Key takeaways
- Canada gaat de aanleg van de Pacific Link-pijpleiding versnellen om de energie-export te diversifiëren.
- Dit project heeft tot doel de economische afhankelijkheid van de Verenigde Staten drastisch te verminderen.
- Enorme overheidsinkomsten en 140.000 nieuwe banen vormen de drijvende kracht achter die investering van 43,7 miljard Canadese dollar (27,3 miljard euro).
Premier Mark Carney heeft aangekondigd dat de Canadese regering de goedkeuring van een nieuwe pijpleiding voor de export van ruwe olie naar de westkust zal versnellen. Door het Pacific Link-project aan te merken als een zaak van nationaal belang, kan de regering gebruikmaken van een gestroomlijnd federaal regelgevingskader, met als doel deze beoordeling uiterlijk op 1 september 2027 af te ronden.
Economische afhankelijkheid verminderen
Dit initiatief vormt een hoeksteen van Carney zijn strategie om de economische afhankelijkheid van Canada van de Verenigde Staten te verminderen en de financiële gevolgen van de door president Donald Trump opgelegde invoerheffingen te verzachten.
Tijdens een toespraak in Fort McMurray legde Carney uit dat de pijpleiding essentieel is om Canada te positioneren als een toonaangevende mondiale energiemacht en om de export naar markten buiten de VS binnen tien jaar te verdubbelen.
Economische impact
Het project, dat naar verwachting dagelijks 1 miljoen vaten zal vervoeren, zal naar schatting tegen 2060 meer dan 100 miljard Canadese dollar (62,4 miljard euro) aan staatsinkomsten opleveren en ongeveer 140.000 banen creëren.
Jaarlijks zou het meer dan 14 miljard Canadese dollar (8,7 miljard euro) kunnen bijdragen aan het bbp van het land. Momenteel is Canada sterk afhankelijk van de Trans Mountain-pijpleiding. Hoewel dat systeem in 2024 werd uitgebreid, draait het nu al op zijn maximale capaciteit.
Uitbreiding naar wereldwijde markten
Historisch gezien werd meer dan 90 procent van de Canadese ruwe olie naar de VS geëxporteerd. De nieuwe infrastructuur zou Canada echter in staat stellen om Aziatische markten te bevoorraden, waar importeurs door conflicten met Iran steeds vaker op zoek zijn naar alternatieven voor olie uit het Midden-Oosten.
Partnerschappen
De aanleg zal een samenwerkingsproject zijn tussen Pembina Pipeline Corp en het staatsbedrijf Trans Mountain Corp, met een geschatte kostprijs van 43,7 miljard Canadese dollar (27,3 miljard euro). Hoewel de federale overheid en de regering van Alberta de grootste aandelen zullen bezitten, is het de bedoeling dat inheemse gemeenschappen een aandeel van ten minste 10 procent aangeboden krijgen.
Mogelijke hindernissen
Ondanks de plannen kan het project op hindernissen stuiten, aangezien eerdere pijpleidingprojecten in Canada te kampen hebben gehad met aanzienlijke vertragingen, budgetoverschrijdingen en hevig verzet van inheemse groepen en milieuactivisten.
(at)
Wil je meer energienieuws ontvangen? Schrijf je in op onze wekelijkse Energy Insider-nieuwsbrief
Volg Business AM ook op Google Nieuws
Wil je toegang tot alle artikelen, geniet tijdelijk van onze promo en abonneer je hier!

