In Edingen verkent de meerderheid een tot nu toe weinig bewandeld pad in België. De gemeenteraad heeft namelijk het principe goedgekeurd van een nieuwe belasting op energie-infrastructuur op haar grondgebied. Het mechanisme is eenvoudig: elke energieaansluiting voor klanten krijgt een jaarlijkse heffing van maar liefst 1.000 euro.
De maatregel is gericht op klassieke tankstations, maar – en dat leidt tot discussie – ook op laadpalen voor elektrische voertuigen die bij die tankstations staan. Waarom? Volgens de lokale meerderheid is het een kwestie van overleven. Het is in de eerste plaats de bedoeling om de burger te vrijwaren van extra fiscale druk door in plaats daarvan bedrijven aan te spreken. Het is intussen geen geheim meer dat heel wat gemeenten budgettair diep in het rood zitten. Ze kampen met een hele resem kosten die voortvloeien uit hervormingen op federaal en gewestelijk niveau. Ze hebben dus weinig keuze: om een faillissement te vermijden, moeten de belastingen omhoog.
Ook laadpalen vallen onder de maatregel
Toch blijft het een opvallende beslissing. Door ook laadpalen voor elektrische auto’s te belasten, dreigt het laden nog duurder te worden, terwijl publieke laadpunten vandaag al fors geprijsd zijn. Het lijkt logisch dat de exploitanten die extra kosten zullen doorrekenen aan de gebruikers, zoals dat altijd gebeurt. Maar de lokale politici van Edingen blijven bij hun standpunt: volgens hen moet elektriciteit voor mobiliteit worden gezien als een brandstof, net zoals benzine of diesel, zodra die tegen betaling aan klanten geleverd wordt.
Die interpretatie is wel nog niet definitief goedgekeurd. De gemeente heeft het advies gevraagd van de bevoegde gewestminister om zeker te zijn dat deze uitbreiding van het belastingkader juridisch toelaatbaar is. Zolang er geen formeel antwoord komt, blijft de maatregel afhankelijk van goedkeuring door het gewestelijk toezicht.
Maar de aanpak roept vragen op. Dreigt deze gemeente, door zo te handelen, geen extra hindernis op te werpen voor elektrische auto’s en dus voor de verkoopgroei? Die vraag mag zeker gesteld worden, net als die naar de billijkheid voor automobilisten. Wie thuis geen laadpunt heeft, wordt op die manier duidelijk benadeeld.
Particulieren ook geviseerd?
Het risico op dat onevenwicht werd alvast genuanceerd door de meerderheid: particulieren met een eigen laadpaal vallen niet onder de maatregel. Laadpalen die thuis staan of gratis ter beschikking worden gesteld, vallen buiten deze belasting. De bedoeling is duidelijk: de belasting is uitsluitend gericht op bedrijven die commerciële laadoplossingen uitbaten en daar inkomsten uit halen.
Tussen de lijnen door lees je ook dat deze beslissing een vorm van strategische anticipatie betekent. Naarmate het wagenpark verder elektrificeert, zullen de inkomsten uit fossiele brandstoffen onvermijdelijk opdrogen, net als de traditionele tankstations die geleidelijk verdwijnen. Door laadpalen nu al op te nemen in het fiscale kader, werkt Edingen aan een duurzaam inkomstenmodel. Dat is geen toevallige beslissing.

