België overschreed afgelopen december een symbolische kaap: voor het eerst in de EU lagen de inschrijvingen van 100% elektrische auto’s in één maand hoger dan die van welke andere motorisatie ook. Een dynamiek die uiteraard zal aanhouden, zeker in België, gezien er geen fiscale voordelen meer zijn voor verbrandingsmotoren.
Op het eerste gezicht zouden deze met deze omwenteling ook de overheidsinkomsten uit brandstoffen automatisch afzwakken. Elke kilowattuur vervangt immers een belaste liter. Maar de cijfers vertellen een heel ander verhaal.
Nog altijd evenveel liters
In België bestaat meer dan de helft van de prijs die de automobilist aan de pomp betaalt uit belastingen. Alles samen (accijnzen en btw) strijkt de staat systematisch het grootste deel op van elke verkochte liter, of het nu om benzine of diesel gaat.
Het resultaat: in 2025 brachten de brandstofaccijnzen de federale staat meer dan 6,16 miljard euro op. Dat is een historisch record en zelfs een lichte stijging ten opzichte van 2024, rekening houdend met de correcties en terugbetalingen voor professionele diesel.
Hoewel de opkomst van de geëlektrificeerde auto deed vermoeden dat het aantal verbruikte liters zou dalen, is dat niet het geval. De verklaring? Sinds 2020 zijn er in België meer dan een miljoen dieselwagens minder. Die daling leidde echter niet tot een evenredige val in het totale brandstofverbruik, omdat consumenten massaal zijn overgestapt op benzine (met bijna 300.000 extra auto's in die periode). Bij een vergelijkbaar aantal kilometers verbruikt een benzinemotor nu eenmaal meer dan een diesel. De overstap van de ene naar de andere zorgt dus voor frequentere bezoeken aan de pomp. Het is dan ook niet verwonderlijk dat het aantal verbrande liters stabiel blijft of zelfs stijgt, temeer omdat het goederenvervoer groeit door de aanhoudende opmars van e-commerce.
De cijfers bevestigen dit: op tien jaar tijd is het jaarlijkse dieselverbruik met meer dan 20% gedaald, terwijl dat van benzine meer dan verdubbeld is. In totaal blijft het globale volume aan verkochte brandstoffen opmerkelijk stabiel: meer dan 10 miljard liter per jaar, oftewel ruim 28 miljoen liter per dag.
En de elektrische auto's?
Hoewel de Belgische staat momenteel miljarden int via accijnzen op benzine en diesel, ontsnappen elektrische voertuigen uiteraard niet aan de fiscus. Elektriciteit is namelijk onderworpen aan indirecte belastingen: sinds de invoering van de federale hervorming van de energie-fiscaliteit betalen gezinnen en bedrijven accijnzen op basis van hun verbruik. Deze hervorming, die de blijvende btw-verlaging naar 6% op elektriciteit deels moet compenseren, hanteert een tarief van 50,33 euro per megawattuur (MWh) zolang de marktprijzen onder bepaalde drempels blijven. Volgens Test Aankoop komt dit neer op ongeveer 0,050 euro per kilowattuur (kWh) verbruikte elektriciteit (excl. btw).
Om de bijdrage van elektrische auto's concreet te maken (puur op basis van accijnzen), volstaan enkele cijfers. Uitgaande van een redelijk gemiddelde van 10.000 km per jaar en een verbruik van 17 kWh/100 km, verbruikt een auto jaarlijks 1.700 kWh. Met het accijnstarief van 0,05033 euro per kWh levert dit de staat per auto 85,56 euro aan accijnzen op (1.700 kWh × 0,05033 euro), nog zonder de btw op de energienota.
Vergeleken met de honderden euro's aan accijnzen die eigenaars van brandstofmotoren betalen voor hetzelfde aantal kilometers, lijkt dit bedrag bescheiden. Toch wordt de bijdrage aanzienlijk als we kijken naar het hele Belgische elektrische wagenpark. In 2025 reden er in België ongeveer 395.000 volledig elektrische auto's rond. Door de gemiddelde accijnsopbrengst per voertuig te vermenigvuldigen met dit aantal, komen we uit op een collectieve fiscale bijdrage van ongeveer 33,8 miljoen euro per jaar, enkel uit het elektriciteitsverbruik van deze wagens. Dit is bovendien een ondergrens, aangezien het verbruik of het aantal kilometers hoger kan liggen en er ook laadverliezen (ongeveer 20%) optreden tijdens het laden. Hoewel de directe fiscaliteit op elektrisch laden nog lang niet het niveau van fossiele brandstoffen haalt, is het toch een groeiende bron van inkomsten voor de staat. En dit zal enkel toenemen, zeker omdat er aanwijzingen zijn dat elektriciteit voor het laden van auto's in de toekomst wel eens zwaarder belast zou kunnen worden dan de stroom voor de vaatwasser of de televisie.
Na de accijnzen komt de koolstoftaks
Op de middellange termijn zal de elektrificatie van het wagenpark deze fiscale goudmijn uiteindelijk toch aantasten. Volgens projecties van het Planbureau zou het verlies tegen 2030 kunnen oplopen tot 1,5 miljard euro per jaar.
Maar de overheid loopt altijd een stap voor. De Europese Unie heeft de opvolging al klaargestoomd. Vanaf 2027 voert het nieuwe ETS2-mechanisme een carbontaks in voor wegbrandstoffen. Leveranciers zullen emissierechten moeten kopen, een kost die onvermijdelijk gaat worden doorgerekend aan de pomp. Schattingen spreken van een gemiddelde extra kost van ongeveer 150 euro per jaar per automobilist. Dankzij deze verhoging kan de staat via de btw een deel van de inkomsten recupereren die anders zouden verdwijnen.

