5G lijkt geen tijd te krijgen om zich te vestigen als dé standaard voor autoconnectiviteit. Ondanks de snelle uitrol blijven er nog steeds blinde vlekken, vooral in landelijke en bergachtige gebieden. Voor de auto-industrie zijn die “gaten” meer dan een ongemak, ze bedreigen de continuïteit van cruciale functies, van realtime navigatie tot autonome rijhulpsystemen. En eerlijk is eerlijk: 5G maakt zijn beloften niet waar. Deze werd aangekondigd onder het mom van geen vertraging, maar in de praktijk blijft die gewoon bestaan. En soms gebeurt er simpelweg niets, zelfs met een 5G-logo op het scherm dat zogezegd een sterke verbinding aangeeft.
BMW, Stellantis en Geely lopen voorop in een onstuitbare evolutie: de integratie van satellietnetwerken in geconnecteerde voertuigen. Volgens ABI Research zullen tegen 2034 bijna 30 miljoen voertuigen over zo’n verbinding beschikken — een markt die vanaf 2027 jaarlijks met meer dan 30% groeit.
Inzetten op ‘niet-terrestrisch’
Bij BMW – net als bij andere automerken – is connectiviteit allang geen extraatje meer, maar pure noodzaak voor het functioneren. En met reden: navigatie, realtime verkeersinformatie, software-updates en diensten op afstand vereisen een constante verbinding met de cloud.
Het probleem? 5G dekt nog steeds niet het volledige terrein. Daarom werkt BMW samen met partners als Qualcomm, Viasat en Skylo om toekomstige modellen te verbinden met satellieten in een lage baan om de aarde. Deze hybride aanpak, die aardse en satellietnetwerken combineert, moet één ding garanderen: altijd online zijn, zelfs in de meest afgelegen uithoeken.
In mei demonstreerde de 5G Automotive Association (5GAA), samen met BMW en Stellantis, het volledige potentieel van satellietconnectiviteit. Voor het eerst communiceerden voertuigen op de openbare weg via een zogenaamd “niet-terrestrisch” netwerk, waarmee ze noodwaarschuwingen en gevarenmeldingen konden verzenden.
Stellantis toonde daarbij mooi aan hoe satelliet- en mobiele netwerken elkaar kunnen aanvullen. Volgens de huidige planning worden de eerste grootschalige commerciële toepassingen verwacht vanaf 2027. Tegen die tijd moeten fabrikanten en toeleveranciers echter nog enkele hordes nemen, vooral rond de standaardisering van onderdelen en de certificering van halfgeleiders, een proces dat wel vier jaar kan duren.
Geely heeft zijn eigen constellatie
In China heeft de Geely-groep, het moederbedrijf van Volvo, Polestar en Zeekr, al een stevige voorsprong genomen. Dochterbedrijf Geespace lanceerde inmiddels elf satellieten, de eerste bouwstenen van de Geesatcom-constellatie. Het doel: ervoor zorgen dat modellen zoals de Zeekr 007 en 001 FR verbonden blijven, zelfs buiten het bereik van mobiele netwerken. Zo positioneert Geely zich in dezelfde arena als Tesla (Starlink), Amazon (Kuiper), OneWeb (Eutelsat) en IRIS², het Europese publiek-private satellietproject.
Deze infrastructuur moet rijhulpsystemen versterken en de veiligheid verhogen — zowel voor particuliere bestuurders als voor commerciële wagenparken. Tegelijk werkt Geely aan nieuwe toepassingen die profiteren van die constante verbinding: directe communicatie, slimmere navigatie en onafgebroken multimediadiensten.
Hybride en intelligente toekomst
Op termijn wordt satellietconnectiviteit een sleutelelement van het ‘software-defined vehicle’. Volgens experts effent dit de weg voor geavanceerde functies zoals spraak- en videogesprekken in afgelegen gebieden, voorspellend onderhoud en autonoom rijden op basis van realtime analyses van weg- en weersomstandigheden.
Dankzij edge computing (lokale analyse) kunnen gegevens bovendien dichter bij het voertuig worden verwerkt, wat de latentie drastisch verlaagt. Het resultaat: bliksemsnelle beslissingen — essentieel voor de betrouwbaarheid van autonome systemen.
Binnen vijf tot tien jaar zal satellietconnectiviteit naar verwachting onlosmakelijk deel uitmaken van elk modern auto-ecosysteem. Vaarwel 5G dus… en misschien straks ook voor onze telefoons.

