Hoe zou het nog zijn met de Facebook-advertentieboycot?

Afgelopen zomer haalden verschillende prominente adverteerders hun reclame op Facebook en Instagram weg. Onder de noemer #stophateforprofit moest dat een aanklacht voorstellen tegen de manier waar het sociale netwerk van Mark Zuckerberg met ‘fake news’ en haatberichten omgaat. Enkele maanden later blijft er van dat industrieel engagement nog maar weinig over.

Facebook heeft namelijk een van zijn grootste klanten opnieuw kunnen overtuigen van zijn goede bedoelingen.

Eind vorige week maakt Unilever bekend dat het de Facebookboycot zou staken. In juni haalde het voedings- en consumentengoederenconcern al zijn reclamecampagnes van het sociale medium weg, vanwege de ‘gepolariseerde atmosfeer in de Verenigde Staten’. Volgens het bedrijf zouden advertenties op Facebook op dat moment ‘geen waarde toevoegen aan mens of maatschappij’.

Storm in een glas water

Maar de grote concurrent van Nestlé ziet er nu geen graten meer in om het populairste sociale netwerk ter wereld opnieuw te gebruiken om zijn producten aan de man te brengen. ‘We verwelkomen de engagementen die de platforms zijn aangegaan om een gezondere omgeving te creëren voor consumenten, merken en voor de samenleving’, zegt Luis Di Como, marketingbons bij Unilever, in een verklaring. Hij voegt daar aan toe dat het bedrijf ‘zijn standpunt daaromtrent constant zal herevalueren’.

De terugkeer Unilever is de kroniek van een aangekondigde dood, van een boycot die zeer snel irrelevant werd. De actie werd midden juli opgestart door een aantal Amerikaanse burgerrechtenorganisaties. Onder hen de Anti-Defamation League en de NAACP (National Association for the Advancement of Colored People). Zij introduceerden de hashtag #stophateforprofit om marketeers ervan te overtuigen niet langer reclame te plaatsen op Facebook. De directe aanleiding was dat Zuckerberg de leugens en haatzaaierij in de Facebookberichten van president Trump ongemoeid liet.

Ondanks tientallen belangrijke adverteerders voor miljoenen aan reclamecampagnes weghaalden van het sociale netwerk, was het voor Facebook een storm in een glas water. Zoals The New York Times aantoont veroorzaakte het nauwelijks een rimpeling in de inkomsten van het platform.

Veranderingen doorgevoerd

Unilever stelt opnieuw op Facebook te kunnen adverteren omdat het platform ‘nieuwe engagementen’ is aangegaan. En er zijn effectief veranderingen doorgevoerd. Zo is holocaustontkenning niet meer toegelaten op het netwerk, net als groepen die gelinkt worden aan de complottheorie Qanon. Het bedrijf werd wat transparanter over hoe algoritmes haatberichten neerhalen. Ook loopt er een intern programma om te verhinderen dat content van kleinere Facebookgroepen onterecht gelabeld wordt als haatberichten door de algoritmes.

Gerommel in de marge volgens verschillende activistengroepen, bovendien is Facebook allesbehalve gezuiverd van haatzaaierij.

Toch volstond het voor de meeste adverteerders.

Techwebsite Digiday stelde vast dat heel wat adverteerders sindsdien hun weg teruggevonden hebben naar het populaire sociale medium. Velen van hen zelfs voor de veranderingen doorgevoerd werden. Van de zestig belangrijkste merken die intekenden op de boycot, waren er vorige week nog maar 10 die eraan vasthielden. Nu ook Unilever met hangende pootjes opnieuw terugkeerde, kunnen we stellen dat #stophateforprofit een stille dood gestorven is.

Meer
Markten
Mijn Volglijst
Markten
BEL20