Key takeaways
- De Belgische ministers debatteren over de vraag of het land al dan niet moet deelnemen aan een internationale verdedigingsoperatie in de Straat van Hormuz.
- Verschillende landen hebben al belangstelling getoond om deel te nemen, maar de Belgische premier De Wever aarzelt door bezorgdheid over een escalatie van het conflict.
- België overweegt alternatieve benaderingen, zoals het ruimen van mijnen na afloop van het conflict.
De topministers van België komen bijeen om te beslissen over de betrokkenheid van het land bij een mogelijke defensieoperatie ter bescherming van de scheepvaartroutes in de Straat van Hormuz. Verschillende landen, waaronder Duitsland, Frankrijk, Italië, Nederland, het Verenigd Koninkrijk en Japan, hebben al aangegeven bereid te zijn om onder specifieke voorwaarden deel te nemen.
NAVO-secretaris-generaal Mark Rutte dringt er bij België op aan om zich bij de inspanningen aan te sluiten. De Belgische premier De Wever toont zich echter terughoudend en verklaart dat de bereidheid om deel te nemen aan wat hij beschouwt als “de oorlog van Trump” zeer gering is.
Mijnenruimen
Vicepremier Vincent Van Peteghem (cd&v) benadrukt bij VRT NWS dat dit conflict niet dat van België is. Hij wijst op de Belgische expertise op het gebied van mijnenruimen en stelt voor deze in te zetten na afloop van de oorlog, binnen een internationaal mandaat. Van Peteghem is van mening dat onmiddellijke betrokkenheid onverstandig zou zijn.
Actie of toekijken
Minister van Buitenlandse Zaken Maxime Prévot (Les Engagés) legt de kwestie ter bespreking voor aan het kernkabinet. Hoewel hij erkent dat dit niet de oorlog van België is, beseft hij ook dat niets doen wellicht geen houdbare optie is en benadrukt hij de noodzaak om niet louter toe te kijken.
Volg Business AM ook op Google Nieuws
Wil je toegang tot alle artikelen, geniet tijdelijk van onze promo en abonneer je hier!

