Amerikaanse inheemse gemeenschappen moeten het vaakst met fijnstof afrekenen

In de Verenigde Staten worden inheemse gemeenschappen onevenredig vaak met luchtvervuiling geconfronteerd. Dat is de boodschap van een onderzoek door wetenschappers van de Mailman School of Public Health aan de Columbia University, gebaseerd over een analyse van de concentraties fijnstof in meer dan 3.100 Amerikaanse regio’s tijdens de eerste twee decennia van deze eeuw.

De onderzoekers beklemtonen dat de resultaten van hun studie een bevestiging vormen van vaststellingen die eerder al anekdotisch naar voor kwamen.

Platteland

“Hoewel de luchtvervuiling in de Verenigde Staten de voorbije twee decennia gestaag is afgenomen, zijn die voordelen niet gelijkmatig verdeeld”, merkt onderzoeksleider Maggie Li, specialist volksgezondheid aan de Columbia University, op.

“Onze analyse toont immers dat territoria van inheemse Amerikaanse gemeenschappen deze algemene trend niet hebben bijgehouden. Dit betekent in de praktijk dat een toenemende last van gevaarlijke luchtverontreinigende stoffen op de leden van deze inheemse gemeenschappen weegt.”

De onderzoekers wijzen erop dat eerdere research al uitwees dat in stedelijke gebieden etnische bevolkingsgroepen met een onevenredig hoge blootstelling aan luchtvervuiling werden geconfronteerd. “Over de situatie in dunbevolkte gebieden op het Amerikaanse platteland, met inbegrip van territoria van inheemse gemeenschappen, was tot nu toe echter veel minder bekend”, merkt Li op.

“Er was al wel gemeld dat in de buurt van deze gemeenschappen vaker industriële infrastructuur of de ontginning van olie en gas konden worden teruggevonden. Maar er waren geen uitgebreide analyses van luchtvervuiling beschikbaar.”

Ommekeer

Li wijst erop dat de territoria van de inheemse gemeenschappen begin deze eeuw minder concentraties fijnstof vertoonden dan andere locaties in de Verenigde Staten. Daarbij werd in gebieden van inheemse gemeenschappen gemiddeld per kubieke meter 1,46 microgram minder fijnstof gemeten dan in andere regio’s.

Maar die situatie is de voorbije twee decennia omgekeerd. De aanwezigheid van fijnstof nam daarbij in het algemeen af, maar bij de inheemse gemeenschappen kon die verbetering niet worden vastgesteld.

“Midden vorig decennium vertoonden de gebieden van de inheemse gemeenschappen al hogere concentraties fijnstof dan andere meetpunten in de Verenigde Staten”, merkt Li nog op. “Vier jaar geleden was dat verschil al tot gemiddeld 0,66 microgram per kubieke meter opgelopen.”

“De gegevens bevestigen de aanhoudende klachten van activisten en gemeenschapsleiders”, betoogt Li. “Zij voeren al lang aan dat hun gemeenschappen door luchtvervuiling zwaarder worden getroffen dan andere regio’s in de Verenigde Staten.”

Ozonsmog

Een rapport van de Clean Air Task Force gaf eerder ook al te kennen dat inheemse gemeenschappen het vaakst het risico lopen om binnen een straal van een halve mijl met installaties voor de winning van olie en gas te worden geconfronteerd.

“Daardoor wordt de bevolking blootgesteld aan een toxische ozonsmog, die de volksgezondheid ondermijnt”, luidde het oordeel. “Inheemse gemeenschappen moeten dan ook vaker afrekenen met gezondheidsproblemen zoals astma, diabetes, hartaandoeningen en chronische longaandoeningen.”

Onderzoek heeft tevens uitgewezen dat een langdurige blootstelling aan hoge concentraties fijnstof de levensverwachting voor een gemiddeld persoon met 2,2 jaar kan verlagen.

“Om de impact van de luchtvervuiling te kunnen onderzoeken, moet echter eerst onderzoek naar de lokale luchtkwaliteit worden uitgevoerd”, merkt Li nog op. “De National Tribal Air Association voert echter aan dat voor dergelijke metingen onvoldoende financiële middelen ter beschikking worden gesteld. Er moet dan ook dringend inspanningen worden gedaan om die budgetten op te voeren.”

(fjc)

Meer
Markten
Mijn Volglijst
Markten
BEL20