Moslimpartij weggevaagd in Marokko: waarom het tij is gekeerd tegen de islamisten in Noord-Afrika en omstreken

De islamitische partij van Marokko is woensdag zo goed als weggevaagd bij de parlementsverkiezingen. De Marokkaanse miljardair Aziz Akhannouch is door koning Mohammed VI tot regeringsleider en formateur benoemd, na de overwinning van zijn liberale partij. Het is opnieuw een pijnlijke nederlaag voor de islamisten in een van de laatste landen waar ze aan de macht waren gekomen na de protesten van de Arabische Lente. Het tij is duidelijk gekeerd tegen de islamisten in Noord-Afrika en omstreken.

Waarom is dit belangrijk?

Het past allemaal in een bredere trend die zich al een poos aan het aftekenen is. Mensen in Noord-Afrika en sommige delen van het Midden-Oosten worden minder religieus en worden steeds meer teleurgesteld door islamistische bewegingen. Recente onderzoeken geven sterk aan dat in Noord-Afrika, het Midden-Oosten en Iran bijna de helft van de bevolking de banden met de islam aan het losmaken is.

De naar islamistische normen gematigde Partij voor Rechtvaardigheid en Ontwikkeling (PJD) verloor spectaculair van de liberale RNI (Rassemblement National des Indépendants), die 102 zetels haalde of 65 meer dan bij de vorige verkiezingen. De andere grote winnaar was de Parti de l’Istiqlal (Partij van de Onafhankelijkheid) die 81 zetels binnenrijft, een winst van 35. De PJD verloor maar liefst 112 zetels en strandt nu op amper 13.

De Marokkanen brachten voor het eerst hun stem uit sinds het begin van de coronaviruspandemie. Ondanks de opkomstcijfers die aantoonden dat bijna de helft van de Marokkanen niet stemden, waren de resultaten duidelijk: de PJD, die sinds 2011 aan de macht was, werd compleet weggestemd en speelde de controle over het parlement kwijt.

Het is echter onwaarschijnlijk dat een wisseling van de wacht grote beleidsverschuivingen inluidt in een land waar het koninklijk paleis al lang de factor baas is. Want hoewel Marokko officieel een constitutionele monarchie is, heeft het parlement niet de macht om de wil van Mohammed VI teniet te doen. De monarchie zal politieke partijen blijven controleren, de bevoegdheden van de regering en het parlement ondermijnen en zichzelf positioneren als de enige effectieve politieke instelling.

Het vermogen van Aziz Akhannouch, de grote winnaar van de verkiezingen in Marokko, wordt door zakenblad Forbes op 2 miljard dollar geschat. – Isopix

Wat er tien jaar geleden gebeurde

Maar het resultaat laat wel één ding zien: de teloorgang van islamisten in Noord-Afrika en sommige delen van het Midden-Oosten. Islamisme is een politieke ideologie die voortvloeit uit een strikte interpretatie van de islam. Islamisten schrijven alle moslims een strikt respect voor de Koran en de sharia voor, met inbegrip van de daarin opgenomen regels voor familiaal recht, en de straffen, én met voorrang van deze regels op de burgerlijke wetten. Islamisten zijn ook tegen nationalisme. De Koran is namelijk strikt tegen het egoïstische doel van nationalisme dat oorlog ziet als een manier om anderen te koloniseren, te onderwerpen en te plunderen voor nationale en raciale emancipatie.

Het islamisme genoot een sterk groeiende bijval na het politieke failliet van corrupte Arabische regimes. Na de prodemocratische protesten van de Arabische Lente in 2011 mochten veel islamistische partijen deelnemen aan verkiezingen, in sommige gevallen voor het eerst. Ze veroverden parlementszetels in sommige landen en namen de macht in andere, ook in Marokko, waar revisies door Mohammed VI de weg vrijmaakten voor de PJD om een ​​regeringscoalitie te vormen.

Maar uiteindelijk keerde het tij tegen de islamisten. In 2013 zette een staatsgreep in Egypte het Moslimbroederschap af, wat leidde tot de huidige dictatuur. Dit jaar ontbond president Kais Saied van Tunesië het parlement, dat werd gecontroleerd door gematigde islamisten, in wat veel landen omschrijven als een staatsgreep.

Buitenspel gezet door de koning

In Marokko boekten de gematigde islamisten weinig vooruitgang met hun eigen agenda, want belangrijke ministeries zoals buitenlandse zaken en industrie werden door andere, aan de koning gelieerde partijen gecontroleerd. Toen de koning van Marokko vorig jaar bijvoorbeeld besloot een deal te sluiten met Israël om de betrekkingen te normaliseren, konden islamisten daar niets tegen doen.

De meeste Marokkanen in het hele land, ongeacht hun opleidingsniveau, hebben een behoorlijk gezonde dosis politiek scepticisme en zagen dat de islamisten weinig echte macht hadden. En terwijl de pandemie door Marokko raasde, werd het koninklijk paleis gezien als de belangrijkste aanjager van noodhulpprogramma’s, terwijl politieke partijen en het parlement werden gepercipieerd als inactief en in afwachting van richtlijnen van de koning.

Het wantrouwen is niet nieuw: het kwam eerder tot uiting in lage opkomstaantallen in de afgelopen drie verkiezingen, die een opkomst van gemiddeld slechts 42 procent hadden. En deze keer dwongen pandemische beperkingen de meeste campagnes online, waardoor veel kiezers zonder internettoegang werden vervreemd.

In maart heeft Marokko zijn kieswetten herzien, waardoor onder meer de leidende partij nu een coalitieregering moeten vormen waarin meerdere partijen met verschillende ideologieën samenkomen. Voor veel Marokkanen leken die hervormingen bedoeld om de macht van de partijen om te regeren te verwateren en de hand van de koning te versterken – en dat heeft ertoe geleid dat ze woensdag niet zijn gaan stemmen. Of: de ruimte voor meningsuiting die beschikbaar is voor burgers om hun grieven te uiten is zo sterk verminderd dat de enige manier om vandaag de dag ontevredenheid te tonen zonder repercussies te ervaren neerkomt om zich te onthouden van stemmen.

Overal spectaculaire afname geloofsbeleving

Het past allemaal in een bredere trend die zich al een poos aan het aftekenen is. Mensen in het Midden-Oosten en Noord-Afrika worden minder religieus en worden steeds meer teleurgesteld door islamistische bewegingen, die de opstanden van de Arabische Lente hebben aangemoedigd en versterkt, toonde een enquête in Egypte, Tunesië, Marokko, Libië, Algerije, Jordanië, Libanon, Jemen, Irak, Soedan en de Palestijnse gebieden.

Uit het onderzoek blijkt dat sinds 2013 het aantal mensen in de regio dat zich identificeert als “niet-religieus” is gestegen van 8 naar 13 procent. De stijging is het grootst bij jongeren onder de 30, van wie 18 procent zich niet-religieus noemt. De helft van de jonge Tunesiërs, een derde van de jonge Libiërs, een kwart van de jonge Algerijnen en een vijfde van de jonge Egyptenaren zeggen dat. Alleen Jemen gaat in tegen die trend. In Libanon, waar mensen vanaf hun geboorte werden gedefinieerd door hun religie, omschrijft minder dan een kwart van de bevolking nu zichzelf als religieus.

Het vertrouwen in islamistische bewegingen en het Moslimbroederschap in het bijzonder is overal dramatisch afgenomen sinds de opstanden van de Arabische Lente. Het Moslimbroederschap is de naam van een wereldwijde soennitische islamitische politiek-religieuze beweging waartoe verschillende islamistische sociale en politieke organisaties en partijen in het Midden-Oosten gerekend worden. De Tunesische Ennahda-beweging, de islamitische partij die deel uitmaakte van de regerende coalitie in het land waar de protesten in 2011 begonnen, verloor voorafgaand aan de ontbinding van het Tunesische parlement dit jaar een kwart van haar aanhang.

Zelfs in de Palestijnse gebieden

In Jordanië is het vertrouwen in de islamisten met ongeveer 20 procent gedaald. In Soedan, waar pro-Broederschapslanden als Turkije en Qatar probeerden invloed te krijgen, ligt dat cijfer zelfs nog hoger, namelijk 25 procent. Het vertrouwen in religieuze leiders is zelf in de Palestijnse gebieden aanzienlijk gedaald – met 22 procent sinds 2012. Uit het onderzoek blijkt dat het vertrouwen in Hamas, dat de Gazastrook regeert, is gedaald van 45 naar 24 procent. Hamas, dat grote donaties ontvangt van Qatar, werd in 1987 opgericht als een uitloper van het Broederschap.

De socioloog Ronald Inglehart, auteur van het boek Religious Sudden Decline, heeft onderzoeken naar religie geanalyseerd in meer dan 100 landen, uitgevoerd tussen 1981 en 2020. Inglehart heeft geconstateerd dat snelle secularisatie een feit is in Noord-Afrika en het Midden-Oosten.

Uit een recent onderzoek onder 40.000 geïnterviewden naar de houding van Iraniërs ten opzichte van religie, bleek dat niet minder dan 47 procent aangaf “overgestapt te zijn van religieus naar niet-religieus”. 78 procent zei wel in God te geloven, maar slechts 32 procent identificeerde zichzelf als sjiitische moslims.

Lees ook:

(jvdh)

Meer
Lees meer...
Markten