Prioriteiten voor de rest van de legislatuur volgens de Vlaamse ondernemers

Met verkiezingen in mei 2024 is 2023 het laatste jaar dat de huidige regeringen nog echt iets kunnen doen. Het is in elk geval nog veel te vroeg om nu al in campagnemodus te gaan (ook al lijkt het soms dat sommigen daar al volop mee begonnen zijn). Er liggen immers nog heel wat uitdagingen te wachten waarvoor onze beleidsmakers met oplossingen moeten komen. In onze enquête van december bij 500 Vlaamse ondernemers peilden we naar de beleidsprioriteiten voor de ondernemers. Hieronder de top vijf voor de federale en voor de Vlaamse regering:

Vijf prioriteiten voor de federale regering:

1. Maatregelen om de loonstijgingen binnen de perken te houden

De stijgende loonkosten zijn al enkele maanden met voorsprong de belangrijkste zorg van de Vlaamse ondernemers voor de komende zes maanden. Terwijl die hogere loonkosten voor veel bedrijven een zware dobber worden in 2023, blijven de vakbonden actie voeren voor nog sterkere loonstijgingen. Tegen die achtergrond moet volgens de Vlaamse ondernemers het onder controle houden van die loonkosten de topprioriteit zijn voor de federale regering. Totnogtoe bleef de beleidsreactie beperkt tot een verlaging van de werkgeversbijdragen in de eerste helft van 2023 ten belope van zo’n miljard euro, maar dat staat in schril contrast met de extra jaarlijkse loonkost van 32 miljard voor alle Belgische ondernemingen samen. Bovendien zette de regering de deur op een kier voor nog een bijkomende premie bovenop de sterke loonstijging in 2023. Concrete stappen om de loonkostenontsporing binnen de perken te houden, denk maar aan een bijsturing van de indexering, dringen zich op.

2. Kerncentrales verlengen en energiebevoorrading verzekeren    

In 2022 werd pijnlijk duidelijk hoe kwetsbaar we zijn op vlak van energiezekerheid en -prijzen. Voor onze economie blijft energie uiteraard een cruciale factor, en dat is bij uitstek het geval voor onze industrie, een essentiële motor van onze welvaartscreatie. Mede dankzij het zachte weer ziet het er naar uit dat we de huidige winter doorraken, maar onze energievooruitzichten op langere termijn blijven verontrustend wankel. Een echte energiestrategie die de bevoorrading verzekert op langere termijn aan aanvaardbare prijzen blijft absoluut noodzakelijk. We hebben op dat vlak al jarenlang te veel tijd verspild.

3. De begroting op orde zetten

De toestand van onze overheidsfinanciën is vandaag dramatisch: het huidige tekort is onhoudbaar en we zijn niet voorbereid op de uitdagingen die op ons afkomen. Zonder ingrepen zal onze overheidsschuld de komende decennia ontploffen. Sommige politici lijken er nogal gerust op dat met extra belastingen, vooral op de bedrijven, alle budgettaire uitdagingen makkelijk op te lossen zijn. Dat is een grove misvatting. Net als de totale belastingdruk in ons land is ook de belastingdruk op de bedrijven al vrij hoog in vergelijking met andere landen. Daar nog een schep bovenop doen zou nefast zijn voor onze economische dynamiek. Zoals het IMF recent ook al aangaf, zijn dringend inspanningen nodig om de overheidsfinanciën terug op de rails te krijgen zonder dat de belastingdruk verhoogd wordt. Zoniet dreigen we op termijn voor zeer moeilijke beleidskeuzes komen te staan.

4. Een groeibevorderende fiscale hervorming

De minister van financiën werkt aan een eerste stap in de grote fiscale hervorming, maar wat daarover al uitlekte is niet meteen hoopgevend. Positief is dat de minister focust op een verlaging van de fiscale druk op arbeid, al heel lang een pijnpunt in onze economie. Maar dat lijkt de minister te willen financieren met allerlei extra lasten voor bedrijven (of het schrappen van bestaande belastingvoordelen). Op een moment waarop bedrijven al geconfronteerd worden met een ware kostenexplosie (energie, grondstoffen, loonkosten) en de winstmarges onder zware druk staan, is dat geen goed idee. Er is zeker nood aan een groeibevorderende fiscale hervorming, maar die krijg je niet door een groeibevorderende verlaging van de lasten op arbeid gefinancierd met een groeivernietigende verhoging van de lasten op bedrijven.

5. Maatregelen om de flexibiliteit op de arbeidsmarkt te bevorderen

In vergelijking met andere Europese landen wordt onze arbeidsmarkt gekenmerkt door een opmerkelijk gebrek aan flexibiliteit. Dat maakt het moeilijk om bepaalde activiteiten en jobs te organiseren. Een beter werkende en vooral modernere arbeidsmarkt vereist veel meer mogelijkheden om bepaalde activiteiten flexibel in te vullen. De regering meende op dat vlak al een stap te zetten met de mogelijkheid om de vijfdagenwerkweek te organiseren in vier dagen, maar dat lijkt toch vooral een vorm van flexibiliteit waarop noch werknemers, noch ondernemingen zitten te wachten. Er blijft in onze economie evenwel veel te winnen met meer flexibiliteit op het vlak van arbeidsorganisatie, arbeidsuren, …

Vijf prioriteiten voor de Vlaamse regering:

1. Kwalitatief en meer ondernemingsgericht onderwijs

Moeilijkheden om geschikte mensen te vinden, is al jarenlang een belangrijke uitdaging voor de Vlaamse ondernemingen. En volgens de demografische vooruitzichten zal die krapte op de arbeidsmarkt de komende decennia alleen nog maar erger worden. Tegelijkertijd is er een quasi-continue stroom van berichten over de afnemende kwaliteit van ons onderwijs, wat uiteraard nog extra bijdraagt tot de kwalitatieve krapte op de arbeidsmarkt. Moeilijkheden om geschikte mensen te vinden, wordt de belangrijkste hindernis voor de groeimogelijkheden van onze bedrijven. Om daar iets aan te doen, ligt uiteraard een cruciale rol weggelegd voor het onderwijs. Kwalitatief en meer ondernemingsgericht onderwijs is een essentiële sleutel voor onze toekomstige welvaartscreatie.   

2. Sneller en rechtszekerder vergunningenbeleid   

Door de aanslepende procedures, inclusief beroepsmogelijkheden, om vergunningen te krijgen, lijkt het soms alsof hier ‘niets meer mogelijk is’. De onzekerheid over die timing is een belangrijke hindernis voor de bedrijfsinvesteringen. Die staan vandaag onder druk door de economische onzekerheid, de dalende rendabiliteit en de stijgende financieringskosten, terwijl er net nood is aan een versnelling van de investeringen, o.m. voor de digitalisering en de duurzame transitie. Een sneller en rechtszekerder vergunningenbeleid zou op dat vlak soelaas kunnen bieden om een investeringsvriendelijker klimaat te creëren.

3. Werking van de VDAB verbeteren

Naast het onderwijs op langere termijn, zou de VDAB op kortere termijn een belangrijke rol moeten kunnen spelen in de aanpak van de krapte op de arbeidsmarkt. De opvolging van niet-werkenden (en dat moet breder dan enkel de werkzoekenden), hen begeleiden naar vacatures en/of opleidingen en de samenwerking met de andere regionale organisaties zou allemaal effectiever moeten kunnen. Er is ook in Vlaanderen nog altijd een aanzienlijke onbenutte arbeidsreserve, en de VDAB is een cruciale speler om die naar de arbeidsmarkt te leiden (of zou dat toch meer moeten zijn dan vandaag het geval is).

4. Kinderopvang uitbreiden

Ook de kinderopvang is een belangrijke factor in het kader van de krapte op de arbeidsmarkt. Die kinderopvang botst al langer op haar limieten, maar het wordt moeilijk om te evolueren naar een werkzaamheidsgraad van 80% als werkende ouders niet kunnen rekenen op kwalitatieve, betrouwbare en betaalbare kinderopvang. Extra investeringen in de kinderopvang is uiteindelijk ook een onderdeel van een beter werkende arbeidsmarkt. 

5. Een definitief stikstofkader

Het tijdelijke stikstofkader staat onder druk. Onderneming hebben nood aan 100% duidelijkheid en een juridisch waterdichte regeling. Zonder definitief kader dreigt op termijn een de facto vergunningenstop. Dat soort onzekerheid is nefast voor de bedrijfsinvesteringen. Een definitief stikstofkader dringt zich sowieso op, en dat kan best nog deze legislatuur geregeld worden.


Bart Van Craeynest is hoofdeconoom bij Voka en auteur van het boek ‘Terug naar de feiten’

Meer
Markten
Mijn Volglijst
Markten
BEL20