Bank of England: “Britse banken niet langer ‘too big to fail’”

De centrale bank van het Verenigd Koninkrijk is tevreden over de maatregelen die kredietverstrekkers in het land hebben genomen om ervoor te zorgen dat zij in een toekomstige crisis niet langer “too big to fail” (te groot om failliet te gaan) zijn. Toch heeft de financiële instelling bij drie grootbanken nog tekortkomingen vastgesteld.

Waarom is dit belangrijk?

Banken die zó groot zijn dat de overheid niet kan toestaan dat ze "omvallen", dus failliet gaan, zijn “too big too fail”. Een faillissement zou immers te grote consequenties hebben voor de goede werking van het financieel systeem. Dit geldt in de eerste plaats voor grote consumentenbanken; als een dergelijke instelling omkiept, raken heel veel spaarders hun spaargeld kwijt.

Bijna 14 jaar na de financiële crisis die tot een ineenstorting van het banksysteem dreigde te leiden en die enorme reddingsoperaties door de belastingbetaler tot gevolg had, heeft de Bank of England (BoE) haar eerste evaluatie over de manier waarop kredietverstrekkers zo’n crisis het hoofd kunnen bieden, openbaar gemaakt.

De centrale bank stelde vast dat zelfs indien een grote Britse kredietverstrekker zou omvallen, de klanten toegang tot hun rekeningen zouden hebben en dat de banken in het algemeen hun diensten normaal zouden kunnen blijven verlenen. Dat bericht onder meer The Guardian.

Een andere bevinding was dat aandeelhouders en investeerders – en niet de belastingbetalers – de eersten zouden zijn om de verliezen van de banken te dekken en ervoor te zorgen dat zij over voldoende kapitaal beschikken om nog te functioneren.

Tekortkomingen

De BoE waarschuwde er echter voor dat sommige van de grootbanken “nog verdere hervormingen moeten doorvoeren” om de chaos te vermijden die ontstond na de financiële crisis van 2008. Toen was de Britse regering gedwongen om 137 miljard pond (een slordige 160 miljard euro) aan belastinggeld uit te geven om het banksysteem te stabiliseren. Ter vergelijking: bij ons bedroeg de reddingoperatie van BNP, KBC, Belfius, Dexia en Ethias zo’n 28 miljard euro; tegenwoordig zou dat zo’n 5 procent van het bbp behelzen.

De Britse centrale bank zei dat drie kredietverstrekkers – HSBC, Lloyds en Standard Chartered – tekortkomingen moesten aanpakken die anders hun vermogen om veilig failliet te gaan “onnodig zouden bemoeilijken”. Geen van de drie kredietverstrekkers bleek over voldoende financiële middelen, of over de juiste gegevens terzake, te beschikken om ervoor te zorgen dat zij verliezen kunnen opvangen zonder een beroep te moeten doen op overheidsgeld.

Er werd ook bezorgdheid geuit bij de vraag of HSBC het bedrijf naar behoren kon herstructureren op een wijze die zou garanderen dat nog diensten werden verleend terwijl de autoriteiten hielpen bij de afbouw van de kredietverlener. Standard Chartered werd er ook op gewezen niet alle herstructureringsopties te hebben aangegeven die de bank tot haar beschikking had.

De kredietverstrekkers hebben tot 2024 – wanneer de volgende beoordeling plaatsvindt – de tijd om de tekorten aan te pakken. De andere kredietverstrekkers die bij de herziening betrokken waren, waren Barclays, NatWest, Nationwide, Santander UK en Virgin Money UK.

“Complexe uitdaging”

“Het veilig afwikkelen van een grote bank zal altijd een complexe uitdaging zijn, dus het is belangrijk dat zowel wij als de grote banken prioriteit blijven geven aan het werk aan deze kwestie”, zei Dave Ramsden, vice-gouverneur voor markten en bankwezen bij de BoE.

De BoE heeft de bevoegdheid om kredietverstrekkers te dwingen structurele veranderingen door te voeren indien zij van oordeel is dat er belemmeringen zijn voor een snelle en ordelijke sluiting.

(mah)

Meer
Markten
Mijn Volglijst
Markten
BEL20