Rapport waarmee onafhankelijke jury radiodossiers moest beoordelen voor kostbare FM-licenties leest als wrange grap

Zij dronken een glas, zij deden een plas en lieten de zaak zoals zij was. Er verandert niets in het Vlaamse radiolandschap dat moest “gedynamiseerd” worden, nadat de EU had laten weten dat de eeuwige verlenging van het beperkt aantal vergunningen voor een landelijke FM-zenders niet kon.

  • De Vlaamse regering organiseerde daarop dus een ‘beauty contest’, waarbij de licenties werden opengesteld. Maar de winnaars zijn de drie bestaande zenders: de erg lucratieve Joe en Qmusic van mediamastodont DPG Media en Nostalgie van de grote concurrent Mediahuis. Achter de schermen was de druk op de politiek vanuit de grote mediabedrijven, om hun “verworven rechten” niet te moeten afstaan, enorm.
  • Dat de grote mediagroepen wonnen is niet zo heel verwonderlijk: ze bestaan al lang en hebben een behoorlijk stevig marktaandeel. Dat laatste verklaart hun waarde: de cashflow uit de zenders is meer dan netjes. Dat afnemen zou heel heftig geweest zijn: het mediabeleid in dit land spoort meer op rustige vastheid.
  • Maar de beoordeling die de onafhankelijke jury maakte (met onder meer Bert Geenen, die destijds voor DPG Media de commerciële zenders opzette, en voormalig VRT-topman Dirk Wauters als juryleden) roept toch vragen op. Want de kaper op de kust, Studio 100, kwam met een behoorlijk innovatief voorstel voor het Vlaamse medialandschap: talkradio.
  • In het voorstel van de nieuwkomers zat het concept dat minstens voor de helft zou gepraat worden op de radiozender. In andere landen helemaal geen innovatie: onder meer buurlanden Nederland en Frankrijk hebben elk nationale zenders waar bijna altijd gepraat wordt, in de VS is talkradio zelfs groter dan ooit. Maar in Vlaanderen geldt de ongeschreven wet dat om de zoveel tijd een plaat moet en zal gedraaid worden: zelfs de actualiteitzender Radio 1 is daaraan onderworpen.
  • Maar uitgerekend daarop schoot de Vlaamse jury, blijkbaar ingebed in de Vlaamse klei van klassieke denkschema’s rond media, het project van Studio 100 af:
    • Dit format heeft “een lage kans op slagen”, zo wist de jury.
    • “Radio is vaak een secundaire bezigheid, terwijl je bepaalde activiteiten doet. Een radio die de hele tijd op de voorgrond staat, strookt niet met de gangbare gebruikersbehoefte”, zo poneert men.
    • “Iets intensief beluisteren lukt alleen als je de plaats en tijd zelf mag kiezen. (…) Dat idee naar broadcast radio doortrekken is een risico”, zo stellen ze.
    • Helemaal te gek voor woorden wordt het wanneer de experts verklaren waarom bij de zuiderburen wél talkradio bestaat: “Het cultuurverschil uit zich onder meer in de breedsprakigheid van de FranstaligenZij praten veel meer en luisteren bijgevolg ook meer naar programma’s met een groot woordaandeel.”
  • Dat de jury zich dus moet beroepen op dergelijke stereotype en subjectieve stellingen, die bijgevolg lijnrecht ingaan tegen de essentie van een innovatief project: het moet pijnlijk zijn voor minister van Media Benjamin Dalle (CD&V). Die klopt zich op de borst dat het een succesvolle operatie was, waarbij hij de “dynamisering” van het landschap ziet in het feit dat de bestaande zenders nu verplicht waren hun plannen af te stoffen en onder meer een digitale strategie te schrijven.
  • En passant sloot Dalle ook een andere discussie: de VRT zal geen van haar FM-licenties, met name die van Klara, moeten afstaan. “Dat zal niet gebeuren onder mijn ministerschap”, zo stelde hij ferm in het Vlaams Parlement.
  • Het feit dat de openbare omroep vijf landelijke licenties vasthoudt, ligt achter de schermen wel degelijk fel onder vuur. Open Vld haalde het ook aan in het debat in het Vlaams Parlement gisteren: het moet een optie zijn om één van die licenties vrij te maken. Vlaams Belang sloot zich daarbij aan. Maar Dalle deed de deur dus bijzonder ferm dicht. 
Meer
Markten
Mijn Volglijst
Markten
BEL20