge sprong naar een volledig gefedereerd Europa vermijdt. In plaats daarvan voorziet hij coalities van bereidwillige lidstaten die hun soevereiniteit bundelen op specifieke gebieden waar de fragmentatie van Europa de grootste strategische risico’s met zich meebrengt. Deze aanpak weerspiegelt historische voorbeelden van Europese integratie, die tot stand kwam door middel van opt-in-regelingen en gezamenlijke acties die de onderhandelingspositie versterkten.
Draghi noemt drie belangrijke domeinen: defensie, financiën en externe machtsprojectie. Hij wijst op de urgentie van een robuuste Europese defensiecapaciteit om de kloof tussen de economische kracht van Europa en zijn beperkte militaire paraatheid te dichten. Dit vereist een efficiënte aanschaf, financiering en inzet van defensiemiddelen, samen met het in stand houden van een defensie-industrie die kan voldoen aan de huidige afschrikkingsvereisten.
Financiën als hoeksteen
Volgens Draghi zijn financiën even cruciaal, omdat ze de basis vormen voor alle andere inspanningen. Hij stelt dat Europa zijn aanzienlijke spaargelden moet mobiliseren en zijn risicodragende vermogen moet vergroten om te kunnen concurreren met dat van de Verenigde Staten. Het bereiken van strategische autonomie gaat verder dan wapens en diplomatie; het vereist dat Europa in staat is om grootschalige investeringen in defensie, energiezekerheid en geavanceerde technologie te financieren zonder afhankelijk te zijn van extern kapitaal of noodmaatregelen.
Draghi erkent de politieke gevoeligheid van “pragmatisch federalisme”, aangezien dit gedeelde instrumenten en gezamenlijke besluitvorming impliceert op gebieden als integratie van kapitaalmarkten, gemeenschappelijke leningen of nieuwe fiscale regelingen. Hoewel dit model directe verdragsonderhandelingen tracht te vermijden, duidt het niettemin op een verschuiving naar collectieve bevoegdheden ten koste van nationale autonomie.
Urgentie van hervormingen
Draghi’s interventie komt te midden van lopende discussies binnen de EU over het organiseren van de Europese macht in een tijdperk dat gekenmerkt wordt door geopolitieke concurrentie. Het concept van “strategische autonomie” doet al jaren de ronde, maar de uitvoering ervan wordt vaak belemmerd door onzekerheden rond besluitvormingsprocessen, financiële bijdragen en wettelijke kaders. Draghi stelt dat het uitstellen van institutionele hervormingen niet langer een haalbare optie is.
Bovendien erkent hij het belang van de buurlanden van Europa en de geloofwaardigheid van zijn toezeggingen bij het vormgeven van zijn houding. Voor een nauwere integratie van Oekraïne, het beheer van de betrekkingen met Turkije en het herzien van de banden met het Verenigd Koninkrijk zijn besluitvormingsstructuren nodig die nieuwe allianties kunnen accommoderen zonder verlamd te raken. Stapsgewijze integratie, waarbij partners bij bepaalde beleidsmaatregelen worden betrokken voordat ze volledig lid worden, wordt een realistischer optie als de EU daadkrachtig kan optreden op gekozen gebieden van diepere coördinatie.
Evenwicht tussen coalities
Draghi’s benadering vermijdt directe oproepen tot een constitutionele conventie, maar daagt toch de bestaande praktijken van EU-bestuur uit. Hoewel coalities van bereidwillige staten het tempo van de maatregelen kunnen versnellen, brengen ze ook het risico met zich mee dat de verdeeldheid wordt vergroot en dat er bezorgdheid ontstaat over de democratische verantwoordingsplicht wanneer belangrijke strategische beslissingen door subgroepen worden genomen.
Uiteindelijk gelooft Draghi dat concrete acties een impuls zullen geven, met het argument dat tastbare projecten op het gebied van defensieaankopen, industriële capaciteit en financiële integratie zullen bereiken wat abstracte debatten over soevereiniteit niet kunnen. In een Europa waar federalisme vaak taboe is geweest, biedt “pragmatisch federalisme” een kader om de focus te verleggen van idealen naar praktische capaciteiten. Of de lidstaten dit kader omarmen, zal niet alleen bepalend zijn voor de strategische houding van Europa, maar ook voor de grenzen van zijn verplichtingen in een steeds meedogenlozer wordende wereld.
Volg Business AM ook op Google Nieuws
Wil je toegang tot alle artikelen, geniet tijdelijk van onze promo en abonneer je hier!

