Key takeaways
- Europese leiders onderzoeken een “Europa met twee snelheden” om economische stagnatie en andere urgente uitdagingen aan te pakken.
- Versterkte samenwerking, een juridisch mechanisme waarmee subgroepen sneller vooruitgang kunnen boeken op belangrijke punten, wint aan populariteit als alternatief voor besluitvorming bij unanimiteit.
- Het vinden van een evenwicht tussen vooruitgang en inclusiviteit zal cruciaal zijn om te voorkomen dat de verdeeldheid tussen de EU-lidstaten toeneemt.
Geconfronteerd met een stagnerende economie en tal van uitdagingen, waaronder industriële achteruitgang, technologische disruptie en trage investeringen, zoeken Europese leiders naar innovatieve oplossingen. Het concept van een “Europa met twee snelheden” is naar voren gekomen als een mogelijke aanpak, waarbij lidstaten die dat willen sneller vooruitgang kunnen boeken op belangrijke punten. Dat meldt Euronews.
Een verschuiving naar versterkte samenwerking
De voorzitter van de Europese Commissie, Ursula von der Leyen, erkende de noodzaak van consensus tussen alle 27 lidstaten, maar suggereerde dat versterkte samenwerking, een wettelijk mechanisme dat in de EU-verdragen is vastgelegd, kan worden ingezet wanneer de vooruitgang wordt belemmerd. Deze suggestie wijkt af van de traditionele nadruk op unanieme besluitvorming binnen de EU.
De recente vorming van de E6-coalitie door de ministers van Financiën van Duitsland, Frankrijk, Italië, Nederland, Polen en Spanje is een verder voorbeeld van deze verschuiving naar pragmatische oplossingen. Deze groep wil aandringen op doortastende maatregelen op gebieden als defensie en toeleveringsketens, en nodigt andere landen uit om zich bij hun initiatief aan te sluiten.
Precedenten voor een Europa met twee snelheden
Het precedent voor versterkte samenwerking werd geschapen met het besluit om 90 miljard euro aan gezamenlijke schuld aan Oekraïne te verstrekken. Hongarije, Slowakije en Tsjechië hebben zich uit deze overeenkomst teruggetrokken, wat aantoont dat een Europa met twee snelheden in de praktijk al bestaat. De eurozone, het Schengengebied en instellingen zoals het Europees Openbaar Ministerie zijn voorbeelden waarbij subgroepen van lidstaten een verdere integratie hebben nagestreefd.
Hoewel er informele groeperingen bestaan, opereren deze vaak buiten het bereik van de EU-instellingen, wat de coördinatie bemoeilijkt en de politieke verdeeldheid mogelijk vergroot. Von der Leyens voorkeur voor nauwere samenwerking vloeit voort uit het feit dat deze is verankerd in de EU-verdragen en uit de rol die deze samenwerking aan de instellingen toekent.
De noodzaak van gedurfde oplossingen
De drang naar een Europa met twee snelheden wordt gevoed door de dringende behoefte aan gedurfde oplossingen voor complexe uitdagingen. De voormalige president van de Europese Centrale Bank, Mario Draghi, stelde “pragmatisch federalisme” voor als een manier om de beperkingen van unanieme besluitvorming te overwinnen, waardoor lidstaten die dat willen de integratie kunnen bevorderen, terwijl de deur open blijft voor andere lidstaten om later toe te treden.
Critici waarschuwen echter dat een Europa met twee snelheden de kloof tussen de lidstaten zou kunnen vergroten en het fundamentele beginsel van eenheid van de EU zou kunnen ondermijnen. Het vinden van het juiste evenwicht tussen snelheid en inclusiviteit zal van cruciaal belang zijn nu de EU zich op dit onbekende terrein begeeft.
Volg Business AM ook op Google Nieuws
Wil je toegang tot alle artikelen, geniet tijdelijk van onze promo en abonneer je hier!

