Macro-economische impact van paaspauze bleef beperkt

Bron: Daina Le Lardic- Isopix

Het omzetverlies van de Belgische ondernemingen als gevolg van de coronacrisis is ondanks de paaspauze slechts licht toegenomen, van 9 procent in maart tot 10 procent in april. Dat blijkt dinsdag uit de maandelijkse enquête van de Economic Risk Management Group (ERMG), opgericht bij de Nationale Bank. Het omzetverlies is opnieuw duidelijk hoger in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (14 procent)

Terwijl voor de meeste bedrijfstakken de omzet relatief stabiel bleef, steeg het omzetverlies wel sterk voor de niet-medische contactberoepen en de niet¿voedingswinkels, van 38 procent en 16 procent in de enquête van maart tot respectievelijk 84 procent en 23 procent in die van april.

Zij hadden beide dus wel te lijden onder de aanscherping van de beperkende maatregelen tijdens de paaspauze. In de andere bedrijfstakken, waarvoor de beperkende maatregelen ongewijzigd bleven, is het omzetverlies sinds de vorige enquête relatief weinig veranderd, luidt het. Zo blijft het omzetverlies heel groot voor de reisbureaus (93 procent), de sector kunst, amusement en recreatie (80 procent), de horeca (67 procent) en het wegvervoer van personen (41 procent).

De andere sectoren schommelen eerder rond het nationale gemiddelde. De verwachtingen ten aanzien van de omzet voor 2021 en 2022 blijven overwegend stabiel, blijkt voorts uit de enquête.