20 jaar geleden introduceerden 11 landen de euro. Voor 1 daarvan waren de gevolgen dramatisch

De meeste landen die twintig jaar geleden als eersten tot de eurozone toetraden, hebben sindsdien economisch relatief goede prestaties laten optekenen. Italië blijkt daarop echter de grote uitzondering te zijn. Het land blijft moeilijkheden ervaren om zijn economie op het goede spoor te krijgen. Dat zeggen Alessandro Speciale en Chiara Albanese, journalisten bij het persbureau Bloomberg.

Bij het begin van het nieuwe jaar is het exact twee decennia geleden dat Duitsland, Oostenrijk, België, Spanje, Finland, Frankrijk, Ierland, Italië, Luxemburg, Nederland en Portugal als eerste lidstaten van de Europese Unie de euro introduceerden.

Debat

“In het algemeen is de eenheidsmunt voor de meeste oprichters van de eurozone een goede zaak gebleken,” betogen Speciale en Albanese. “Italië blijkt zich echter nooit van de overgang naar de eurozone te hebben hersteld. Gezien de economische moeilijkheden waarin het land verkeert, blijft het debat over de baten van de euro dan ook verder woeden.”

“Italië moet dan ook afrekenen met grote economische problemen. De schuldenlast bedraagt inmiddels 132 procent van het bruto binnenlandse product, gekoppeld aan een sterk vergrijzende bevolking, een zware corruptie en grote bureaucratie, een lage productiviteit en een gebrek aan infrastructuurinvesteringen.”

“In Spanje, dat nochtans een van de hoogste werkloosheidscijfers in de Europese Unie heeft, is de economie sinds de introductie van de euro vier keer sneller gegroeid dan in Italië,” zeggen Speciale en Albanese. “Zelfs Frankrijk, dat vaak nochtans een afkeer van hervormingen toont, heeft het beter gedaan dan zijn transalpijnse buur.”

“Sommige analisten betogen echter dat de eenheidsmunt de oude zwakheden van Italië heeft versterkt, terwijl tegelijkertijd de lokale politici minder manoeuvreerruimte kregen om voor de problemen oplossingen te vinden. Ook Mario Draghi, president van de Europese Centrale Bank (ECB), betoogde recent dat Italië al lang voor de introductie van de euro zware economische problemen kende.”

Productiviteit

Marco Valli, hoofdeconoom van de Italiaanse bank UniCredit, getuigde eveneens dat het land al in de jaren tachtig en negentig boven zijn stand leefde, maar dankzij devaluaties zijn economie concurrerend kon houden. Het begin van de eenentwintigste eeuw werd echter gekenmerkt door de intrede van Chinese rivalen, die de concurrentiële voordelen van Italiaanse fabrieken uitholden.

Door de overschakeling naar de euro hadden de Italiaanse politici echter het belangrijkste wapen – de devaluatie van de lire – verloren dat ze tot dan toe ter beschikking hadden gehad om dat soort problemen op te lossen.

“Wel kon worden gemeld dat de euro het beleggersvertrouwen heeft gestimuleerd, waardoor de rente is verlaagd,” opperen Speciale en Albanese. “Hierdoor kon de Italiaanse overheidsschuld over een periode van één jaar met 20 miljard euro worden verminderd, waardoor ook goedkopere kredieten konden worden opgenomen.”

“Italië heeft echter nagelaten om van die mogelijkheid gebruik te maken om zijn balansen te verbeteren. De Italiaanse leiders gaven er daarentegen de voorkeur aan om verder te investeren. Daardoor is Italië na Griekenland het land met de grootste schuldenlast van de eurozone geworden. De Italiaanse banken slaagden er evenmin in zich gevoelig te versterken.”

“De echte achilleshiel van Italië is echter het gebrek aan productiviteitsgroei,” zeggen Speciale en Albanese. “Ook Italiaanse bedrijven hebben na de introductie van de euro weliswaar belangrijke investeringen laten optekenen, maar dat is niet voldoende gebleken om de erosie van hun productiviteit tegen te gaan.”

“Het probleem moet volgens een aantal analisten worden toegeschreven aan een gebrek aan flexibiliteit op de arbeidsmarkt, de buitensporige omvang van de publieke sector, het cliëntelisme, de beperkte investeringen in het onderwijs en de bescheiden omvang van de Italiaanse bedrijven. Anderzijds moet worden gezegd dat deze handicaps al voor de komst van de euro bestonden.”

Speciale en Albanese wijzen er op dat de euro Italië ook de kans heeft geboden in een aantal sectoren progressie te boeken. “De banken hebben hun schulden kunnen verminderen en de export is toegenomen,” benadrukken ze. “Het land kon de voorbije vijf jaar bovendien meer dan één miljoen banen creëren en heeft ook zijn concurrentiekracht kunnen versterken.”

In een recente enquête getuigde 57 procent van de Italianen van mening te zijn dat de eenheidsmunt voor hun land een goede zaak is geweest, tegenover slechts 45 procent vorig jaar.

Meer
Markten
Mijn Volglijst
Markten
BEL20